Koersen

Speciale racen

Steeple chase

bloopers

Artikelen

Gastenboek

Renpaard van de maand

 

 

Home

 

De volboed

 

De arabier

 

De Quarter horse

 

Rensport

 

Renbanen

 

Beroemde renpaarden

 

Links


 

                                          Rensport

 

opsommingsteken Northern Dancer
opsommingsteken Ruffian
opsommingsteken Man O' War
opsommingsteken The Brigadier graced     

 

 

Red Rum
 
 
De Legendarische trainer Ginger McCain verteld over zijn herinneringen aan Red Rums Grand National overwinningen

De zomer van 1977 was de heftigste National van allemaal, Red Rum zijn derde overwinning in de beroemdste steeple chase race werd voorin racing history books gezet.

Het was niet alleen zijn derde overwinning in vijf jaar, hij was ook nog twee keer tweede geworden. Ondanks dat het zijn derde overwinning was, vond trainer Ginger McCain de eerste twee overwinningen en zelf de twee tweede plaatsen even speciaal.

"The eerste overwinning was geweldig omdat we niet echt verwacht hadden om te winnen" zegt McCain.

Hij won vijf van de zeven racen die hij daarvoor had gelopen, hij was dus in topvorm. Maar het winnen van The Grand National was niet in ons opgekomen.

De tweede keer droeg hij 12 stone en droeg het topgewicht, het was mooi om te zien dat hij het toch nog vrij makkelijk won.

En natuurlijk was de derde overwinning ook heel speciaal, zelfs de twee tweede plaatsen waren magisch.

"He was just such a tremendous competitor - a seriously magical horse."

"Bij de voorbereiding probeer je toch gauw alles het zelfde te doen als de vorige keer, de zelfde auto, de zelfde vrienden die meerreden.!

McCain: & Red Rum na de 3de overwinning
 

"Ik kijk de race altijd van "the grandstand", ik herinner met dat ik er bijna van blijdschap afsprong toen hij won"

Bij de derde overwinning was het geschreeuw van het publiek zo hard toen hij leidde op het lange stuk dat je er doof van kon worden.

"Mensen zijden van te voren dat we hem beter niet konden laten rennen omdat hij te oud was, Maar ik kende het paard en hij hield van de plek en van de race"

Tommy Stack de jockey zegt "Hij liep niet gewoon naar de start, het was net of hij zij 'Dit is mijn plek, dit is mijn race en ik ga het winnen'"

Hij had een goede kans om het volgende jaar (voor de vierde keer) te winnen, als hij niet gewond was geweest.

McCain was teleurgesteld om Red Rum terug te trekken uit de Grand National van 1978. Maar de trainer is dankbaar voor de dierbare herinneren die Red Rum hem heeft gegeven.

"Red Rum was something special. He changed my life and there will never be another like him."

The Brigadier Gerard

The Brigadier Gerard heeft 3 seizoens gerend, van 1970 tot 1973.  In die periode werd hij als on verslaanbaar beschouwd, van zijn achtien racen die hij liep won hij er zeventien. Zijn beste afstand was 1 mile, maar hij behaalde ook overwinningen op een kwart mile en ander half mile.   Joe Mercer was zijn jockey en ze werden getraind door Dick Hern in West Ilsley.Hij won onderanderen :          the Middle Park Stakes, St James's Palace Stakes, Sussex Stakes, Goodwood Mile, Queen Elizabeth II Stakes, Champion Stakes, Lockinge Stakes, Prince of Wales's Stakes, Eclipse Stakes en King George VI Stakes. Door zijn vele overwinningen is uiteindelijk een race naar hem vernoemd:     The Brigadier Gerard Stakes, die word gereden in Sandown Park.


 
 

Arkle

 

Arkle staat bekend als de grootste steeplechaser aller tijden.Zijn record was 22 overwinningen in 26

Arkle ahead of Mill House

racen.  Hij won drie keer overtuigend de Cheltenham Gold Cups en versloeg daarin zijn rivaal Mill House.  Wat Arkle zo speciaal maakte was dat ontdanks de loot zware gewichten die hij mee kreeg, hij toch altijd bleef winnen. De gewichten die hij mee kreeg waren belachelijk hoog als je ze vergeleek met zijn tegenstanders. Zijn grooste overwinning was in  Sandown Park in the Gallaher Gold Cup, nummer twee droeg slechts 16 pounds en toch kon hij Arkle niet bij houden. In zijn negende jaar racde hij in King George Chase en brak daar zijn hoefbeentje, hij was nooit meer instaat om te racen. Hij werd getraind door Tom Dreaper in Ierland, en zijn jockey was P

 

at Taffe. Hij is uiteindelijk ingeslapen door zijn steeds ernstiger wordende reuma.

