Gods weg is de beste.....

Altijd!

 

 

Angst als raadgever?

Angst is een slechte raadgever. Wanneer iemand werkelijk overgeleverd wordt aan angst,
kan hij/zij er finaal aan onderdoor gaan. Ontkennen van angst is voor sommigen de oplossing, doen alsof je geen angsten hebt. Dan is vluchten in de levenshouding - apres nous la déluge - (na ons de zondvloed), een mogelijkheid. Blaise Pascal geeft op deze attitude een beeldend antwoord: "Wie de ijdelheid van mensen niet ziet is zelf knap ijdel". Wie ziet die dan ook niet, behalve de jongeren die allen het drukke leven zoeken, de verstrooiing, en op de toekomst gericht zijn? Maar neem hun verstrooiing weg en u zult zien dat ze van verveling verkommeren. Dan voelen ze hun nietigheid, zonder die te onderkennen, want je bent pas goed ongelukkig als je een ondraaglijke treurigheid voelt zodra je gedwongen wordt over jezelf na te denken en niets je daarvan afleidt! Dat maakt angstig. Wanneer hij nadenkt over het leven zegt hij: "Tussen ons en de hel of hemel, is enkel, halverwege, het leven, het meest kwetsbare dat erop de wereld bestaat. Dat leven te veraangenamen en te behouden is bij voorbaat een verloren slag". Hoezeer wij ook ons inspannen, hetzij met joggen of fitnesstrainingen, diëten of uitgebalanceerde voeding....sterfelijkheid vinden de meesten onder ons maar niets. De dood jaagt de mens angst aan, maar we willen er niet voor uitkomen. Hedonisme is het antwoord. Eerst consumeren en eruit halen wat er in zit. De vakanties zijn het ware leven. Zo'n peperdure cruise kost decadent veel geld. Daar moet menigeen lang voor werken. Daarom hebben we normaals geen tijd. Maar op een cruise heb je toch alle tijd? Nu ja met zo'n groot cruiseschip gaan er natuurlijk een paar lijkkisten mee. Maar die zijn nooit voor mij bestemd. Wat zielig zeg, voor die ander..... Zo verdringen we de gedachte dat het leven een keer ophoudt. Jezus vertelt in een parabel ongeveer het volgende: Een man heeft een grandioze oogst. Hij overlegt met zichzelf: ik breek mijn schuren af om er nog grotere voor in de plaats te zetten. Dan zeg ik tot mijzelf dat ik er maar stevig van moet gaan genieten. Maar de dwaas weet niet dat diezelfde nacht nog zijn leven van hem genomen wordt (De gehele geschiedenis valt te lezen in Lucas 12). Maar wat dan met die angst? Dat bang zijn voor .....? Het antwoord dat Jezus geeft, luidt: Maakt uzelf buidels, die niet verouderen, een schat die niet afneemt in de hemelen, waar de dief niet bijkomt nog de mot verderft. Want waar uw schat is daar zal uw hart zijn.

Bange mensen zien door angst hun leven verziekt. Onlangs stond er een berichtje in de krant. Prijswinnaars in de problemen. Angst vanwege hun nieuw verkregen rijkdom. Angst hoe te besteden. Angst is een verpestende ziekte wanneer je niet weet waar je heen moet. Het een wurgende greep om de ziel. Hoe raak je dat kwijt? Dan is er iets nodig waar je vast op kunt vertrouwen. Dan heb je dat gevoel nodig van geborgenheid, van een thuis, een huis stevig gebouwd op een vast fundament. Jezus zegt:¿ Ieder die Mij hoort en doet wat Ik zeg, zal vergeleken worden met iemand die zo verstandig was zijn huis op een vaste rots te bouwen. De regen viel en de rivieren traden buiten hun oevers, en de winden waaiden en beukten tegen dat huis. Maar het stortte niet in, want het was gebouwd op de rots.

Ieder die Mij hoort en niet doet wat Ik zeg, zal vergeleken worden met iemand die zo dom was zijn huis op zand te zetten. De regen viel neer, de rivieren traden buiten hun oevers, de winden waaiden en beukten dat huis. En het huis stortte in, het was één grote bouwval! (naar Mattheüs 7:24-27)

Wat kies je, bouwen op los zand of op een fundament?

 

Bekering, doop en Heilige Geest

Als we in de Bijbel lezen, zien we dat deze drie onderwerpen
vaak onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.

Het is niet de bedoeling hier een ingewikkelde bijbelstudie 
neer te zetten, maar om aan de hand van bijbelteksten, samen
eens  te onderzoeken wat de Bijbel ons zoal over deze
onderwer
pen heeft te zeggen.

Neem zelf de Bijbel erbij en lees de gedeelten waarin de teksten
staan eens aandachtig door.

 Matth.28:19  ¿Gaat dan heen, maakt al de volken tot mijn
discipelen en doopt  ¿¿

Hand.2:38 Petrus zegt hier: Bekeert u en een ieder van u
late zich dopen op de naam van Jezus Christus, tot vergeving
van U w zonden, en gij zult de gave van de heilige Geest
ontvangen.¿

Matth.3:11   Hier zegt Johannes: ¿Ik doop u met water tot
bekering, maar Hij, die na mij komt, is sterker dan ik¿.. Hij zal
u dopen met de heilige Geest en met vuur.¿

Matth.3:13 t/m 17: Hier lezen we dat Jezus zich in gehoorzaam-
heid aan de Vader door Johannes laat dopen. En de Geest Gods
daalde als een duif op Hem neer.

Hand 8:14-18  Hier waren mensen tot bekering gekomen en
hadden zich laten dopen,  maar hadden de Heilige Geest nog 
niet ontvangen.  De apostelen legden hun toen de handen op
en zij ontvingen de heilige Geest.

Rom.6: 3,4 ¿Of weet gij niet, dat wij allen, die in Christus
Jezus gedoopt zijn, in Zijn dood gedoopt zijn? Wij zijn dan met
Hem begraven door de doop in de dood, opdat, gelijk
Christus uit de doden opgewekt is door de majesteit des Vaders,
zo ook wij in nieuwheid des levens zouden wandelen.
Onze oude mens is hierdoor met Christus medegekruisigd
en wij zijn niet langer slaven van de zonde.

1 Petrus 3:21  hier lezen we dat de doop een gebed is van een
goed geweten tot God.

 Laten we nu nog eens verder ingaan op wat de heilige Geest
in en door ons kan doen.

Matth.4:1 Toen werd Jezus door de heilige Geest naar de
woestijn geleid om verzocht te worden ¿¿

Hand.16:6 ¿.maar zij werden door de heilige Geest verhinderd¿

Hand.20:22, 23  hier lezen we dat Paul door de Geest duidelijk
leiding ervaart over waar hij naar toe moet en wat hem daar te
wachten staat.

Rom.8 gaat hier ook nog uitgebreid over.

Joh.16:13, 14 ook hier lezen we weer dat de Geest  ons zal leiden.

Hand. 13:2  Hier spreekt de H.Geest tot de discipelen.

Marcus 13: 11  Hier lezen we dat de H.Geest ons, indien dat nodig is,
de woorden zal geven die we moeten spreken.

Hand. 2:4, 38  allen werden vervuld met de H.Geest en begonnen
met andere tongen te spreken.
Bekering, dopen en dan¿ de gave van de H.Geest.

In deze teksten zien we dus, dat de H.Geest: leidt en tot je spreekt.

 Hand.1:8 ¿. Maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de
H.Geest over u komt¿..

Hand.4:31 ¿. En zij spraken het woord Gods met vrijmoedigheid.

Hand.6:3  ¿ vol van Geest en wijsheid.

Hand.9:31     bemoediging.

