startpagina geeft u nieuws en informatie over alle financiele producten. Bij startpagina kunt u vrijblijvend een offerte aanvragen of online een verzekering afsluiten
Bij startpagina kunt u onder ondere informatie krijgen over:
startpagina verzekeringen geeft u nieuws en informatie over alle financiele producten. Bij onskunt u vrijblijvend een offerte aanvragen of online een verzekering afsluiten
startpagina verzekeringen biedt u ook de mogelijkheid om informatie te zoeken per zoekwoord:
Iedereen die een krediet af wil sluiten of ooit afgesloten heeft, krijgt te maken met het BKR. Vaak merkt u hier overigens niets van.
Wat is het BKR eigenlijk? Wat doen ze? Wat zijn uw rechten en plichten? En, heel belangrijk, wie mag uw gegevens inzien?
Hier vindt u de antwoorden op de volgende vragen:
Over welke gegevens beschikt het BKR?
Waarom een kredietregistratie?
Hoe krijgt u inzage in uw gegevens?
Wat is het BKR?
Het BKR (Bureau Krediet Registratie), houdt een centraal register bij van alle kredietverplichtingen in Nederland. In dit register staat vermeld wie een krediet heeft of de afgelopen 5 jaar gehad heeft. Ook middelen waaruit een krediet kan voortvloeien worden geregistreerd. Heeft u bijvoorbeeld een creditcard of een winkelpas, dan staat dit vermeld bij het BKR, ook al maakt u daar nooit gebruik van.
In tegenstelling tot wat de meeste mensen denken, staan dus niet alleen wanbetalers geregistreerd, maar half Nederland.
Over welke gegevens beschikt het BKR?
In de kredietregistratie van het BKR staat precies wie welk krediet op zijn/haar naam heeft afgesloten. Het BKR legt overigens alleen gegevens vast die voor de kredietregistratie van belang zijn. Zo is wél bekend hoe hoog het geleende bedrag is, maar níet waarvoor het is gebruikt. Als er een krediet op uw naam staat dan zijn daarvan, naast uw persoonsgegevens, de volgende gegevens bekend bij het BKR:
· Het geleende bedrag of het bedrag dat u maximaal mag besteden
· Het moment waarop het krediet ontstond
· De voorziene laatste aflossingsmaand (voor zover u deze bent overeengekomen met de kredietverlener)
· De daadwerkelijke laatste aflossingsmaand (wanneer is het krediet afgelost)
· De kredietsoort (betreft het bijvoorbeeld een persoonlijke lening of een doorlopend krediet)
· Eventuele bijzonderheden in de aflossing van het krediet
Het is niet zo dat het BKR letterlijk álle kredieten registreert. Er zijn zogenaamde 'registratiegrenzen'. Zo moet een krediet een looptijd hebben van tenminste drie maanden en moet het minimaal gaan om 454 euro, maximaal mag het gaan om 113.445 euro . Verder moet het krediet zijn verleend aan een natuurlijk persoon. Over het algemeen zijn dit consumenten, maar ook kredieten aan bijvoorbeeld eenmanszaken, waarbij de directeur/eigenaar hoofdelijk aansprakelijk is, komen in de centrale kredietregistratie te staan. Kredieten aan BV's en NV's blijven buiten beschouwing. Ook hypotheken komen in principe niet voor in de centrale kredietregistratie. Alleen als er langer dan 4 maanden niet is afgelost op een hypotheek, wordt deze geregistreerd. In dat geval zou een nieuwe lening namelijk onverantwoord zijn.
Waarom een kredietregistratie?
Het BKR verzorgt de centrale kredietregistratie namens de banken en andere kredietverleners in Nederland. In geval van een nieuwe kredietaanvraag raadplegen kredietverleners het BKR om te zien hoe uw leen- en aflosgedrag tot dan toe is geweest. De kredietregistratie dient twee doelen:
Wat zijn uw
rechten?
Allereerst hebt u het recht om uw eigen gegevens in te zien, het inzagerecht.
