:: Historiek Sporting Lokeren Oost-Vlaanderen
 

Alhoewel Sporting Lokeren Oost-Vlaanderen een relatief jonge vereniging is kan het Lokerse voetbal toch prat gaan op een rijk gevulde geschiedenis. Reeds in 1907 trapten heel wat jongeren in deze stad aan de Durme tegen een bal, maar het sportieve gebeuren beperkte zich tot wat tornooien en vriendschappelijke ontmoetingen. Pas in 1923, op 22 januari en eigenlijk onbegrijpelijk laat, kwam iemand op het idee om Racing Club Lokeren officieel op te richten en aan te sluiten bij de Voetbalbond.

Eigenlijk betrof het hier een heroprichting van het in 1915 gestichte Football Club Racing Club Lokeren dat in mei 1920 lid geworden was van de Belgische Voetbalbond. Omwille van schulden, naar het scheen ging het om ongeveer zestig frank was dit elftal op 15 september 1921 in vereffening gegaan. Op die manier belandde Racing Club Lokeren na hun aansluiting bij de Belgische Voetbalbond op 20 april 1923 in zwart-wit gestreepte uitrusting, in het competitievoetbal. De nieuw aangesloten ploeg kreeg het stamnummer 282 toegewezen.

Racing Lokeren was in de eerste jaren van zijn bestaan geen hoogvlieger. Niet minder dan achttien seizoenen bleven de wit-zwarten in de provinciale afdeling ter plaatse trappelen.

Pas toen Victor Peeters zich met de zaak ging bemoeien en het elftal een financiële injectie toediende, werd de eerste promotie een feit. Met spelers als Omer Schram, Leon De Caluwé, Frans Frans, Maurits Lammens en Van Menen bouwde de clubleiding een stevige ploeg uit. Vooral de speler met de twee voornamen Frans Frans, was een onovertroffen Racingpion. Hij was weliswaar een ietsje te traag maar hij compenseerde dit ruimschoots door zijn bijna technische volmaaktheid en zijn onnavolgbaar kopspel.

De wit-zwarten promoveerden in 1938 naar de bevorderingsreeks. Het zou niet de laatste promotie zijn.

Ook al kwam de oorlog de Lokerse opgang afremmen, in 1944 was de overstap naar eerste klasse,onze huidige tweede klasse, een realiteit. Racing handhaafde er zich twee competities. Op 19 juli 1945 wijzigt de club haar naam in Racing Athletiek en Football Club Lokeren.

In 1946 dienden vijf ploegen uit Eerste Klasse te degraderen en de zwart-witten waren daar één van. Frans Frans was ondertussen naar Ukkel getransfereerd voor, in die tijd, het recordbedrag van vijfhonderdduizend frank. Omer Schram, die achttien competities lang een rots in de verdediging was geweest, haakte af. Met het verdwijnen van die beide steunpilaren ging het elftal moeilijke tijden tegemoet. Ook in bevordering hield het Radngteam maar twee seizoenen stand. En in 1948 verzeilde de Durmeploeg weer op het punt waar zij vijfentwintig jaar eerder gestart waren: in provinciale.

Ook al ging het de club sportief niet voor de wind, op 8 juni 1951 werd de vereniging Koninklijk en dat leidde op 3 juli 1951 tot een aanpassing van de naam: Koninklijke Racing Club Lokeren.

Dat er dringend iets diende ondernomen te worden was overduidelijk en dus werd bij Olympic Charleroi Jan Goossens weggehaald. Samen met Maris en Schram junior maakte hij bij Racing Lokeren het mooie weer. Helaas ging de titel tot tweemaal toe tijdens de laatste matchen verloren. Ook nu bleek de derde keer de goede keer te zijn want in 1952 grepen de wit-zwarten niet langer naast de titel en mocht Racing Lokeren de overgang naar Bevordering vieren.

Racing bezat heel wat jeugdig talent. Keeper Thienpondt, Baerts en De Vijlder waren hiervan de meest sprekende voorbeelden. In 1957 werd de poort opengegooid naar derde klasse. Ook nu kwam voor Lokeren na de opmars de terugval. In de derde afdeling hielden de Racingers het twee seizoenen uit maar een, door het wegvallen van Jacky Schram, Michiels en Van de Vijver, verzwakte ploeg kon het niet langer bolwerken en zakte na slechts één seizoen in bevordering, ook weg uit deze reeks.

Nog maar eens provinciaal voetbal voor Racing. De rest van de wit-zwarte historiek werd een herhaling van vroeger. De Durmeploeg, die toen balgoochelaar Jean M'Bya in haar rangen telde, steeg weer een reeks hoger. Opnieuw bevorderingsvoetbal deze keer drie seizoenen lang.