Door de H.Geest ontvangen we dus:
kracht, vrijmoedigheid,
wijsheid  en  bemoediging.

 Rom.5:5 ¿. Omdat de liefde Gods in onze harten is
uitge
stort door de heilige Geest.

Rom.14:17 ¿ het Koninkrijk Gods bestaat niet in eten en
drinken, maar in rechtvaardigheid, vrede en blijdschap,
door
de heilige Geest.

 Galaten 5:22 .. de vrucht van de Geest is liefde, vrede, blijdschap,
lankmoedigheid (geduld), vriendelijkheid, goedheid, trouw,
zachtmoedigheid, zelfbeheersing.

 Nog meer leefregels voor de christen

 1 Thess.5:11 Vermaant daarom elkaar (in de liefde) en bouwt
elkaar op (bemoedig elkaar).

1 Thess.5:12  ¿ houdt vrede onder elkaar, en heb respect
voor uw leiders, die door de Here aangewezen zijn.

1 Thess. 5: 13 t/m 19 kort samengevat: in vrede met elkaar
leven, geduld hebben met anderen, je altijd verblijden in de
Here, Hem dankende, ervoor waken, dat de H.Geest niet uit
je hart gaat.

 De zonde tegen de Heilige Geest.

 Matth. 12:31, 32  Wat voor verkeerds u ook doet, zelfs al
spreekt u kwaad van Mij, het kan u vergeven worden.
Maar voor één ding krijgt u nooit vergeving. In deze wereld
niet en in de toekomstige wereld ook niet.

Dat is voor het belasteren van de Heilige Geest.

 

De gaven van de Geest.

 1 Cor.12  In dit hoofdstuk lezen we heel duidelijk en uitge-
breid over de gaven van de Geest en hoe we deze dienen
te gebruiken, voor onszelf, en in de gemeente.

 Het zou fijn zijn als u dit hoofdstuk eens heel aandachtig
en biddend door zou willen lezen.
Stel u open voor de leiding van de H.Geest, zodat u ook
zult begrijpen wat u leest en dit zult kunnen toepassen
in uw eigen leven.

Uit bovenstaande is wel duidelijk geworden, dat we als
Christen niet zonder de H.Geest kunnen.
Het is een waardevol geschenk, dat Jezus ons heeft
gegeven, zodat we staande kunnen blijven, ondanks
moeite, pijn, verleidingen enz.

 Als u de Heilige Geest nog niet hebt ontvangen, bidt er dan om,
of laat met u bidden. Strek u er naar uit en de Heer zal u geven.

 

 

De enige weg naar de Vader

We worden tegenwoordig geconfronteerd met heel veel verschillende godsdiensten.
En al gauw komt dan de vraag naar voren: welke godsdienst is de ware??
Daarna gaat de discussie over de verschillen in die godsdiensten en het eind van
't liedje is dan vaak: ach, wat maakt het ook uit, we geloven toch allemaal in dezelfde god.
Maar dat dit een pertinente leugen (van satan) is, zal ons duidelijk worden als we
onderstaande bijbelteksten eens goed doorlezen.
Er is maar één manier om tot God te komen en daar wordt in de meeste godsdiensten
aan voorbij gegaan.  En er is maar één God, Die zegt: Ik wil je Vader zijn.
Het is niet voldoende om te zeggen: o ja, ik geloof wel, dat er een god is....
nee, je moet die ene weg bewandelen om bij Hem te komen.
De Bijbel leert ons Wie die weg is.

In Joh.14:6 zegt Jezus:
Ik ben de weg, de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door mij.

En in Joh. 3:16 staat:
Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft,
opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe.

vers 17:
Want God heeft Zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele,
maar opdat de wereld door Hem behouden worde.

vers 18:
Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld; wie niet gelooft is reeds veroordeeld, omdat hij niet
heeft geloofd in de naam van de eniggeboren Zoon van God.

vers 19:
Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is en de mensen de duisternis liever gehad
hebben dan het licht, want hun werken waren boos. Want een ieder, die kwaad bedrijft,
haat het licht, opdat zijn werken niet aan de dag komen; maar wie de waarheid doet, gaat tot het licht,
opdat van zijn werken blijke, dat zij in God verricht zijn.

We zien hier dus heel duidelijk, dat 't er niet alleen om gaat om in een god te geloven,
maar dat we pas tot de enige ware God kunnen komen, door te geloven in Zijn Zoon Jezus Christus.
Hij is de weg die ons leidt tot God.
 
Hij, Die zijn leven heeft gegeven, heeft betaald voor jouw en mijn zonden.
Hij heeft de weg tot God weer vrij gemaakt, voor diegenen, die in Hem geloven.
Hij houdt van je zoals je bent en daarom mag je tot Hem komen zoals je bent.
Met al je tekortkomingen, met al je strijd, al je verdriet.

Als je Jezus nog niet aanvaard hebt als je Redder en Zaligmaker:
wacht niet langer, maar geef je leven nu aan Hem over.
Alleen door Zijn verzoenend bloed, dat Hij op Golgotha heeft vergoten,
ook voor jou, mag je komen tot de Vader.
Hij gaf Zijn Zoon uit liefde voor jou, zodat ook jij Zijn kind mag zijn, door genade.

Nu is 't aan jou of je Zijn aanbod wilt aannemen......

 

 

 

 

 

De kracht van het gebed

 

¿Laten wij daarom  vrijmoedig naar de troon van God gaan om van Hem genade te ontvangen, om hulp te krijgen, juist in die ogenblikken dat wij het moeilijk hebben¿(Hebr.4:16).

 

Als we deze tekst lezen, dan zien we dat we elke dag weer vrijmoedig tot God mogen komen. En niet alleen om de zorgen of problemen van die dag bij Hem te brengen, maar ook voor de problemen of moeiten die nog zullen komen.

We bouwen door (zonder ophouden) te bidden als het ware een tegoed op voor slechtere tijden. En dan mogen we weten, dat God al onze gebeden bewaard heeft en zal verhoren op Zijn tijd.

 

In openb.8:3,4 lezen we hoe waardevol onze gebeden zijn in Gods ogen ¿ zó waardevol, dat ze in de hemel worden bewaard.

¿En er kwam een andere engel, die met een gouden wierookvat bij het altaar ging staan, en hem werd veel reukwerk geschonken om het te geven, met de gebeden der heiligen, op het gouden altaar voor de troon. En de rook van het reukwerk, mét de gebeden der heiligen, steeg uit de hand van de engel voor Gods aangezicht op.

 

Als ik dit lees, begrijp ik een klein beetje hoeveel waarde onze gebeden hebben in de ogen van
onze hemelse Vader. Denk eens aan uw gebeden voor iemand waar u heel bezorgd om bent.

Niet één daarvan is verloren gegaan, maar ze worden allemaal bewaard in de hemel.

Wat een troost en bemoediging!

Nu begrijpt u misschien ook, hoe belangrijk het is om niet alleen te bidden als we al in de problemen zitten, maar om altijd te bidden.

Veel mensen verslappen daarin zodra alles weer goed gaat.
Ze hebben God alleen nodig als ze iets van Hem willen hebben. Maar als alles goed gaat zien ze er geen brood in om Hem elke dag te danken voor al Zijn zegeningen en voorbede te doen voor al diegenen, die het op dat moment nodig hebben. Het zijn zgn zegenzoekers.

Maar op die manier is je gebedsleven geen aangenaam reukwerk voor God.
Dan ben je alleen maar met jezelf bezig en besef je niet wie God eigenlijk is: de Hoogverhevene, onze Schepper, onze Redder, onze Raadsman, de Koning der Koningen enz.enz.
En die God ziet uit naar onze gebeden. Is dat niet geweldig?
Geeft dat niet een verlangen om steeds meer te bidden?
Te mogen weten dat ook ons gebed opstijgt tot Zijn troon en dat Hij daar een welbehagen in heeft?!