Daarnaast mag u een verzoek indienen om fouten in uw gegevens te laten
corrigeren, het 'recht van correctie'. Tot slot kunt u opvragen wie uw gegevens
de laatste twaalf maanden zoal hebben geraadpleegd. Dit heet het 'recht van
protocol'.
Naast deze drie basisrechten heeft u ook nog de mogelijkheid een beroep te doen
op de Geschillencommissie BKR. Als u denkt dat uw gegevens, zoals die geregistreerd
staan bij het BKR, niet kloppen en u komt niet tot overeenstemming met uw
kredietverlener of met het BKR, kunt u de geschillencommissie uw registratie
laten beoordelen. Deze onafhankelijke commissie, bestaande uit specialisten op
het gebied van privacy-wetgeving, beoordeelt of het BKR en de kredietverlener
zich hebben gehouden aan de reglementen en aan de wet. De uitspraak van de
Geschillencommissie BKR is bindend voor alle partijen.
Hoe krijgt u inzage in uw gegevens?
Wilt u weten welke gegevens van u geregistreerd staan bij het BKR, dan kunt u hiervoor terecht bij iedere willekeurige bank in Nederland. Hier liggen folders met een inzageformulier klaar. Om inzage aan te vragen, moet u zich legitimeren met een geldig identiteitsbewijs. De bank controleert namens het BKR uw identiteit. Op deze manier weet het BKR zeker dat de juiste gegevens naar de juiste persoon gaan. U moet bovendien € 4,50 betalen als bijdrage in de kosten.
Vervolgens vult u het inzageformulier in en overhandigt het aan een bankmedewerker. Deze voorziet het formulier van enkele aanvullende gegevens en zorgt ervoor dat het bij het BKR terecht komt. Het BKR verwerkt hierna uw verzoek en stuurt uw gegevens naar het adres dat u hebt opgegeven. Dit duurt ongeveer drie tot vijf werkdagen.
Als u met spoed over uw gegevens moet beschikken, kunt u deze (na een telefonische afspraak) zelf bij het BKR in Tiel afhalen. Ook dan moet u zich legitimeren en € 4,50 betalen. Als uit uw inzage blijkt dat de kredietregistratie onjuiste gegevens over u bevat, dan zullen deze worden gecorrigeerd. In zo'n geval krijgt u uw geld weer terug.
Wie mag uw gegevens opvragen?
Alleen kredietverleners die zijn aangesloten bij het BKR mogen de centrale kredietregistratie raadplegen. Wie hiervoor in aanmerking wil komen, moet bedrijfsmatig actief zijn op het gebied van kredietverlening aan natuurlijke personen. Een andere voorwaarde is dat de instelling kredieten of kredietfaciliteiten verstrekt voor eigen rekening en risico.
Kredietverleners mogen uw gegevens opvragen bij:
· het openen en beheren van uw betaalrekening;
· het verstrekken van cheques of andere betaalmiddelen;
· het beheren van uw krediet.
Kredietverleners moeten uw gegevens opvragen wanneer zij overwegen:
· u een krediet te verstrekken;
· u over middelen te laten beschikken waaruit een krediet zou kunnen voortvloeien (bijvoorbeeld een winkelpas of creditcard).
Een kredietverlener die de centrale kredietregistratie raadpleegt, krijgt dezelfde gegevens als u wanneer u uw eigen registratie opvraagt: uw persoonsgegevens, uw kredietgegevens en eventuele bijzonderheden met betrekking tot het krediet. In tegenstelling tot consumenten, zien kredietverleners echter niet bij welke maatschappij welk krediet werd afgesloten. Wel kunnen zij de registratie van verschillende personen raadplegen, terwijl u alleen uw eigen gegevens in mag zien.
Meer informatie
In geval van vragen kunt u op werkdagen tussen 8.30 en 17.00 uur bellen met de afdeling Inlichtingen & Inzage van het BKR, telefoonnummer: 0344-616041.