 

Abernant

Abernant was een vliegende machine die racde in 1948 en 1950. Hij was een geweldige ruin, getraind door Noel Murless, hij was één van de grootste sprinters die de rensport ooit gekend heeft. hij won veertien van de zeventien racen die hij had gelopen. Aan het einde van zijn seizoen als tweejarige had hij al overwinningen te pakken in  the Chesham, Champagne en Middle Park Stakes. Op het top punt van zijn kracht als driejarige won hij de the King's Stand, King George en Nunthorpe Stakes en voegde daar ook nog   the July Cup aantoe. Het volgende seizoen won hij weer de the King George Stakes, Nunthorpe Stakes en the July Cup.

Dancing Brave

Dancing Brave heeft slechts 2 seizoenen geraced, in 1985 en 1986. Als twee jarige had hij niet echt veel succes,maar iedereen die hem het 2de seizoen zag rennen zou hem niet meer snel vergeten. Hij starte het seizoen door the Craven Stakes in New Market te winnen. Hijw as goed op dreef en won daarna  the 2000 Guineas. Hij werd favourite voor the Derby maar het lukte hem net niet om te winnen en hij eindigde als tweede, achter Shahrastani.  Hij kreeg daarna een andere jockey toegewezen, Pat Eddery. Hij maakte zijn verlies in de Derby goed door in Eclipse Stakes in Sandown Park het hele veld achter zich te laten. Vanuit daar ging hij naar de Ascot for the King George VI Stakes om de strijd weer aan te gaan met Shahrastani. Deze race won hij in stijl. Zijn volgende grote race was the Prix de l'Arc de Triomphe. Dancing Brave versloeg zijn rivalen door een schokkende eindsprint. Door zijn doorzettings vermogen en zijn verrassende eindsprint was hij erg geliefd bij het publiek.

 


 

Secretariat

Secretariat was een  hengst die geboren werd in 1970, hij was een grote hengst van 1.65 meter en kreeg daarom al snel de bijnaam "Big Red".

Op the Belmont Stakes op 9 junie 1973, die toen al de the Kentucky Derby en the Preakness had gewonnen, gebeurde iets onmogelijks. Een moment die geen één rensport lief hebber snel zal vergeten. Ondanks dat hij goed bekend stond omdat hij Sham versloeg in de Derby met 2 en half lengtes en daarbij het record van Northern Dancer verbrak met 0,6 seconde. Bij de Belmont Stakes was Sham weer in het veld, verder waren er slechts vijf andere paarden die deelnamen aan de race. Sham en Secretariat gingen aan het begin nek aan nek, maar Secretariat ging steeds sneller en de afstand werd steeds groter. Uiteindelijk werd het meer een race tegen de klok omdat de afstand zo groot was geworden dat het onmogelijk was om hem nog in te halen. Hij won de race in een wereld record van 2 minuten en 24 seconden. Hij won maar liefst met 31 lengtes!! Het werd zijn beroemdste race ooit en op de dag van vandaag is het record nog steeds niet verbroken.

Uiteindelijk is het terug getrokken uit de rensport om als dekhengst zijn verdere leven te slijten.

Northern Dancer

Als renpaard zette Northern Dancer Canada als rensportland op de wereldkaart en als dekhengst werd hij een legende.

Northern Dancer kwam ter wereld op de stoeterij van E.P. Taylor in

Ontario. Zoals zijn grootvader en zijn zoon Nijinsky na hem was hij een lastpak. Tijdens de indoortrainingen (vanwege de strenge winter in Canada werden de paarden in een rijhal getraind) maakte Northern Dancer er een gewoonte van om zich sterk te maken, door de teugels heen te breken, tegen de muur op te springen en allerlei andere dingen te verzinnen om zijn berijder af te werpen. Meestal had hij succes met zijn acties. "Every time that rough little guy set foot in the barn there was chaos," zegt Joe Thomas, de rechterhand van E.P. Taylor, in een rensportmagazine.