En als er moeilijke tijden komen kent Hij onze gebeden en helpt Hij ons er doorheen.

Onderschat de kracht van het gebed niet.
Wij kunnen geen problemen oplossen, maar we kunnen ze wel aan de Heer voorleggen.
Gebed verplaatst onze aandacht van het probleem naar de kracht van God en van onze bezorgdheid en vrees naar de Almachtige. Laten we dan niet verslappen, maar volharden in het gebed.

 

Ik bracht mijn zorgen bij de Heer

om ze aan Hem te geven.

Ik bad voor dat wat moeilijk was;

ik wilde graag blij leven.

 

Maar toen ik daarna verder ging

en alles had beleden,

toen voelde ik een groot verdriet:

mijn last was niet verdwenen.

 

¿Waarom nam U mijn zorg niet weg?

Heer, wilt U niet verhoren

wat ik U vroeg in mijn gebed?¿

Toen hoorde ik deze woorden:

 

¿Ik wil je helpen, o mijn kind,

je last mag je Mij geven,

en al je zorgen neem Ik op mij,

op heel je weg door ¿t leven.

 

Doch weet één ding, onthoudt dat goed:

Jouw tobben zal niet baten.

Je lasten kan Ik dragen slechts

als jij ze los wilt laten.¿

 

Misschien zijn er dingen in uw leven die u ervan weerhouden om te bidden.

Teleurstelling, bitterheid, haat, twijfel, meer liefde voor wereldse dingen dan voor God. Vult u zelf maar in ¿¿

De enige manier om weer vrede in uw hart te krijgen is, om datgene wat u van God weghoudt, te brengen aan de voet van het kruis.

Belijd uw zonden voor Hem en Zijn bloed zal u witter dan sneeuw wassen.

Maar neem uw last niet meer mee terug!

Als u alles achterlaat bij Hem, is de weg weer vrij om te bidden tot uw hemelse Vader. Wacht er niet mee, maar doe het nu ¿t nog kan.

 

De Heer zal u zegenen!

 

 

 

 

De kracht van de Heilige Geest

Pinksteren: De kracht die we nodig hebben


Dikwijls had Jezus Zijn discipelen gewezen op de noodzaak van de kracht van de Heilige Geest. Aan het eind van Lucas 24 staat dat Jezus de Zijnen onderrichtte dat ze in Zijn Naam bekering en vergeving van zonden moesten prediken onder alle volkeren; maar Hij voegde eraan toe dat ze moesten wachten in Jeruzalem totdat ze waren bekleed met kracht uit de hoge. In Joh. 16 zei Jezus tot hen dat Hij zou heengaan tot Hem, die Hem gezonden had en dat dit nodig was, omdat anders de Trooster, de Heilige Geest, niet tot hen zou kunnen komen. Jezus zei:
"Indien Ik heenga, zal Ik Hem (de Heilige Geest) tot u zenden. En als Hij komt, zal Hij de wereld overtuigen van zonde en van gerechtigheid en van oordeel. Hij, de Geest der waarheid, zal u de weg wijzen tot de volle waarheid, en de toekomst zal Hij u verkondigen en Hij zal Mij verheerlijken". Er zijn twee dingen nodig om met Christus overwinnaar te kunnen zijn, namelijk geloof en Zijn goddelijke kracht. Zonder deze zullen wij altijd de nederlaag lijden. Jezus sprak:"Zonder Mij kunt ge niets doen".
Petrus was drie jaar lang op de beste bijbelschool geweest. Hij genoot persoonlijk onderwijs van Jezus Zelf Petrus voelde zich dan ook "een hele Pief', nadat hij drie jaar met Jezus was geweest. Jezus wist echter wat in de mens was en zei tegen hem op de avond voordat Hij Zich gevangen liet nemen: "Ik heb voor u gebeden dat uw geloof niet ophoude. En gij, als gij eenmaal tot bekering gekomen zijt, versterk dan uw broeders".
Petrus, die op zichzelf vertrouwde, sprak: "Here, met U ben ik bereid ook gevangenis en dood in te gaan!" Dit meende Petrus oprecht. Maar Jezus had geen vertrouwen in de mens zonder de Heilige Geest, ook al was deze een van zijn meest geliefde discipelen.
Hij zei: "Ik zeg u, Petrus, de haan zal heden niet kraaien eer gij driemaal zult geloochend hebben, dat gij Mij kent". Deze ervaring was voor de overmoedige Petrus een goede les. Wat heeft hij geweend en zich geschaamd, vooral toen Jezus met het hanegekraai Zich speciaal omkeerde om Petrus met liefdevolle ogen overtuigend aan te zien. Hoe wonderbaar, dat de Heiland de Vader gebeden had dat hun geloof niet zou ophouden.


BEKERING VAN HET "EIGEN IK"
Toen de Heer zei in Lucas 22:32: "als gij eenmaal tot bekering gekomen zijt" sprak Hij niet over de bekering van een zondaar tot God. Want in die zin was Petrus al een bekeerd gelovige. Hij was een godsdienstig man. Neen, Jezus sprak hier over de bekering van het zelf-leven - het eigen ik - van Petrus. Deze bekering geschiedt niet door menselijke kracht of geweld, maar door Zijn Geest. Ook de andere discipelen waren gevlucht en tot zelfkennis gekomen. Toen ze in de bovenzaal te Jeruzalem vergaderd waren, wachtten zij op de belofte van de Vader, de kracht van de Heilige Geest, welke Jezus hun beloofd had. Hun zelfkennis had hen tot diepe verootmoediging gebracht alsook tot een grote afhankelijkheid van Jezus. De discipelen gingen, nadat ze Jezus naar de hemel hadden zien opvaren, er niet meteen op uit om het evangelisatiewerk van Jezus voort te zetten. Neen, zij bleven op de knieën om goddelijke kracht te ontvangen. En op de dag van Pinksteren werden zij allen vervuld met de Heilige Geest en begonnen te spreken met andere talen, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken (Hand. 2). Op die dag zien wij een heel andere Petrus tevoorschijn treden. Allen die vervuld werden met de Heilige Geest waren anders dan tevoren. Onbevreesd, vol van kracht, met een bewogenheid voor zielen, spraken zij met nieuwe tongen en een grote menigte mensen kwam tot bekering en er geschiedden vele wonderen en tekenen door de discipelen! Hoe dwaas is het te denken dat een christen het wel zonder de doop met de Heilige Geest kan stellen. Als de discipelen deze doop nodig hadden voor hun bediening, ondanks hun school met Jezus, hoeveel te meer wij, die in de laatste dagen leven waarin satan rondgaat als een briesende leeuw. De dagen waarvan Jezus zegt dat er valse profeten zullen opstaan. Dagen, waarin satan ook de uitverkorenen zal proberen te verleiden. Velen zullen hierdoor afvallen van hun geloof in God.