Een reeks nederlagen,veroorzaakt door tegenslag en een flink aantal gekwetste basisspelers, zorgden ervoor dat Racing op de rand van de afgrond balanceerde. De beslissende testwedstrijd tegen Kontich, die redding had moeten brengen, werd verloren en de wit-zwarten stonden andermaal in provinciale.

In 1964 zakte de ploeg, na een gedwongen degradatie omwille van fraude in de wedstrijd KSK Deinze - KRC Lokeren tijdens de competitie 1963-1964, zelfs verder weg naar tweede provinciale. Van een dieptepunt gesproken.

De Racingers werkten ook nu weer onverdroten aan hun terugkeer naar hogere regionen- In 1969 verschenen de wit-zwarten opnieuw in bevordering. Het werd tevens het laatste voetbalseizoen in hun bestaan.

Naast Racing Lokeren telde de stad nog een tweede club binnen de stadsgrenzen: Standaard Football Club Lokeren, gesticht op 13 mei 1931. Deze ploeg kende een heel wat bescheidener bestaan. Standaard trad op 13 september 1931 toe tot de Voetbalbond en kreeg logischerwijze een (veel) hoger stamnummer toegewezen dan de zwart-witte concurrenten: 1783. Standaard trad aan in een geel-zwarte uitrusting. De geschiedenis van Standaard Lokeren speelde zich altijd af in de schaduw van dat andere Lokeren. Op 11 augustus 1967 mocht Standaard zich net zoals de concurrenten van Racing, een Koninklijke vereniging noemen: Koninklijke Standaard Football Club Lokeren.

Toen in 1969 Racing promoveerde van Provinciale naar bevordering ging Standaard juist de tegenovergestelde richting uit. Zij degradeerden van bevordering naar provinciale.

De twee ploegen begonnen het seizoen 1969-1970 dan ook zonder al te veel overtuiging. De noodzaak van een samengaan werd in beide kampen ernstig in overweging genomen. Van de theorie naar de praktijk was maar een kleine stap en beide besturen besloten in juli 1970 de handen in elkaar te slaan en Lokeren een voetbalploeg te bezorgen die het nummer één in Oost-Vlaanderen moest worden. Ook het stadsbestuur deed zijn duit in het zakje door het terrein van Racing te kopen en het veld van Standaard ter beschikking te stellen.

Sporting Club Lokeren koos als ploegkleuren zwart, wit en geel. Het stamnummer 282 van Racing werd behouden en in september 1970 startte SC Lokeren zijn eerste kampioenschap in de Bevorderingsreeks. Sporting haalde de titel binnen en deed dit exploot al onmiddellijk over in derde klasse onder leiding van speler-trainer Jef Jurion. Aan het einde van het seizoen 1971-1972 werd een nieuwe titel aan het rijtje toegevoegd en verschenen de Lokerse club in tweede klasse.

In 1974 werd de kroon op het werk gezet met het behalen van een ticket voor eerste klasse. Waar Racing noch Standaard vroeger in geslaagd waren, realiseerde Sporting Club Lokeren binnen de kortste keren. Het elftal veroverde een plaatsje bij de elite van ons voetballand.

Sporting draaide negentien seizoenen onafgebroken mee bij de top. In al die jaren passeerden heel wat spelers die tot de verbeelding spraken, niet alleen in de Durmestad maar zelfs tot ver daar buiten, de revue. Denken wij maar even aan Johan Devrindt, Jef Jurion, Wilfried Puis, Fernand Goyvaerts, Vacenovsky, Bob Dalving, René Verheyen, Wlodek Lubanski, Eddy Snelders, Gregor Lato, Karol Dobias, Preben Larsen, René Van der Gijp, James Bett, Arnor Gudjohnsen, Swat Van der Elst, Maurits de Schrijver, Raymond Mommens en nog zovele anderen.

Sportief gezien vielen de beste jaren voor Lokeren tussen 1980 en 1983 toen de geel-zwart-witten ook Europees naam en faam verwierven. Ze hadden eerder reeds een Europees voorproefje gekregen tijdens de competitie 1976-1977 toen ze het in de UEFA-beker twee ronden uithielden.

Aanvankelijk hadden de Sportingers de Red Boys Differdange uitgeschakeld, thuis 3-1 en uit 0-3, maar in de tweede ronde kregen ze CF Barcelona voorgeschoteld en dat bleek duidelijk een te zware opgave. Alhoewel, het mocht gezegd worden dat Lokeren met opgeheven hoofd de arena kon verlaten. In Barcelona werd het "slechts" een 2-0 verlies maar op Daknam moest de Spaanse gigant met 2-1 het onderspit delven.