De rencarriere van Northern Dancer begon in Canada op tweejarige leeftijd. Hij won diverse Canadese klassiekers en er werd besloten, dat hij goed genoeg was om het op te nemen tegen de beste paarden in Amerika. En hij was goed genoeg. Hij versloeg meteen de Futurity Cup winnaar Bupers op Aqueduct. Kort daarna werd er een haarscheur ontdekt in zijn hoef en kreeg hij een speciale behandeling om dit te genezen. En dit werkte, zijn hoefproblemen waren over.

Hij startte in een volgende race die hij echter verloor! Tijdens de race had zijn jockey Ussey hem een tik met de zweep gegeven. Ussey werd meteen ontslagen: "This is not a stick-horse", zei de trainer Luro.

Vervolgens leidde Amerika's beroemdste jockey Bill Shoemaker de kleine hengst naar twee zeges en mocht hem in de Kentucky Derby rijden. Hier maakte Shoemaker zijn grootste fout en koos op het laatste moment voor een ander paard, Hill Rise. "I may have made the wrong choice", zei hij voor aanvang van de grote race. En hij had verkeerd gekozen: Northern Dancer versloeg Hill Rise met een halslengte in een recordtijd van 2 minuten rond (meestal wordt de Kentucky Derby gerend in een tijd van 2.04 over 2000 m). In de Preakness won Northern Dancer nogmaals van Hill Rise nu zelfs met 2,5 lengten. Helaas was de afstand van de Belmont Stakes hem te lang (1,5 mijl = 2400m).

Tijdens een training op Belmont Park verrekte Northern Dancer een pees en werd hij teruggetrokken om als dekhengst dienst te gaan doen. In 1987 kwam er een einde aan zijn leven. Hij heeft enorme invloed gehad via onder andere zijn zonen Nijinsky en Nurejev.

©www.volbloeds.nl

Ruffian

Geboren in 1972 en getraind in USA

V: Reviewer (v: Bold Ruler) M: Shenanigans (v: Native Dancer)

Ruffian verloor maar één race, die waarin ze ook haar leven verloor.

Ruffian had een volmaakte staat van dienst toen ze twee was en dit was hetzelfde in haar derde jaar. In de elf starts van haar carrière verloor ze maar één keer, toen ze ook haar leven verloor.

In 1974 was Ruffian twee en ze rende vijf keer, alle vijf kwam ze als winnaar over de streep. Tijdens de oefenritten 's ochtends was ze een duivel en 's middags was ze onverslaanbaar van start tot finish. In haar tweede start won ze de vijf-en-een-halve furlong lange Fashion Stakes in 1:03, gelijk aan het baanrecord van Belmont Park. Vervolgens won ze nog drie rennen, waarvan de Spinaway Stakes de laatste was. Met dertien lengtes voorsprong kwam ze hierin aan de finish. Dat jaar werd ze genomineerd voor de Horse Of The Year-verkiezing, de titel ging naar Forego.

Ruffian zou niet starten in de Kentucky Derby. De afstand van een-en-een-kwart mijl was te veel en te snel voor een driejarige vonden de eigenaren van de merrie. Maar als de training naar wens zou verlopen, zou Ruffian voor het einde van het jaar tegen de hengsten mogen uitkomen. De training verliep naar wens.

In april won Ruffian de Comely Stakes, vervolgens won ze de New York Filly Triple Crown die bestaat uit de Acorn, Mother Goose en Coaching Club Oaks. Ruffian kwam ongeslagen aan de finish van alle races simpelweg omdat geen enkele andere merrie haar bij kon houden. Meer nog: de tijd van Ruffian in de Coaching Club Oaks van 2:27,8 was 0,4 seconde sneller dan de tijd die de hengst Avatar klokte bij zijn hard bevochten overwinning op Foolish Pleasure in de Belmont Stakes twee weken eerder. Ze kwam niet in de buurt van het Amerikaanse record (2:24,8) van Secretariat die in die tijd de anderhalve mijl van de Man O'War Stakes op Belmont Park had gewonnen, maar de laatste kwart mijl had ze wel sneller afgelegd dan Secretariat zijn laatste kwart mijl!

