Genetische- en overervingsfactoren spelen een belangrijke rol in agressie. Geselecteerde fokken zoals Dobermans, Akitas en Rottweilers worden verondersteld agressiever te zijn dan Golden Retrievers en Labrador Retrievers. Verschillende Terriërs werden vroeger speciaal gefokt om klein ongedierte te doden.
Bron: http://www.lisar.com/infotheek/africhting/agressie.html
‘Pitbulls zijn jarenlang gebruikt en geselecteerd als vechthond, hierdoor zijn ze oersterk en onvoorspelbaar in hun gedrag’, aldus één van de pitbullexperts in dienst van LNV.
Bron: http://www.canecorsoclub.nl/regeling_agressieve_dieren.htm
De ‘sector’ vertegenwoordigd door het Platform Preventie Hondenbeten schrijft in het onderzoek ‘Sociale honden bijten niet’, dat agressie voortkomt uit een combinatie van factoren; een hond neigt sterker tot agressief gedrag (mogelijk leidend tot een incident) naarmate:
- De erfelijke aanleg van de hond ongunstiger is
De erfelijke waarschijnlijkheid wordt bepaald op het moment van conceptie. De fokker is de verantwoordelijke voor de keuze voor een bepaalde oudercombinatie en vormt daarmee de doelgroep voor de preventie van ongunstige erfelijke predisposities (erfelijke aanleg).
- De leerprocessen die de hond onderging minder adequaat zijn
Het leren van de hond is in feite het conditioneren van gedragsresponsen op allerlei situaties. Adequate leerprocessen bereiden de hond voor op het vertonen van gewenst gedrag onder de meest ‘gewone en te verwachten’ omstandigheden.
Hoewel de hond in principe zijn gehele leven in staat is leerervaringen op te doen, is met name de eerste fase van zijn leven, 'de socialisatie', de meest invloedrijke. In het leven van de hond zijn de eerste weken/maanden essentieel voor de verdere ontwikkeling. In deze periode leert de pup niet alleen "wie en wat" hij is (de inprenting), maar ook hoe de wereld eruit ziet en hoe hij zich hoort te gedragen om zich in die wereld staande te houden (de socialisatie). Dat betekent dat alles wat hij in deze periode als positief en negatief ervaart, een onuitwisbare indruk achterlaat. Krijgt een pup in deze periode de verkeerde indrukken, dat kan hij niet-gewenst gedrag ontwikkelen, hetgeen eenhond kan opleveren met angstgedrage en mogelijk een lage bijtdrempel.
- De omstandigheden exceptioneler zijn
Naast erfelijke aanleg en doorgemaakte leerprocessen kunnen ‘exceptionele’ situaties zodanig zijn dat de hond geen andere uitweg ziet dan agressie. Een situatie is exceptioneel als de hond hierop niet is voorbereid door middel van zijn leerprocessen. Deze exceptionele omstandigheden kunnen door iedereen worden veroorzaakt. De doelgroep bestaat daarmee in principe uit de gehele Nederlandse
bevolking waarbij speciale aandacht noodzakelijk is voor kinderen, aangezien zij extra kwetsbaar zijn.
Duidelijk is dat er wel een vorm van erfelijke aanleg is voor agressie, maar de deskundigen zijn er wel van overtuigd dat agressie voorkomt in een combinatie met de andere factoren.
In Nederland is er geen enkel onderzoek gedaan naar of agressie rasgebonden is. In Duitsland is een dergelijk onderzoek gedaan. Hieronder 4 Duitse deskundigen aan het woord.
Dr. Helga Eichelberg (Zoologisches Institut der Universität Bonn):
"Ich komme zu dem Schluß, daß es wissenschaftlich unhaltbar ist, sämtliche Tiere einer Rasse als "gefährlich" einzustufen, da das Verhalten eines Hundes eine Kombination aus angeborenen Verhaltensbereitschaften und erlernter Verhaltensweise darstellt. [...] Der gesunde Hund wird nicht gefährlich geboren, sondern er kann, unabhängig von seiner Rassezugehörigkeit, zu einem für Menschen und Tiere gefährlichen Hund manipuliert werden."
Ik kom tot de conclusie, dat het wetenschappelijk onhaalbaar is, dieren van één ras als gevaarlijk te bestempelen, omdat het gedrag van een hond een combinatie uit aangeboren factoren en aangeleerde factoren bestaat. De gezonde hond wordt word niet gevaarlijk geboren; maar hij kan, onafhankelijk van het ras waar hij toe behoort, tot een voor mens en dier gevaarlijke hond gemanipuleerd worden.
Dr. Dorit Feddersen-Petersen (Institut für Haustierkunde der Universität Kiel): "Gefährlichkeit, ein unbestimmter Rechtsbegriff, sollte nicht präventiv an bestimmten Rassen oder Hunden bestimmter Größe, sondern an individuellen Merkmalen festgemacht werden [...] Es ist daher sinnlos, die Zucht bzw. die Haltung bestimmter Rassen zu verbieten oder ihre Haltung von vornherein bestimmten Restriktionen zu unterwerfen. Der Mißbrauch von Hunden wird so nicht gelöst, ebensowenig wie das Problem der Menschengefährdung."
Gevaarlijkheid, een onduidelijk rechtsbegrip, mag niet preventief gekoppeld worden, aan bepaalde rassen of honden van bepaalde grootte, zonder individuele kenmerken.
Het is zinloos het houden van bepaalde rassen te verbieden of aan vooraf bepaalde beperkingen te onderwerpen. Het misbruik van honden wordt zo niet opgelost evenals het probleem van de ‘mensveiligheid’.
Prof. dr. J. Unshelm (Institut für Tierhygiene, Verhaltenskunde und Tierschutz der Universität München): "Trotz erkennbarer Tendenzen ist eine Einteilung in "gefährliche" und "ungefährlige" Rassen problematisch, weil die Beteiligung einzelner Rassen sehr wesentlich davon beeinflußt wird, wieviele verantwortungslose und aggressive Personen sich Hunde dieser betreffenden Rasse anschaffen."
Ondanks herkenbare tendensen is een indeling in ‘gevaarlijke’ en ‘ongevaarlijke’ rassen problematisch, omdat het gedrag van rassen heel wezenlijk wordt beïnvloed, door veel verantwoordelijkheidsloze en agressieve personen die honden van deze betreffende rassen aanschaffen.
Prof. dr. Wolfram Hamann (Fachhochschule für öffentliche Verwaltung Deutschland): "Außerjuristischen Erkenntnisquellen zeigen klar, daß keine der in der Fragestellung erwähnten Hunderassen (bzw. Gruppen) a priori aufgrund rassespezifischer Merkmale gesteigert aggressiv oder gefährlich ist.
Buitenjuridisch deskundige bronnen geven duidelijk aan, dat geen van de genoemde hondenrassen op grond van rasspecifieke kenmerken verhoogd agressief of gevaarlijk is.
Bron: http://www.arfe.nl/wetenschap/wetenschap.html , hun bron: Kampfhunde? Gefährliche Hunde? - Neue wissenschaftliche Gutachten (1998)
Enerzijds is er gefokt met de ‘pitbullachtige’ honden op ‘agressie’, anderzijds menen verschillende deskundigen dus dat een hond op grond van zijn ras niet gevaarlijk kan worden bevonden maar dat agressie enkel uit een combinatie van verschillende factoren voortkomt!