Of surf naar de website van het BKR: www.bkr.nl
Als u besluit uw kapitaalverzekering in box 1 onder te brengen, betaalt u tijdens de looptijd geen belasting over de polis. U bent wel verplicht op de uitkeringsdatum met de uitkering de hypotheekschuld af te betalen. De keuze voor box 1 is bovendien onomkeerbaar en de polis mag een looptijd van maximaal dertig jaar hebben. U mag de polis niet verlengen, wat financieel nadelig kan zijn. Want stel dat uw in 1980 gesloten polis in 2010 uitkeert, dan moet u op dat moment daarmee uw hypotheek aflossen. Wanneer de uitkering toereikend is om de hypotheek helemaal af te lossen, houdt dit tevens in dat u vanaf 2010 ook geen renteaftrek meer hebt. Mocht u daarentegen een hypotheekschuld overhouden, dan is de rente daarvan tot 2031 aftrekbaar. De maximale looptijd van een hypotheek is namelijk in 2001 op dertig jaar gesteld, zonder terugwerkende kracht. Als u op de overwaarde van uw huis een nieuwe hypotheek met kapitaalverzekering afsluit, is de maximale duur daarvan wederom dertig jaar. Maar vergeet niet dat u de hypotheekrente alleen mag aftrekken, als u de hypotheek voor uw huis aanwendt.
Vrijstelling
Als u uw kapitaalverzekering aan uw huis in box 1 koppelt, moet er door de verzekeraar
een 'kapitaalverzekering eigen woningclausule' op de polis worden gezet. Houdt
u verder rekening met de maximale vrijstelling in box 1. Is de hypotheekschuld
lager, dan is dat bedrag de vrijstelling. De vrijstelling die jaarlijks aan
de inflatie wordt aangepast, geldt per verzekeringnemer en is niet overdraagbaar
aan de partner. Alleen wanneer één van beide partners voor de
einddatum overlijdt, wordt het niet benutte deel van de vrijstelling aan de
partner overgedragen.
De waarde van uw polis wordt niet geïndexeerd, dus niet aan de inflatie
aangepast. Dit gebeurt wel met de vrijstelling. Wanneer u nu een hypotheek afsluit,
zult u daar wat betreft het hypotheekbedrag mogelijk op anticiperen. Er van
uitgaand dat de vrijstelling op deze manier over dertig jaar rond de €
225.000 per persoon zal bedragen, zouden u en uw partner dus een hypotheek van
om en nabij de één miljoen gulden kunnen afsluiten. En natuurlijk
sluit u een overlijdensdekking op dit bedrag af. Echter, als u of uw partner
daar onverhoopt gebruik van moeten maken, moet u er wel rekening mee houden
dat de vrijstelling op dat moment nog lager is dan de € 225.000 waarvan
u bent uitgegaan. Hoeveel lager hangt af van het moment van overlijden. De overlijdensdekking
zal in ieder geval een hoger bedrag uitkeren dan de vrijstelling van de achterblijvende
partner. In dat geval zal deze belasting moeten betalen over een deel van het
rentebestanddeel; dit is het verschil tussen de uitkering en de betaalde premies.
Fiscale vereisten
Nu kunt u er voor kiezen een bestaande kapitaalverzekering niet in box 1, maar
in box 3 onder te brengen. Dit is zelfs automatisch het geval als de polis niet
aan de eigen eerste woning is gekoppeld. Ook dan is er een aantal zaken waarmee
u rekening zult moeten houden. Ten eerste is dat de vermogensrendementsheffing
van 1,2 procent, ten tweede is dat het moment van afsluiten van de kapitaalverzekering.
Als uw kapitaalverzekering van vóór 1 januari 1992 stamt, dan
betaalt u hierover tot een waarde van € 123.428,- geen vermogensrendementsheffing
en de uitkering is belastingvrij. Wel moet de polis voldoen aan fiscale vereisten:
een minimale looptijd van twaalf jaar en een premie die voldoet aan een bandbreedte
die afhankelijk is van de looptijd. Wanneer u uw polis na 1 januari 1992, maar
voor 14 september 1999 heeft afgesloten en na deze datum niet hebt gewijzigd,
geldt een vrijstelling voor de vermogensrendementsheffing van € 123.428,--.
