God ziet onze tranen (2 Koningen 20: 5).
De wereld zal niet zonder tranen zijn tot het einde der tijden
zal volbracht zijn. Niemand kan of kon aan verdriet ontkomen. Zelfs de Zoon van
God heeft geweend (Johannes 11:35; Lukas 19:41).
God zowel Zijn zoon waren meer dan eens vervuld met droefenis.
Hoe uw vijanden hebben gesmaad, o Jehovah, Hoe zij de voetsporen van uw gezalfde hebben gesmaad.
Christus durfde het aan om Zijn tranen aan God te tonen en tot
Zijn Vader te bidden en te smeken: “In de dagen van zijn sterfelijk leven heeft
Hij onder luid geroep en geween gebeden en smekingen opgedragen aan God die Hem
uit de dood kon redden. Om zijn vroomheid is Hij verhoord:” (Hebreeën 5:7
WV78)
Mensen die Christus volgden waren ook niet verlost van tranen.
Zondaars, Petrus e.a. moest ook wenen zowel van vreugde als van besef en van
waar verdriet of spijt om het gebeurde. (Lukas 7:13,38;Mattheus 26:75). Na het
opbiechten van hun spijt vonden zij weer vreugde, of gewoon het voelen van
de nabijheid van Christus of de nabijheid van God vervulde hen verder met
vreugde. Wij ook mogen weten dat indien wij beladen zijn met droefenis, de
vreugde ons toch nog tegemoet zal komen.
“Zalig de treurenden, want zij zullen getroost
worden.” (Mattheus 5:4 WV78)
Indien wij ons over geven aan Jehovah zal Hij ons leiden naar
het eeuwige geluk dat veel verder reikt dan datgene wat ons hier heden op aarde
kan over komen. In de herkenning van Gods liefde moeten wij durven aanvaarden
dat het enkel Zijn Zoon is die de juiste oplossing tot ons gebracht heeft. Jezus
heeft ons de spelregels voor het winnend lot voor gelegd. Christus is de
oplossing tot het verdrijven van alle verdriet en onrecht. Hij alleen is de
weg.
“Jezus antwoordde hem: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het
leven. Niemand komt tot de Vader tenzij door Mij.” (Johannes 14:6)
(WV78)
“Ik geef hun eeuwig leven; zij zullen in eeuwigheid niet
verloren gaan en niemand zal ze van Mij wegroven.” (Johannes 10:28)
(WV78)
“De Geest en de bruid zeggen: ‘Kom!’ Laat wie het
hoort, zeggen: ‘Kom!’ Wie dorst heeft kome. Wie wil, neme het water des levens,
om niet.” (Revelatie 22:17) (WV78)
“wie in Mij gelooft, hij drinke! Zoals de Schrift
zegt: ‘Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien.’” (Johannes
7:38) (WV78)
“Op de laatste en grootste dag van het feest
stond Jezus daar en riep met luider stem: ‘Als iemand dorst heeft, hij kome tot
Mij;” (Johannes 7:37) (WV78)
Nochtans kunnen wij reeds nu deelgenoot worden van veel
geluk. Want als wij Gods leiding voelen zullen reeds veel tranen kunnen gewist
worden.
“want het Lam in het midden van de troon zal hen
weiden en voeren naar de waterbronnen van het leven, en God zal alle tranen van
hun ogen afwissen.’” (Revelatie 7:17) (WV78)
“Dan zal Jahwe u steeds blijven leiden, in
verschroeide oorden uw honger stillen. Hij zal uw krachten sterken en gij zult
zijn als een rijkbesproeide tuin, als een bron die nooit teleurstelt als men om
water komt.” (Jesaja 58:11) (WV78)
Ook al zullen de moeilijkheden ons trachten weg
te brengen van ons geloof, zullen wij in Gods liefde de kracht vinden om er
tegen bestand te zijn.
“Honger noch dorst zal hen deren, schroeiwind
noch zon zal hen kwellen; want Hij die zich over hen erbarmt, zal hen leiden en
bij waterbronnen laat Hij hen rusten.” (Jesaja 49:10) (WV78)
“(36:10) Gij bergt de bron des levens, in uw
licht zien wij licht.” (Psalmen 36:9 WV78)
“Jahwe de Heer vernietigd de dood voor
altijd, Hij veegt de tranen van alle gezichten, op heel de aarde wist Hij de
smaad van zijn volk uit: Jahwe heeft het gezegd!” / Hij zal werkelijk
de dood voor eeuwig verzwelgen, en de Soevereine Heer Jehovah zal stellig de
tranen van alle aangezichten wissen. En de smaad van zijn volk zal hij van de
gehele aarde wegnemen, want Jehovah zelf heeft [het] gesproken.(Jesaja 25:8) (WV78/NWV)
- De Vader zal ons tot een Vader zijn. Hij zal
onze tranen afwassen (-) de tranen, die wij bij het sterven vergoten (-) tranen
van de woestijn (-) tranen over verloren vrienden, en een voorbijgaande wereld.
Hoedanigen behoren wij te zijn. (Mc. CHEYNE) -
Als wij in de juiste hartgemoedstoestand komen
zullen wij ontdekken dat eigenlijk niets ontbreekt voor ons. In het besef dat
Jehovah de enige is die ons alles kan geven zullen wij ook berusting in Hem
kunnen vinden.
“Een psalm van David. (23:1) De Heer is mijn
herder mij zal niets ontbreken.” (Psalmen 23:1) (WV78)
“En Hij zal alle tranen van hun ogen afwissen, en
de dood zal niet meer zijn; geen rouw, geen geween, geen smart zal er zijn, want
al het oude is voorbij.’” (Revelatie 21:4) (WV78)
In het besef dat wij constant zullen
geconfronteerd worden met droefenis kunnen wij er mee omgaan en de gevolgen van
deze pijn overwinnen.
Het Woord van God toont aan dat dat niet
overoptimistisch is en dat wij niet uitgeput zullen geraken in onze beproeving.
God biedt ons Zijn Sterkte aan om ons te leiding doorheen de diepe wateren. In
Hem kunnen wij een onuitputtelijke bron van Levenskracht vinden. Zijn
Waterbronnen zullen nooit opdrogen om ons te kunnen laven en weerbaar te
maken.