Op 6 juli 1975 zou het dan eindelijk gebeuren; Ruffian, de beste merrie van het land zou de Kentucky Derby winnaar Foolish Pleasure ontmoeten in een race over een-en-een-kwart mijl op Belmont Park. De wedstrijd werd live uitgezonden en had $350,000 dollar aan prijzengeld.

"She had done what no horse had ever done and was buried where no horse was ever buried. The great wings were folded about her and Pegasus flew no more" (Gene Smith)

Bij de start kwam Foolish Pleasure iets eerder los van het starthek dan Ruffian, maar in enkele passen pakte ze de leiding met een neklengte. Na de eerste kwart mijl in een flitsende tijd van 22,2 seconden renden ze nek aan nek. Ineens hoorden de jockeys een ziekmakend brekend geluid. Foolish Pleasure zoefde voorbij, terwijl Ruffian uitzwenkte naar de buitenste railing. Uiteindelijk kon haar jockey haar stoppen en toen werd de ergste angst werkelijkheid: haar rechtervoorbeen lag open en haar sesambeentjes waren verbrijzeld.
Er volgende een hevige strijd om haar leven. Ruffian zou geopereerd worden in een kliniek dichtbij de renbaan. De merrie was helemaal gestresst en het duurde een uur voordat ze stabiel genoeg was om haar te kunnen opereren. De operatie die volgde duurde nog eens een uur. Nu konden ze alleen nog wachten totdat ze zou bijkomen en hopen dat alles goed zou gaan.

Ruffian lag een uur doodstil op de grond van de herstelbox, toen begon ze te vechten. Ze werd steeds gewelddadiger en smeet haar verzorgers door de ruimte alsof het speeltjes waren. Ze maakte al het harde werk van de operatie ongedaan door haar woede. Hoewel ze nog onder verdoving was, kon deze het niet winnen van de shock, stress en haar vechtersmentaliteit. Haar eigenaar kon het niet meer aanzien en gaf opdracht een einde aan haar lijden te maken. Ruffian is begraven op Belmont Park met haar hoofd in de richting van de finishlijn.

©www.volbloeds.nl

Man O' War

Geboren in 1917 en getraind in USA

vader: Fair Play (v: Hastings) moeder: Mahubah (v: Rock Sand)

 

Man O' War. De grootste Amerikaanse legende.

In 1917 kwam het vospaard ter wereld op de stoeterij van Majoor August Belmont, voorzitter van de Jockey Club. De majoor vertrok in 1918 om te vechten in de Eerste Wereldoorlog wat leidde tot de massale verkoop van alle jaarlingen van de Belmont Stud op de Saratoga Sales. Man O'War werd verkocht aan Samuel D. Riddle en zijn trainer Louis Feustel.

Man O'War was geen gemakkelijk paard om af te richten en te trainen, hij kon echter geweldig hard lopen. Hij heeft maar een race van de tweeëntwintig verloren, tegen Upset. Dit paard sloeg hij in latere races meermalen met gemak. Er gaan verhalen, dat deze ene verloren race niet helemaal onopzettelijk was en de toenmalige jockey Johnny Loftus heeft naar aanleiding van die race zijn licentie moeten inleveren.

Man O'War heeft vele grote klassieke rennen gewonnen, zoals de Preakness Stakes en de Belmont Stakes. Hij is alleen nooit gestart in de Kentucky Derby. Hij heeft dus nooit de kans gekregen om de Triple Crown te winnen.

Aan het einde van zijn carriere op driejarige leeftijd werd Man O'War als dekhengst ingezet op de Faraway Farm in Lexington, Kentucky. Dit complex was speciaal gebouwd voor het grote paard. Hij mocht slechts 25 merries per jaar dekken van zijn eigenaar die hem wilde sparen. Meest bekende zoon is de hengst War Admiral.

Op 31-jarige leeftijd kwam Man O'War te overlijden op 1 November 1947. Buckpasser, de vader van de in Nederland zo bekende Volbloedhengst Man In The Moon xx, is een directe afstammeling van Man O'War.

 ©www.volbloeds.nl