DE HEILIGE GEEST WERD NIET ALLEEN OP DIE PINKSTERDAG UITGESTORT
In Handelingen 2:38 zegt Petrus ten éérste "Bekeert u";
ten tweede: "een ieder van u late zich dopen"
en ten derde: "en gij zult de gave van de Heilige Geest ontvangen".
"Want voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor allen, die verre zijn, zovelen als de Here, onze God, ertoe roepen zal".
Bekering, waterdoop, en de Heilige Geest - drie afzonderlijke dingen. Door gebrek aan kennis van de Schrift en verkeerd onderricht, denken sommige christenen, dat op de Pinksterdag de Heilige Geest eens voor altijd werd uitgestort. Maar dat is niet juist. In Hand. 8 lezen wij dat toen de mensen in Samaria Filippus, de evangelist, geloofden, zij zich lieten dopen, zowel mannen als vrouwen. Toen de apostelen dit hoorden zonden zij Petrus en Johannes, die deze mensen de handen oplegden voor de doop met de Heilige Geest, welke zij toen ontvingen. In Hand. 10 lezen wij over Cornelius, in wiens huis Petrus een huissamenkomst belegde op verzoek van Cornelius, die een openbaring van God had gehad. Cornelius was een godzalig man, een man van vasten en bidden (Hand. 10: 30 en 3 l). Maar toen Petrus sprak viel de Heilige Geest op allen, die het Woord hoorden (vers 44). Petrus en zij die bij hem waren verbaasden zich erover dat de gave van de Heilige Geest óók over de heidenen werd uitgestort. Hoe wisten ze dit? Hoe wisten ze dat de Heilige Geest op hen gevallen was? Zij hoorden hen spreken in nieuwe tongen en God grootmaken! Deze mensen waren niet eens in water gedoopt. Maar Petrus zei: "Zou iemand het water kunnen weren, om dezen te dopen, die evenals wij de Heilige Geest hebben ontvangen? En hij beval hen te dopen in de Naam van Jezus Christus ". In Hand. 19 (dus lange tijd na de Pinksterdag) lezen wij, dat Paulus aan een groepje christenen de vraag stelde: "Hebt gij de Heilige Geest ontvangen toen gij tot het geloof kwam?" Ze zeiden: "Wij hebben zelfs niet gehoord, dat er een Heilige Geest is". Paulus zei: "Waarin zijt gij dan gedoopt?" "In de doop van Johannes", was het antwoord. Toen doopte Paulus hen over in de Naam van de Here Jezus, en toen hij hun de handen oplegde, kwam de Heilige Geest over hen en zij spraken in tongen en profeteerden (vers 5 en 6). Wij zien dus dat deze mensen waren 1e: bekeerd, 2e: gedoopt in water, en 3e: gedoopt in de Heilige Geest. De volgorde is altijd 1,2,3 of 1,3,2, zoals bij Cornelius. Het is mogelijk gedoopt te worden met de Heilige Geest alvorens te worden gedoopt in water, maar het is onmogelijk de Heilige Geest te ontvangen vóór de bekering. De doop met de Heilige Geest is de belofte van de Vader voor de wedergeboren mens.


BEKERING EN DOOP MET DE HEILIGE GEEST NIET HETZELFDE
Er zijn mensen die denken dat wij bij de bekering tevens de Heilige Geest ontvangen. In de Bijbel zien wij echter dat dit anders is. Bekering en Geestesdoop zijn twee aparte dingen, evenals de waterdoop anders is als de doop met de Heilige Geest. Ook in Hand. 2 zei Petrus: 1) bekeert u, 2) laat u dopen, en 3) wordt vervuld met de Heilige Geest. Natuurlijk is de bekering het werk van de Heilige Geest in ons hart. Het overtuigen van zonde is het werk van de Heilige Geest, maar overtuigd worden door Gods Geest is wat anders dan met Hem vervuld te worden. Laten wij over dit punt echter geen strijd voeren. Wanneer u meent bij uw bekering de Heilige Geest ontvangen te hebben spreekt u dan ook in nieuwe tongen, zoals wij dat vinden in de Bijbel? (Zie Hand. 2,8, 10 en 19). Heeft u zich ook laten onderdompelen in water, nadat u tot bekering kwam? Of denkt u dat dit tegenwoordig niet meer nodig is? Gods Woord is echter niet veranderd! Waarom niet een bijbelse bekering, een bijbelse doop in water, een bijbelse doop met de Heilige Geest en een bijbels spreken in nieuwe tongen? Waarom zullen wij menen het met minder te kunnen stellen dan God ons geven wil? Het spreken in nieuwe tongen was voor de Eerste Gemeente het bewijs dat men de Heilige Geest ontvangen had. Waarom zullen ook wij dat bewijs niet aanvaarden? Een kwitantie is het bewijs voor zekerheid van ontvangst. Zo kunnen wij ook de nieuwe tongen zien als een bewijs van God gegeven voor de doop met de Heilige Geest. Natuurlijk is de tongentaal iets wonderbaars tot stichting van uzelf (1 Cor. 14:4) en indien er uitleg is, tot stichting van de gemeente (vers 5). Er zijn ook mensen die zich er als het ware op beroemen in tongen te kunnen spreken, terwijl wij geen vruchten van de Heilige Geest zien, die ze zeggen ontvangen te hebben. Welnu, zulk een kwitantie heeft weinig of geen waarde. Dan maar liever iemand die niet roemt: "ik spreek in tongen", maar in wiens leven de vrucht van het werk des Geestes te zien is. Maar het heerlijkste en belangrijkste is om alles te ontvangen wat God ons geven wil. Dus ook de tongentaal, welke op bijbelse wijze gebruikt dient te worden (1 Cor. 14:12). Jezus legde in het geheel niet de nadruk op de tongentaal, maar wel hierop: "Gij zult kracht ontvangen wanneer de Heilige Geest over u komt". Vrienden, dat is hetgeen wij als christenen en Gemeente van Christus nodig hebben. Waar is de pinksterkracht van de Kerk van Christus? Waar is de kracht van de Heilige Geest in ons leven?

 

 

 

 

De kracht van Jezus bloed

In dit gedeelte wil ik graag met u kijken wat de bijbel zegt over hoe wij als christen moeten leven.
We denken zo vaak dat we ons best moeten doen om een voorbeeld te zijn voor iedereen om ons heen.
En vaak lijkt het wel, dat hoe harder we ons inspannen, hoe vaker er iets helemaal uit de hand loopt.
Hebt u zich weleens afgevraagd, wat daar nu de reden van kan zijn?
En dan dat schuldgevoel, waar we dan weer mee geconfronteerd worden(door satan),
hebt u zich weleens afgevraagd, waarom we ons zo schuldig voelen als we falen??
Zou dat soms komen omdat we ons niet bewust zijn van het feit,
dat Christus in ons woont en wil werken door ons heen,
i.p.v. dat wij alles zelf willen doen???

Galaten 2:20. "Niet meer ik, maar Christus leeft in mij."

Dit is de definitie van het leven van een christen.
Paulus bedoelt hiermee niet een christendom op een uitzonderlijk hoog niveau,
maar hij doelt hier op het gewone leven, waarvan God wil, dat iedere christen het leeft.
Samengevat: ik leef niet meer, maar Christus leeft Zijn leven in mij.
God toont in Zijn woord, dat Hij slechts een antwoord heeft op elk menselijk probleem:
Zijn Zoon, Jezus Christus.
Al Zijn wegen met ons zijn er op  gericht ons opzij te zetten, om Christus in onze plaats te stellen.
Het plaatsvervangend werk van Christus heeft een dubbele betekenis.
Hij stierf als onze Plaatsvervanger aan het kruis en schenkt ons zo de vergeving van zonden
en Hij leeft als Plaatsvervanger in ons, om ons de overwinning te geven.
God zal al onze vragen slechts beantwoorden door ons meer en meer van Zijn Zoon te openbaren.
Dat moeten we goed onthouden, dat zal ons bemoedigen en veel verwarring besparen.

In Rom. 1:1 en 5:11 lezen we over de zonden die we tegen God bedreven hebben
en waar we vergeving voor ontvangen.
Maar in Rom. 5:12 en 8:39 lezen we over de zonde,
die als een macht in ons werkt en die ons tot zonde drijft.
We hebben dus ook bevrijding nodig van de macht der zonde! Hoe???
Door met Christus verenigd te zijn in Zijn dood, begrafenis en opstanding
worden we bevrijd van de macht der zonde!