Dit bedrag is niet geïndexeerd en geldt tevens als kapitaalvrijstelling:
een uitkering uit een kapitaalverzekering is tot dit bedrag belastingvrij. Een
polis die is afgesloten tussen 14 september 1999 en 1 januari 2001 valt nog
onder de oude wet inkomstenbelasting. De polis moet aan alle oude voorwaarden
voldoen - een minimale looptijd van vijftien of twintig jaar en een premie die
binnen een bepaalde bandbreedte valt - maar kent geen vrijstelling. Een polis
tenslotte die na 1 januari 2001 is afgesloten, is wat dat betreft iets gunstiger.
De polis heeft weliswaar geen vrijstelling, u betaalt een rendementsheffing
van 1,2 procent over de actuele waarde, maar daar staat tegenover dat er ook
geen vereisten zijn
In Nederland kan een
pensioen bestaan uit drie onderdelen. De overheid
zorgt met de AOW voor een basisvoorziening die voor iedereen geldt. Als
u werkt is het meestal zo dat u de AOW kunt aanvullen met een voorziening
via de werkgever. Het doel is dat de AOW en de regeling van uw werkgever
gezamenlijk 70% van uw laatstverdiende inkomen gaan bedragen. De kans
is echter heel groot dat u, bijvoorbeeld door van werkgever te veranderen,
véél lager uitkomt. Zowel bij de AOW als bij de voorziening van een werk-
gever zitten doorgaans de nodige addertjes onder het gras.
De opbouwfase speelt
zich over het algemeen af tussen uw 25e en 65e levensjaar. Gedurende deze jaren
heeft u de kans een "probleemloos" pensioen op te bouwen. Helaas
loopt u de kans, door veel voorkomende problemen tijdens deze jaren, tegen een
tekort in uw pensioensopbouw aan te lopen.
AOW
Wanneer u tussen uw 15e en 65e levensjaar in Nederland woonachtig bent geweest
zult u vanaf het bereiken van uw 65e levensjaar een AOW uitkering ontvangen.
Deze uitkering is de basis voor uw oudedagsvoorziening. Vanwege o.a. de
bevriezing van de AOW, waardoor deze uitkering niet meer meegroeit met de
loonstijgingen en daar aangekoppelde inflatie, dreigt de uitkering die ooit
bedoeld was als fundament voor uw pensioen af te slanken naar een wel erg klein
deel van uw pensioensopbouw.
Pensioenopbouw bij uw werkgever
De pensioenopbouw via uw werkgever
stelt u in staat een groot deel van uw pensioen gedurende uw arbeidsjaren op te
bouwen. Naast het aandeel dat u zelf levert in deze voorziening neemt ook uw
werkgever een aandeel in uw pensioenopbouw. Vanwege de wisselende kwaliteit en
de grote kans tot het oplopen van een breuk in deze voorziening komt het helaas
nog maar zelden voor dat deze voorziening samen met de AOW voor een zorgeloze
oude dag garant staat.
Aanvullende regelingen
Een pensioenbreuk of gat zijn termen
die tegenwoordig iedereen kent. Enerzijds betekent dit dat de consument
bewuster is van zijn / haar pensioensituatie, anderzijds illustreert dit de
bedroevende gesteldheid van menige oudedagsvoorzieningen. Mede door de
maatregelen die de overheid op dit moment dreigt te gaan nemen wordt het voor u
steeds moeilijker om zelf een aandeel te nemen in uw pensioen. De specialisten
van PensioenPlatform kunnen daarom samen met u gaan bekijken wat wijsheid is in
uw situatie.
Bron: http://www.pensioenplatform.nl
startpagina ©2005