|
Als renpaard zette Northern Dancer Canada als rensportland op de wereldkaart en als dekhengst werd hij een legende.
Northern Dancer kwam ter wereld op de stoeterij van E.P. Taylor in

Ontario. Zoals zijn grootvader en zijn zoon Nijinsky na hem was hij een lastpak. Tijdens de indoortrainingen (vanwege de strenge winter in Canada werden de paarden in een rijhal getraind) maakte Northern Dancer er een gewoonte van om zich sterk te maken, door de teugels heen te breken, tegen de muur op te springen en allerlei andere dingen te verzinnen om zijn berijder af te werpen. Meestal had hij succes met zijn acties. "Every time that rough little guy set foot in the barn there was chaos," zegt Joe Thomas, de rechterhand van E.P. Taylor, in een rensportmagazine.
De rencarriere van Northern Dancer begon in Canada op tweejarige leeftijd. Hij won diverse Canadese klassiekers en er werd besloten, dat hij goed genoeg was om het op te nemen tegen de beste paarden in Amerika. En hij was goed genoeg. Hij versloeg meteen de Futurity Cup winnaar Bupers op Aqueduct. Kort daarna werd er een haarscheur ontdekt in zijn hoef en kreeg hij een speciale behandeling om dit te genezen. En dit werkte, zijn hoefproblemen waren over.
Hij startte in een volgende race die hij echter verloor! Tijdens de race had zijn jockey Ussey hem een tik met de zweep gegeven. Ussey werd meteen ontslagen: "This is not a stick-horse", zei de trainer Luro.
Vervolgens leidde Amerika's beroemdste jockey Bill Shoemaker de kleine hengst naar twee zeges en mocht hem in de Kentucky Derby rijden. Hier maakte Shoemaker zijn grootste fout en koos op het laatste moment voor een ander paard, Hill Rise. "I may have made the wrong choice", zei hij voor aanvang van de grote race. En hij had verkeerd gekozen: Northern Dancer versloeg Hill Rise met een halslengte in een recordtijd van 2 minuten rond (meestal wordt de Kentucky Derby gerend in een tijd van 2.04 over 2000 m). In de Preakness won Northern Dancer nogmaals van Hill Rise nu zelfs met 2,5 lengten. Helaas was de afstand van de Belmont Stakes hem te lang (1,5 mijl = 2400m).
Tijdens een training op Belmont Park verrekte Northern Dancer een pees en werd hij teruggetrokken om als dekhengst dienst te gaan doen. In 1987 kwam er een einde aan zijn leven. Hij heeft enorme invloed gehad via onder andere zijn zonen Nijinsky en Nurejev.
©www.volbloeds.nl
Ruffian
Geboren in 1972 en getraind in USA
V: Reviewer (v: Bold Ruler) M: Shenanigans (v: Native Dancer)

Ruffian verloor maar één race, die waarin ze ook haar leven verloor.
Ruffian had een volmaakte staat van dienst toen ze twee was en dit was hetzelfde in haar derde jaar. In de elf starts van haar carrière verloor ze maar één keer, toen ze ook haar leven verloor.
In 1974 was Ruffian twee en ze rende vijf keer, alle vijf kwam ze als winnaar over de streep. Tijdens de oefenritten 's ochtends was ze een duivel en 's middags was ze onverslaanbaar van start tot finish. In haar tweede start won ze de vijf-en-een-halve furlong lange Fashion Stakes in 1:03, gelijk aan het baanrecord van Belmont Park. Vervolgens won ze nog drie rennen, waarvan de Spinaway Stakes de laatste was. Met dertien lengtes voorsprong kwam ze hierin aan de finish. Dat jaar werd ze genomineerd voor de Horse Of The Year-verkiezing, de titel ging naar Forego.
Ruffian zou niet starten in de Kentucky Derby. De afstand van een-en-een-kwart mijl was te veel en te snel voor een driejarige vonden de eigenaren van de merrie. Maar als de training naar wens zou verlopen, zou Ruffian voor het einde van het jaar tegen de hengsten mogen uitkomen. De training verliep naar wens.
In april won Ruffian de Comely Stakes, vervolgens won ze de New York Filly Triple Crown die bestaat uit de Acorn, Mother Goose en Coaching Club Oaks. Ruffian kwam ongeslagen aan de finish van alle races simpelweg omdat geen enkele andere merrie haar bij kon houden. Meer nog: de tijd van Ruffian in de Coaching Club Oaks van 2:27,8 was 0,4 seconde sneller dan de tijd die de hengst Avatar klokte bij zijn hard bevochten overwinning op Foolish Pleasure in de Belmont Stakes twee weken eerder. Ze kwam niet in de buurt van het Amerikaanse record (2:24,8) van Secretariat die in die tijd de anderhalve mijl van de Man O'War Stakes op Belmont Park had gewonnen, maar de laatste kwart mijl had ze wel sneller afgelegd dan Secretariat zijn laatste kwart mijl!
Op 6 juli 1975 zou het dan eindelijk gebeuren; Ruffian, de beste merrie van het land zou de Kentucky Derby winnaar Foolish Pleasure ontmoeten in een race over een-en-een-kwart mijl op Belmont Park. De wedstrijd werd live uitgezonden en had $350,000 dollar aan prijzengeld.