Het bloed van Jezus reinigt ons van wat we hebben gedaan.
Het kruis bevrijdt ons van wat we zijn.

Het bloed neemt onze zonden weg.
Het kruis tast onze neiging tot zondigen in de wortel aan.

Hoe overwinnen we de aanklager?

U kent ongetwijfeld de tekst uit de eerste brief van Johannes:
"Het bloed van Jezus, Zijn Zoon reinigt ons van elke zonde."
Is dat niet geweldig!
God is licht en wanneer wij met Hem in het licht leven,
brengt dat licht alles aan de dag, zo dat God ' t zien kan.
En toch is het bloed bij machte ons te reinigen van elke zonde.
Als we dit geloven, hoe kan satan ons dan nog beschuldigen??
Als God voor ons is, wie zal dan tegen ons kunnen zijn?
We zijn van nature geneigd tot het kwade, maar
het bloed reinigt ons van elke zonde.
Niet uit onszelf, maar door Zijn genade is onze schuld betaald.
Luister niet als satan u voorhoudt, dat u slecht bent of er niets van terecht brengt.
Wij hoeven onszelf niet waar te maken, want als Christus in ons woont, doen niet wij het,
maar doet Hij het door ons heen. Als Christus echt in ons woont, zijn wij vrij van de zonde.
Geloof in de kracht van het bloed, want  daardoor alleen is dat mogelijk.
Hij heeft onze schuld betaald en wij mogen pleiten op Zijn bloed.
Jezus is onze voorspraak bij de Vader. Hij pleit voor ons.
En als wij het bloed van Jezus aanroepen, zal satan op de vlucht slaan.
Zo kunnen wij leven in het licht van Zijn overwinning!

Het is volbracht!!!

 

 

Sponsors

 

Demonen achter elke boom?

Jullie zien spoken; jullie zien demonen achter elke boom!
Dat verwijt klinkt in onze cultuur vrij snel, wanneer we het hebben
over de werkzaamheid van boze geesten en de bevrijding van gebonden mensen.
De duivel is uit ons cultuurbeeld weg verklaard.
Een hoogleraar in de theologie legde het eens zo uit: "De duivel?
Dat is gewoon de donkere kant van het mens-zijn.
Ieder mens heeft naast het goede ook het kwade in zich, en dat noemde men
vroeger de duivel." Een klein beetje gelijk had hij natuurlijk wel.
We moeten ervoor oppassen om overal de duivel achter te zoeken.
We hebben ook onze eigen  verantwoordelijkheid.

Jakobus, de broer van Jezus, zegt 't zo: (4:1) "Waaruit komt bij u strijd en vechten voort?
Is het niet hieruit: uit uw hartstochten, die in uw leden zich ten strijde toerusten?"
Als een mens het moeilijk heeft en vastzit in allerlei zonden, moet hij niet in de eerste plaats naar de duivel wijzen, maar eerlijk zijn. De verkeerde begeerten wortelen in onszelf.
Daaruit komt ons zondige handelen en onze boosheid voort.
Toch besluit Jakobus zijn onderwijzing een paar verzen verder met:
"Onderwerpt u dus aan God, maar biedt weerstand aan de duivel, en Hij zal van u vlieden."(4:7)
Op een of andere manier is de strikte scheiding tussen ons eigen boze begeren en het
werk van de duivel niet altijd te maken.  De duivel zoekt bewust die terreinen in ons leven op die we niet onder controle hebben, en precies daar probeert hij ons te verleiden.
Soms, terugkijkend op een onredelijke woede-uitbarsting, zeggen we later:
"Ik begrijp niet wat er toen in me was gevaren, want eigenlijk had ik me helemaal niet zo kwaad hoeven maken."

Wat merken wij nu van de duivel? Wat doet hij eigenlijk?
Er zijn allerlei niveaus waarop de duivel werkt, en er is groot verschil in de intensiteit
waarmee hij mensen onder druk zet of macht over hen heeft.
Ik zal proberen een antwoord te geven op deze vragen.

Verleiding en verblinding.
Zonder uitzondering probeert de duivel mensen te verleiden tot zonde of tot vooroordeel en vergelding. Hij doet dat zonder zelf in het gezichtsveld te komen.
Maar niemand zal ontkennen dat alles wat verboden is, vaak een bijzondere aantrekkingskracht op ons uitoefent.
Niet zelden speelt de duivel een rol in deze aantrekkingskracht.
Met behulp van het nuchtere verstand weet de mens vaak weerstand te bieden aan deze aantrekkingskracht, maar soms laat hij zich gewoon meeslepen.
Succesvolle omstandigheden verzwakken de mens bij het maken van de juiste keuze.
Ook weten we hoe mensen door gekrenkte trots of zielenpijn totaal verblind kunnen raken
en een vijandsbeeld creeren van degene die hun pijn heeft aangedaan.
Plotseling deugt er aan die ander niets meer en alles wat die ander onderneemt, wordt in
een kwaad  daglicht gesteld. Ieder weldenkend mens weet dat dit niet klopt.
We kennen allemaal mensen die verbitterd door het leven gaan, en als buitenstaander kun
je je verbazen over het feit, dat zulke mensen totaal verblind lijken te zijn voor de werkelijkheid.
Ook hierin speelt de duivel een rol.

Dwang of remming.
De invloed van de duivel kan ook intenser zijn. Buiten onze controle om  bewerkt hij ons gevoelsleven. Dit uit zich bijvoorbeeld in nare dromen of vreemde angstgevoelens.
Andere mogelijkheden zijn dwanghandelingen (stelen, liegen, zelfbevrediging), dwangvoorstellingen, dwanggedachten en stemmen. We spreken dan van een gebondenheid.
Er is een boze geest die deze mens gevangen houdt en dwingt tot een bepaalde handeling of gedachte. De mens in kwestie heeft deze gevoelens en gedachten of angsten ook niet meer onder controle.
Soms komt dat doordat iemand zich met iets occults heeft ingelaten of door anderen bij occulte zaken werd betrokken. Ook psychische zwakte of trauma's kunnen boze geesten misbruiken om macht over een mens te krijgen. De duivel is uitermate gemeen en maakt misbruik van onze zwakheden of van situaties die ons diep raken.
Zo kunnen incestslachtoffers en slachtoffers van pedofilie gebonden raken doordat de duivel  misbruik maakt van hun trauma.
Dit uit zich vaak in een hoge mate van stress rond het thema seksualiteit.
De slachtoffers weten daar niet goed mee om te gaan en vertonen zelf ook vaak abnormaal seksueel gedrag.
Een andere invalspoort  voor de duivel kan ontstaan vanuit de pijn van verwerping.
Er zijn heel wat mensen, die deze pijn vanuit hun opvoeding hebben opgelopen.
Als die pijn niet op een gezonde manier wordt verwerkt, brengt de duivel deze mensen
in totale vertwijfeling en niet zelden tot z
elfmoord. 
Ook het toegeven aan bepaalde zonden, kan ertoe leiden, dat de duivel iemand als het ware
op die zonde vastbindt.
Het koesteren van boosheid kan de oorzaak zijn van een gebondenheid die zich uit in regelmatige woede-uitbarstingen.
Vaak is het zo, dat mensen nauwelijks merken dat ze gebonden zijn.
De invloed van de boze geest is dan heel sluipend. Maar in zo'n periode kan er wel van alles gebeuren dat het leven negatief beinvloedt: de kwaliteit van het huwelijk kan achteruit gaan
of de omgang met collega's,  de stress kan toenemen. 
Maar dat er een boze geest aan het werk is, komt vaak niet in onze gedachten op.

