
De chinchilla is een schemer- nachtdier.
Hij komt tegen de avond tot leven.
Overdag slaapt hij meestal bovenin de kooi en
gaat af en toe eens eten of drinken.
Daarbij komt ook nog dat hij gevoelig is voor stress;
in extreme gevallen kan deze stress zelfs
een acute hartaanval veroorzaken.
Overdag moet het dier zoveel mogelijk rust hebben.
Een chinchilla heeft een losse pels,
hetgeen hem in de vrije natuur,
maar ook in gevangenschap een voordeel is.
In het wild voorkwam het dat een vijand vaste greep
kreeg op zijn prooi, maar ook tegenwoordig
hebben we alleen nog maar een pluk haar in onze
handen als we een chinchilla wat onhandig vastnemen.
Dit ontsnappingmechanisme noemt: Furslip.
De structuur van de chinchillapels is dus zeer bijzonder!
Uit elke haarwortel groeien ongeveer 70 tot 80
zeer fijne, zachte haartjes in tegenstelling tot
de normale pels, waar uit elke haarwortel 1 haar groeit.
Daarnaast bevat de chinchillapels zeer sterke
grannenharen, die de vacht structuur geven.
Indien men in de chinchillapels inblaast,
kan men nooit de huid zien.
Het is zelfs zo, dat juist de enorme dichtheid
van de chinchillapels het onmogelijk maakt voor
luizen en mijten om zich een weg te banen
door de pels om bij de huid te komen.
Daarom hoeft iemand die chinchillas houdt zich
nooit grote zorgen te maken over ongedierte.
Enkel de oormijt kan wel overgaan bij een chin
via bv. je andere huisdieren.
Dus houd dit bij al je huisdieren goed in het oog!
Voor een goede pelsverzorging moet de chinchilla
dagelijks een zandbad nemen.
In de natuur baadt hij in lavazand.
In de dierenspeciaalzaak ofwel bij een nabij
gelegen grootfokker kan je badzand voor
chinchillas verkrijgen.
Let wel: ik weet niet of elke grootfokker
badzand doorverkoopt.

Make a free website at Freewebs.com