"She had done what no horse had ever done and was buried where no horse was ever buried. The great wings were folded about her and Pegasus flew no more" (Gene Smith)
Bij de start kwam Foolish Pleasure iets eerder los van het starthek dan Ruffian, maar in enkele passen pakte ze de leiding met een neklengte. Na de eerste kwart mijl in een flitsende tijd van 22,2 seconden renden ze nek aan nek. Ineens hoorden de jockeys een ziekmakend brekend geluid. Foolish Pleasure zoefde voorbij, terwijl Ruffian uitzwenkte naar de buitenste railing. Uiteindelijk kon haar jockey haar stoppen en toen werd de ergste angst werkelijkheid: haar rechtervoorbeen lag open en haar sesambeentjes waren verbrijzeld.
Er volgende een hevige strijd om haar leven. Ruffian zou geopereerd worden in een kliniek dichtbij de renbaan. De merrie was helemaal gestresst en het duurde een uur voordat ze stabiel genoeg was om haar te kunnen opereren. De operatie die volgde duurde nog eens een uur. Nu konden ze alleen nog wachten totdat ze zou bijkomen en hopen dat alles goed zou gaan.
Ruffian lag een uur doodstil op de grond van de herstelbox, toen begon ze te vechten. Ze werd steeds gewelddadiger en smeet haar verzorgers door de ruimte alsof het speeltjes waren. Ze maakte al het harde werk van de operatie ongedaan door haar woede. Hoewel ze nog onder verdoving was, kon deze het niet winnen van de shock, stress en haar vechtersmentaliteit. Haar eigenaar kon het niet meer aanzien en gaf opdracht een einde aan haar lijden te maken. Ruffian is begraven op Belmont Park met haar hoofd in de richting van de finishlijn.
©www.volbloeds.nl
Man O' War

Geboren in 1917 en getraind in USA
vader: Fair Play (v: Hastings) moeder: Mahubah (v: Rock Sand)
Man O' War. De grootste Amerikaanse legende.
In 1917 kwam het vospaard ter wereld op de stoeterij van Majoor August Belmont, voorzitter van de Jockey Club. De majoor vertrok in 1918 om te vechten in de Eerste Wereldoorlog wat leidde tot de massale verkoop van alle jaarlingen van de Belmont Stud op de Saratoga Sales. Man O'War werd verkocht aan Samuel D. Riddle en zijn trainer Louis Feustel.
Man O'War was geen gemakkelijk paard om af te richten en te trainen, hij kon echter geweldig hard lopen. Hij heeft maar een race van de tweeëntwintig verloren, tegen Upset. Dit paard sloeg hij in latere races meermalen met gemak. Er gaan verhalen, dat deze ene verloren race niet helemaal onopzettelijk was en de toenmalige jockey Johnny Loftus heeft naar aanleiding van die race zijn licentie moeten inleveren.
Man O'War heeft vele grote klassieke rennen gewonnen, zoals de Preakness Stakes en de Belmont Stakes. Hij is alleen nooit gestart in de Kentucky Derby. Hij heeft dus nooit de kans gekregen om de Triple Crown te winnen.

Aan het einde van zijn carriere op driejarige leeftijd werd Man O'War als dekhengst ingezet op de Faraway Farm in Lexington, Kentucky. Dit complex was speciaal gebouwd voor het grote paard. Hij mocht slechts 25 merries per jaar dekken van zijn eigenaar die hem wilde sparen. Meest bekende zoon is de hengst War Admiral.
Op 31-jarige leeftijd kwam Man O'War te overlijden op 1 November 1947. Buckpasser, de vader van de in Nederland zo bekende Volbloedhengst Man In The Moon xx, is een directe afstammeling van Man O'War.
©www.volbloeds.nl |