Als iemand gaat geloven.
Vaak wordt de aanwezigheid van een boze geest  pas echt merkbaar als iemand tot geloof komt en leert over de principes van het Koninkrijk van God. Dan wordt de boze geest onrustig, omdat hij weet dat hij nu spoedig zijn invloed zal verliezen.
Het blijkt dan heel moeilijk om bijvoorbeeld  Bijbel te lezen, te bidden of de naam van Jezus uit te spreken. Op het moment dat je die dingen gaat doen, raak je enorm gestresst.
Het klamme zweet breekt je uit, terwijl je daar vroeger nooit last van had.
Dit zijn  tekenen van de invloed van een boze geest.

Bezetenheid.
De zwaarste vorm van demonische beinvloeding noemen we bezetenheid.
Gelukkig komt dat niet veel voor, zeker niet bij christenen. Iemand die bezeten is, is voortdurend of bij vlagen volledig onder controle van één of meer boze geesten.
Deze mensen zijn voor de medische wetenschap een raadsel, omdat de meeste psychiaters
en artsen geen rekening houden met het bestaan  van boze geesten.
U ziet, dat het om een gradueel verschil gaat, van verleiding  naar beinvloeding  tot totale controle.
Van het eerste hebben we allemaal last. Van het laatste gelukkig maar een enkeling.

Hoe krijgt de duivel macht?
Hoe krijgt de duivel macht over mensen?
In de meeste gevallen omdat wij in onwetendheid of onkunde die macht aan hem hebben gegeven. De Bijbel vertelt ons in Exodus 20:5 het volgende:
"Gij zult u voor die(afgoden) niet buigen, noch hen dienen; want Ik, de Here, uw God, ben een naijverig God, die de ongerechtigheid der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde en aan het vierde geslacht van hen die Mij haten."
Dit betekent dat de gevolgen van afgoderij tot in het derde en vierde geslacht  merkbaar zijn, omdat God zijn zegen wegneemt van een familie die andere goden aanroept.
Het resultaat van afgoderij-occultisme is daarvan een moderne variant- is, dat de persoon in kwestie én zijn of haar nakomelingen tot een bepaalde hoogte onder de invloed van boze geesten komen te staan.
Zij raken dus in meer of mindere mate gebonden.
Deze gebondenheid bewerkt bij de volgende generatie heel vaak een verhoogde interesse in het occulte of zelfs een paranormale begaafdheid, zodat ook die generatie op occult terrein
zal zondigen.
Zo wordt de vloed op de afgoderij over steeds meer generaties voortgeplant.

Afgoderij?
Is occultisme of het bezoeken van alternatieve genezers of een magnetiseur dan gelijk te stellen met afgoderij? Jazeker! In Deuteronomium 18 vanaf  vers 9 somt Mozes een heel
aantal gebruiken op, die onderdeel zijn van de afgodendienst van de Kanaanieten: "Wanneer gij gekomen zijt in het land, dat de Here, uw God, u geven zal, dan zult gij niet leren doen naar de gruwelen van die volken. Onder u zal er niemand worden aangetroffen die zijn zoon of dochter door het vuur doet gaan, die waarzeggerij pleegt, geen wichelaar, uitlegger van voortekenen, of tovenaar, geen bezweerder, niemand die de geest van een dode of een waarzeggende geest ondervraagt of die de doden raadpleegt. Want ieder die deze dingen doet, is de Here een gruwel, en ter wille van deze gruwelen drijft de Here, uw God, hen voor u weg. Gij zult onberispelijk staan tegenover de Here, uw God; want deze volken, die gij verdrijven zult, luisteren naar wichelaars en waarzeggers, maar u heeft de Here, uw God, dit niet toegelaten."
Het offeren van de eigen kinderen in de Baalsgodsdienst staat hier op dezelfde lijn als het "wichelen"(het bezig zijn  met "krachten") in de vorm van paranormale geneeswijzen of het zoeken naar aardstralen. Vanwege hun occultisme trok God zijn zegen van de Kanaanieten af en dreef hen weg uit hun land om plaats te maken voor het volk Israel.
Heel vaak weten we niet hoe een bepaalde gebondenheid is ontstaan, en we komen er ook niet altijd precies achter. Naast afgoderij (occultisme) kunnen seksuele zonden (verkrachting, overspel. enz), maar ook moord en geweldpleging de aanleiding zijn voor gebondenheid bij de dader en bij de volgende generaties.

Hoe worden mensen vrij?
Veel belangrijker is hoe gelovigen van eventuele gebondenheden bevrijd kunnen worden.
Soms wordt de boze geest eenvoudig weggejaagd, door hem in de Naam van Jezus te bevelen weg te gaan. De persoon wordt op dat moment bevrijd, zonder dat we precies weten hoe alles in zijn werk is gegaan. Soms is het nodig de occulte of andere zonden, waardoor de gebondenheid is ontstaan, te belijden. De boze geest wordt daarna eenvoudig in de Naam van Jezus  weggejaagd.
Soms moeten we echt gebruik maken van de speciale bedieningen van bevrijding die er in de gemeente zijn, omdat wij niet voldoende onderscheid en openbaring hebben.
Maar één ding is zeker: sinds de hemelvaart van Jezus kan geen boze geest meer blijvend verzet bieden tegen de kracht van Zijn naam. En talloze gelovigen kunnen ervan getuigen, doe zij in de Naam van Jezus radicaal werden bevrijd van angsten, verslavingen, belemmeringen, vloek en rampspoed, die hun door de duivel waren aangedaan.
Wij zijn door Jezus' bloed vrijgekocht om in vrijheid te leven, vrij van psychische trauma's en demonische onderdrukking.

 

 

 

De opname

Matth: 24:36-42

Doch van die dag en die ure weet niemand,
ook de engelen der hemelen niet,
ook de Zoon niet,
maar de Vader alleen.
Want zoals het was in de dagen van Noach,
zo zal de komst van de Zoon des mensen zijn.
Want zoals zij in {die} dagen vóór de zondvloed waren,
etende en drinkende,
huwende en ten huwelijk gevende,
tot op de dag, waarop Noach in de ark ging,
en zij niets bemerkten, eer de zondvloed
kwam en hen allen wegnam,
zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn.
Dan zullen er twee in het veld zijn,
één zal aangenomen worden en één zal
achtergelaten worden;
twee vrouwen zullen aan het malen zijn met de molen,
één zal aangenomen worden, en één achtergelaten worden.
Waakt dan want gij weet niet, op welke dag uw Here komt.

 

 

 

