'n speelplekke vo de prachtvinken


De dornastrilde

Neochmia temporalis - Dornastrilde - Diamant a cinq couleur - Red-browed finch - Dornastrild

De dornastrilde is wederom een Australische grasvink met opvallend mooie rode tinten aan de stuit en boven het oog. Het is een zeer sociale en actieve vogel, die iets dominanter is maar niet onmiddelijk storend. De bewegingen leunen dicht aan bij die van de kleine Afrikaanse soorten; zeer beweeglijk en haast nooit stilzittend.

Ze eten een exotenzaadmengeling voorzien van extra platzaad en in de zomer verse halfrijpe graszaden. Apart beschikken ze ook over onkruidzaden. Elke dag krijgen ze eivoer, aangevuld met diepvries pinkies en buffalowormpjes. Daar naast zijn ze ook gek op levende buffalowormen, fruitvliegjes en miereneitjes. Als groenvoer krijgen ze komkommer, vogelmuur of kiemzaad.

Het mannetje is een fervent nestbouwer, zowel voor slaap als broednesten, en gebruikt daar alles wat voor handen is, zoals cocosvezel, gedroogde grassen, haren, touwtjes,... alles binnenin afgewerkt met veertjes en andere zachte materialen. De pop broed steeds zeer vast en wordt maar sporadisch afgelost door het mannetje. De jongen hebben nood aan dierlijk voer.

Ik ervaar ze als sterke rakkers die heel nieuwsgierig zijn. Ze zijn steeds als eerste bij de voedertafel en hebben de neiging om steeds hun favoriete kostje, de insecten eruit te vissen.

Mijn belevenissen met deze soort

In de winter 2007 kon ik bij een uitstekend goulamadine kweker, 10 dornastrildes aanschaffen. Het ging om 2 kweekkoppels en 6 jonge exemplaren zo goed als op kleur. Ze werden in een onverwarmde ruimte in vluchten ondergebracht om aan de nieuwe omstandigheden te acclimatiseren. Enkele vogels toonden wat conditieverlies te zien aan een doffer verenpak, waar vooral de rode oogstreep en stuit aan intensiteit inboette. Bij de 6 jonge exemplaren zaten 2 mannen en 4 poppen, dus kon het kweekseizoen van start gaan met 4-6 dornastrildes (jonge en overjarige), allen met een verschillende kleurring, om koppels te kunnen noteren.


Het verschil tussen man en pop is hier duidelijk te zien.
De man (rechts) is staalgrijs van kleur, terwijl de pop (links) een bruinachtig grijs verenpak laat zien.

In de lente, wanneer de temperaturen s'nachts niet onder de 10 graden ging, werden ze in de voliere geintroduceerd. Onmiddelijk eisten ze hun plaats op en zijn nogal dominant aanwezig rond de voederplaats, gelukkig zonder echt de andere soorten daar weg te houden! In kolonie voelen ze zich prima en er zijn haast geen schermutselingen. 1 van de overjarige mannen stierf nadat hij in uitstekende conditie aan een nest begonnen was. Na vrije koppeling wordt 1 koppel in een andere vlucht geplaatst om de kans op broedresultaten te vergroten en dus bestond de verder kolonie uit 2 mannen en 5 poppen.


Ze leven in harmonie, zowel met elkaar als met andere soorten!

Elke ochtend bij het brengen van vers eivoer zijn ze als eerste om er snel de diepvries pinkies en buffalowormen er uit te vissen. Op insectenvoer zijn ze dus werkelijk verzot. Intussen had 1 koppel al een legsel van 6 eitjes waarvan 1 bevrucht, 1 afgestorven en 4 onbevrucht. Ik ben benieuwd hoe het kweekseizoen verder zal verlopen en of ik gelijk een natuurbroed succes zal hebben?!


Het eivoer met diepvries pinkies en buffalowormen.




Nog enkele foto's


Een jonge dornastrilde man



En een jonge dornastrilde pop. Het geslachtsonderscheid valt dus duidelijk te maken op zicht.


Het zijn handige vogels maar verkiezen toch een stevig houvast.
Een bamboenest zoals op de achtergrond geniet ook de voorkeur als nest.


Hopelijk sterven er geen mannen meer en kunnen ze met beide de 5 popjes aan?
We zullen zien hoe sterk er paarvorming is!


Ze zitten graag in het groen, maar meestal zijn ze op de open plekken te vinden.


Create a free website at Webs.com