Tijdens de Europese campagne 1980-1981 bereikte de ploeg uit Lokeren zelfs de kwartfinale. Achtereenvolgens hadden ze Dynamo Moskou, Dundee United en Real Sociedad San Sébastian opzij gezet. In de vierde ronde toonde AZ '67 zich de betere en nam Sporting Lokeren afscheid van het Europese toneel. Ook in 1981 tekenden ze weer present en het sprookje duurde nu drie ronden. Nog een competitie later proefde de Durmestad alweer van Europees voetbal, maar de pret duurde nu slechts twee ronden. Tijdens het daaropvolgende seizoen presenteerde Sporting zijn supporters alweer Europees plezier op Daknam maar verder dan de eerste ronde geraakten de driekleurigen niet.

Het Waaslandse voetballandschap onderging ondertussen noodgedwongen ingrijpende veranderingen die uiteindelijk ook hun weerslag hadden op Lokeren. De harde concurrentie tussen een pak ploegen op een relatief klein lapje grond noopten Sint Niklase SK en Excelsior AC Sint-Niklaas om in juli 1989 de handen in elkaar te slaan en Koninklijke Sint-Niklase Sportkring Excelsior te worden. Amper 9 jaar later, in juli 1998, werd datzelfde Sint-Niklaas een satellietploeg van Lokeren om in juni 2000 helemaal op te gaan in de Koninklijke Sporting Lokeren Sint-Niklaas Waasland.

Sporting Club Lokeren diende ondertussen stilaan de tering naar de nering te zetten. Ruimte voor dure transfers was er niet meer en de eigen jeugd kreeg nu voorrang. Lokeren gleed langzaam weg uit de top. Toen ook de midden-moot niet meer houdbaar bleek, gingen de realisten langzamerhand het ergste vrezen. Wat niet uit kon blijven, gebeurde na afloop van de competitie 1992-1993. Lokeren verdween, na negentien seizoenen, uit de topklasse. De wit-geel-zwarten hadden drie seizoenen nodig om weer boven water te komen maar na afloop van de competitie 1995-1996 mocht er champagne gedronken worden omwille van de titel. Terug in eerste klasse deed Lokeren het zelfs beter dan algemeen verwacht werd. De subtop lag binnen bereik en er werd duchtig geïnvesteerd in spelers om deze droom tot werkelijkheid te maken. Een ganse pleiade vedetten en anderen passeerden de revue. Denken wij maar eventjes terug aan Bangoura, Dabanovic, Dago, D'Hondt, Dias, Ekakia, Janssens, Katana, Koller, Kristinsson, M'Bayo, Olufade, Schockaert, Snoeckx, Van Dender, Van Geneugden, Van Haezebrouck, Vanic, Vidarsson, Vonasek, Youla, Zere, Zitka en nog zovele anderen.

Lokeren was door de jaren heen verworden tot een vreemdelingenlegioen op kleine schaal.

Op 26 mei 2000 werd Koninklijke Sint-Niklase Sportkring Excelsior opgeslorpt en werd de naam van de vereniging gewijzigd in Sporting Lokeren Sint-Niklaas Waasland. Buiten het voorkomen van "Sint-Niklaas" in de nieuwe, aangepaste, benaming van de club was er niets dat nog herinnerde aan het voetbalverleden van de geel-blauwen. De gevolgde strategie kaderde perfect in het plan van voorzitter Lambrecht om in de regio slechts één grote club te behouden. Toen hij er niet in slaagde Beveren en Gent voor zijn plannen te laten warm lopen, richtte hij zijn aandacht op Antwerpen, en koesterde de hoop om Germinal Beerschot Antwerpen op één of andere manier te laten samengaan met Lokeren SNW. Ook dit ging niet door en de Lokerse club ging alleen verder, en met succes.

Sporting Lokeren speelde het klaar om tijdens het seizoen 2002-2003 een rol van betekenis op te eisen en beslag legde op de derde plaats in de eindrangschikking. Hierdoor maakte Lokeren eindelijk nog eens zijn opwachting op het Europese toneel. De hooggespannen verwachtingen konden echter niet ingelost worden. Lokeren ging er uit na de eerste ronde tegen Manchester City en ook de competitieaanhef 2003-2004 verliep in mineur. Toch stak het Lokerense bestuur, en vooral de voorzitter, hun verreikende ambitie niet onder stoelen of banken. Lokeren moest en zou opnieuw de vaandeldrager van het Oost-Vlaamse voetbal worden en, als het eventjes kon, ook Europese uitstraling krijgen.

 Na het seizoen 2005-2006 blijkt echter dat het uiten van wensen nog altijd veel gemakkelijker is dan het realiseren ervan. Sporting eindigde niet in de vooropgestelde top-vijf na een turbulent seizoen met drie trainers en een hoge blessurelast.

Toch blijft voorzitter Lambrecht ambitieus. Voor het seizoen 2006-2007 hoopt hij opnieuw op een plaats in de top-vijf van het Belgische voetbal.

 

(bron: o.m. „KSV Cercle Brugge,Competitief' van Marnix Knockaert)

 

                                                                                                     


 

Bedankt voor uw bezoek, meer op www.sclokeren.tk

 

Create a free website at Webs.com