Een goede relatie                                          

In relaties kunnen mensen heel bezitterig worden.
We hunkeren zo naar liefde dat we geneigd zijn ons vast te klampen aan wie ons liefde,
genegenheid, vriendschap, zorg en aandacht geeft.
Als iemand eenmaal aardig tegen ons is geweest, verlangen we naar meer.
Daarom kibbelen geliefden zo vaak met elkaar.
Ze doen dit omdat ze meer verwachten dan ze elkaar kunnen of willen geven.
Liefde wordt bijna vanzelf bezitterig omdat wij naar volmaakte liefde verlangen en omdat niemand
in staat is die te geven. Alleen God kan volmaakt liefhebben.
Daarom is de kunst van het liefhebben ook de kunst om elkaar de ruimte te laten.
Als we alle ruimte bij de ander in beslag nemen en de ander daardoor niet meer vrij laten,
veroorzaken we veel pijn en verdriet in onze relaties. Maar las we de ander bewegingsvrijheid gunnen
en met elkaar delen wat we aan goeds kunnen geven, dan wordt vertrouwelijkheid echt mogelijk.
Dan krijgt het gezegde leven en laten leven een diepere, rijkere dimensie.
Vertrouwelijkheid tussen mensen vraagt zowel om nabijheid als om afstand.
Het is net als bij het dansen. Soms zijn we dicht bij elkaar, raken we elkaar aan of houden elkaar vast.
Dan weer verwijderen we ons van elkaar en scheppen we ruimte om vrij te kunnen bewegen.
Het kost veel moeite om steeds het juiste evenwicht te vinden tussen nabijheid en afstand.
Je bent aan elkaar verbonden, maar niet gebonden.
Daarbij houden we rekening met het feit dat de partners niet steeds behoefte hebben aan hetzelfde.
De één kan nabijheid willen terwijl de ander net afstand zoekt.
De één wil vastgehouden worden en de ander wil onafhankelijk zijn.
Het volmaakte evenwicht komt zelden voor, maar je kunt er eerlijk en openhartig naar zoeken.
De levensdans die je dan te zien krijgt kan prachtig zijn.
We maken graag onderscheid tussen ons privé-leven en ons publieke leven.
We zeggen dan: 'met mijn privé-leven heeft niemand iets te maken'.
Als geloven evenwel belangrijk voor ons is, dan merken we gauw dat het meest persoonlijke ook
 het meest universele is. Het meest individuele is ook het meest gemeenschappelijke.
Ons persoonlijk leven behoort niet aan onszelf, maar aan alle mensen.
Daarom is ons innerlijk leven bestemd voor anderen.
Daarom is ons alleenzijn een geschenk voor ons samenzijn.
En daarom hebben onze meest geheime gedachten invloed op ons samenleven.
Jezus zegt: "Ook steekt men geen lamp aan en zet haar onder de korenmaat, maar zet haar op de standaard, en zij schijnt voor allen, die in het huis zijn" (Matth. 5:15). 
"Gij zijt het licht der wereld" (Matth. 5:14). Het licht van binnen is een licht voor de wereld.
We moeten geen dubbelleven leiden. Iedereen mag weten wat we van binnen beleven.
We hebben allemaal onze geheimen: gedachten, herinneringen, gevoelens die we voor onszelf houden.
We denken dikwijls: 'Als mensen wisten wat ik voel of denk, dan zouden ze niet van me houden.'
Die zorgvuldig bewaarde geheimen kunnen veel kwaad bij ons aanrichten.
Ze kunnen ons schuld- of schaamtegevoelens bezorgen en leiden tot zelfverachting, depressiviteit en
suïcidaal gedrag.
het beste is je geheimen met anderen te delen op een veilige plek, met mensen die je vertrouwt.
Als je je geheimen op een goede manier aan het licht brengt en er met anderen naar kijkt, zul je snel merken dat je er niet meer alleen mee bent. Bovendien zullen je vrienden nog meer van je gaan houden. Als je je geheimen openbaart, raak je met anderen verbonden en word je innerlijk geheeld. Door je geheimen te delen zullen anderen meer van je houden, en zul je jezelf meer de moeite waard vinden.
God vindt ons de moeite waard, anders had Hij ons niet geschapen. Hij wil een relatie met ons.
Veel mensen zijn echter bang voor God. Nu is angst een moeilijk te definiëren iets. Je kunt bang zijn
voor spinnen, voor het donker, voor de toekomst, voor de dood enz. Maar angst hebben voor God?
Nee, want hoe kun je nu bang zijn voor Iemand die jou ten volle liefheeft?
Jezus is gekomen om onze angst voor God weg te nemen. Liefde en angst voor God kunnen niet samengaan.
Liefde betekent intimiteit, nabijheid, gezamenlijke kwetsbaarheid, en een diep gevoel van veiligheid.
Dat is allemaal niet mogelijk zolang er angst heerst.
Angst leidt tot achterdocht, afstandelijkheid, afweer en een gevoel van onveiligheid.
Angst is een serieuze belemmering voor geestelijk leven.
Het is een belemmering voor gebed, meditatie en geestelijke vorming.
In 1 Joh. 4:18 lezen we: "er is in de liefde geen vrees, maar de volmaakte liefde (=God) drijft de vrees uit." Dat is de kern van Jezus' boodschap: God houdt echt van ons en vraagt dat wij op onze beurt God liefhebben zonder angst. 
Jezus is God-met-ons, Immanuël. God is mens geworden, daarin ligt het geheim besloten dat God om onze liefde vraagt. God is een weerloos kind geworden dat volledig afhankelijk was van menselijke zorg.
Daardoor heeft God alle afstand tussen het Goddelijke en het menselijke teniet willen doen.
Wie kan er nu bang zijn voor een klein kind dat voeding, leiding en opvoeding nodig heeft?
We hebben het doorgaans over onze afhankelijkheid van een almachtige God, maar God wilde juist kwetsbaar worden, machteloos, afhankelijk van ons. We kunnen daarom toch niet bang zijn voor een
God die 'met ons' wil zijn en ons 'met God' wil zien? Mensen hebben God nodig om mens te kunnen zijn, maar God heeft mensen nodig om God te kunnen zijn.
God heeft een verbond met ons gesloten. Het woord 'verbond' komt van 'verbinden'.
God wil met ons verbonden zijn. In veel Bijbelverhalen lees je dat God ons verdedigt tegen onze vijanden, ons beschermt tegen gevaren en ons leidt naar vrijheid. God is God-voor-ons. Jezus geeft een nieuwe dimensie aan dit verbond. In Jezus komt God als een kind ter wereld. Hij groeit op, leeft, lijdt
en sterft zoals wij.
God is God-met-ons. Bij Zijn heengaan belooft Jezus ons de Heilige Geest.
In de Heilige Geest openbaart God de volle diepte van het verbond.
God wil ons zo nabij zijn als onze eigen adem. God wil in ons ademen, zodat alles wat we zeggen, denken en doen helemaal door God geïnspireerd is. God is God-in-ons.
Zo zien we in Gods verbond hoeveel God van ons houdt en ons leven verrijkt.
Door een verbond met ons te sluiten zegt God: 'Ik houd voor altijd van je.
Ik zal je trouw blijven, ook als je bij Mij wegloopt, Mij afwijst of Mij ontrouw wordt.'
In het gewone leven spreken we eerder van contract dan van verbond.
Een contract sluiten met iemand betekent: 'ik  houd mijn woord zolang jij dat ook doet. Als jij niet doet wat je belooft, hoef ik dat ook niet meer te doen.' Contracten worden vaak verbroken omdat de partners hun verplichtingen niet meer kunnen of willen nakomen.
God heeft evenwel geen contract met ons gesloten. God sloot een verbond.
Hij verbindt Zich in een relatie met ons en wil dat onze onderlinge verhoudingen een weerspiegeling zijn van dat verbond. Daarom zijn huwelijk, vriendschap evenzovele manieren om Gods trouw zichtbaar te maken tussen ons.
Veel menselijke relaties lijken net de verstrengelde vingers van twee handen.
Omdat we eenzaam zijn, klampen we ons vast aan elkaar, maar die verstrengeling neemt onze eenzaamheid niet weg en veroorzaakt veel pijn. Hoe meer we elkaar omklemmen, hoe wanhopiger we worden.
Veel van die verstrengelde relaties zijn verstikkend en benauwend, en gaan daaraan kapot.
Verhoudingen tussen twee mensen moeten meer lijken op twee samengevouwen handen.
Die kunnen zich vrij van elkaar bewegen, terwijl de vingertoppen elkaar toch raken.
Ze kunnen een kleine beschutte ruimte vormen, een kleine tent, een veilige plaats om te wonen.
Echte relaties tussen mensen verwijzen naar God. Het is alsof ze een gebed zijn in deze wereld.
Soms liggen die biddende handen helemaal tegen elkaar aan, soms is er afstand tussen.
Ze bewegen zich van en naar elkaar, maar verliezen nooit contact.
Zij blijven bidden tot de Enige die hen bij elkaar gebracht heeft.
De relaties tussen ouders en kinderen geven in deze tijd nogal wat problemen.
Dat heeft vele oorzaken. Veel problemen kunnen voorkomen worden - en daardoor wordt het leven voor het hele gezin gezelliger - als ouders beseffen dat kinderen te gast zijn bij hun ouders.
Ze komen in de ruimte die voor hen is opengehouden, ze blijven een tijdje - vijftien, twintig, vijfentwintig jaar - en gaan dan weer weg om hun eigen ruimte te scheppen. Ruimte waar ze al op zoek gaan als ze nog thuis wonen. Dat het verwachtingspatroon (chirurg, advocaat e.d.) niet altijd uitkomt,
is vaak al een probleem en als ook het geloof van de ouders niet 'overgenomen' wordt dan ontstaan er spanningen.
Jongeren hebben ruimte nodig, een ruimte die weliswaar begrensd is, maar er komt een leeftijd waarin ouders moeten beseffen dat ze slechts richtingwijzers voor hun kinderen kunnen zijn die hun eigen keuzes maken en door ervaringen levenservaring gaan op doen.
Hoewel ouders spreken over 'onze zoon' en 'onze dochter', zijn hun kinderen hun eigendom niet.
Ouders moeten hen leren kennen, hun sterke kanten ontdekken en stimuleren en met geduld werken aan de zwakke kanten. Zo begeleiden zij hen naar de volwassenheid en zorgen ervoor dat ze hun eigen beslissingen kunnen nemen.
Het beste wat ouders aan hun kinderen kunnen geven is hun onderlinge liefde.
Door die liefde bezorgen ze een onbezorgde plek voor kinderen waarin ze kunnen groeien.
Ze geven hun daardoor zelfvertrouwen en vrijheid om hun eigen weg in het leven te vinden.
Luisteren is heel moeilijk. Om te luisteren moet je innerlijk stevig staan en jezelf niet meer hoeven te bewijzen met praten en argumenten. Wie echt kan luisteren hoeft niet meer zo nodig meer opgemerkt
te worden. Zo iemand is vrij om te ontvangen, te verwelkomen, te aanvaarden.
Luisteren is veel meer dan de ander laten uitpraten om daarna weer antwoord te kunnen geven.
Luisteren betekent dat je alle aandacht voor die ander hebt en die ander opneemt in jouw bestaan.
Het mooie aan luisteren is dat degene naar wie je luistert zich erkend begint te voelen, en zichzelf en zijn eigen verhaal meer serieus gaat nemen. Luisteren is een soort geestelijke gastvrijheid.
Je biedt de ander vriendschap aan, dieper zelfinzicht, en het vermogen om samen stil te zijn.
Luisteren is veel meer dan een psychologische methode om anderen te helpen zichzelf te ontdekken.
In het geestelijk leven is degene die luistert niet iemand die erop getraind is om niet te spreken op momenten waarop hij dat eigenlijk wel zou willen - de luisterende persoon is de Geest van God in ons.
Als wij de Geest van Jezus hebben ontvangen als Gods eigen ademhaling in ons, dan schept de Geest een heilige ruimte in ons waarin de ander kan worden ontvangen en aangehoord.
De Geest van Jezus bidt in ons en luistert in ons naar alle mensen die met hun verdriet en pijn bij ons komen.
Als we ons volledig durven toe te vertrouwen aan de kracht van Gods Geest die in ons luistert, zullen we mensen zien opleven.
Het is goed om mensen te bezoeken die ziek zijn, stervend, opgesloten, gehandicapt of eenzaam.
Het is wel belangrijk dat je je niet schuldig voelt als je niet lang kunt blijven of maar af en toe kunt komen. We zijn vaak zo druk bezig met ons te excuseren voor wat we niet kunnen doen, dat we daardoor niet echt bij iemand aanwezig zijn op het moment dat we er wel zijn. We kunnen beter kort maar helemaal aanwezig zijn, dan lang met allerlei verklaringen waarom we het te druk hebben om vaker te komen.
Als we in staat zijn op het moment zelf echt aanwezig te zijn bij onze vrienden, dan zal onze afwezigheid ook iets goeds voortbrengen. Onze vrienden zullen zeggen: "hij of zij heeft mij opgezocht¿ (vgl. Mat. 25:31-46), en zij zullen zich dankbaar onze aanwezigheid herinneren, ook al zijn
we afwezig.
Pas na Jezus' heengaan begrepen zijn vrienden de betekenis van Zijn aanwezigheid (Joh. 16:7-13).
Pas toen Hij weg was, begrepen ze echt wat Hij had gezegd en voelden ze zich volledig verbonden met Hem. Pas toen Hij er niet meer was, konden ze zich verenigen tot een gemeenschap van geloof, hoop en liefde.
Als we de innerlijke overtuiging hebben dat we onze vrienden bezoeken in Jezus' naam - dat Jezus Zelf bij hen aanwezig komt door ons - dan mogen we erop vertrouwen dat ons vertrek de komst van Jezus' Geest zal betekenen. Zo wordt niet alleen onze aanwezigheid maar ook onze afwezigheid een geschenk.
Een vriend in nood bezoeken is niet gemakkelijk. Het bezorgt ons een onbehaaglijk gevoel. We weten niet hoe we moeten reageren op wat we te horen krijgen. Meestal zeggen we iets dat meer voortkomt
uit onze eigen onzekerheid dan uit zorg voor de ander. Dan zeggen we iets als: 'Nou, het gaat heel wat beter dan gisteren' of  'je bent heel gauw weer de oude' of 'ik weet zeker dat je hier overheen komt'.
Vaak weten we maar al te goed dat wat we zeggen niet waar is, en de ander weet dat natuurlijk ook.
We hoeven elkaar niet voor de gek te houden. Je kunt gewoon zeggen: 'we zijn vrienden.
Ik vind het fijn om bij je te zijn.' Zoiets kun je zeggen met woorden, met een gebaar, of door een stilte waarin je vriendschap voelbaar is. Soms kun je gewoon zeggen: 'je hoeft niet te praten.
Doe je ogen maar dicht. Ik ben hier bij je, ik denk aan je, ik bid voor je, ik houd van je.'
Ook een goede relatie met jezelf is belangrijk. Houd je van jezelf zoals je bent?
Dat is een belangrijke vraag, want we kunnen geen goede vriendschap ontwikkelen als we niet bevriend zijn met onszelf. Er zijn in wezen drie soorten relaties: Die met God, de ander(en) en .... jezelf.
Hoe word je goede maatjes met jezelf? Om te beginnen moet je jezelf accepteren zoals je bent.
Je hebt talenten en tekortkomingen, maar vooral je hebt een ziel!
Wie we diep van binnen zijn, kunnen we met ons verstand en onze gevoelens niet bevatten.
Maar in het vertrouwen dat je ziel rust in Gods omarming, kun je vrede vinden met jezelf, en anderen
met liefde tegemoet treden.
Vaak hoor je het motto 'ken jezelf', maar zelfinzicht is iets anders dan zelf analyse.
Soms willen we onszelf kennen als een machine die je uit elkaar kunt halen en weer in elkaar zetten.
In momenten van crisis kan het wel eens goed zijn om precies te kijken hoe het zover is kunnen komen,
maar het is een vergissing te denken dat je jezelf ooit helemaal kunt begrijpen.
De volle betekenis van je leven is niet uit te leggen.
Bij jezelf kunnen zijn, stil zijn en bidden is vaak de beste manier om tot zelfinzicht te komen.
Niet omdat daardoor de knopen in ons leven worden ontward, maar omdat we daardoor in aanraking komen met de heilige kern van ons bestaan, daar waar God woont. Die kern mag je niet analyseren.
Daar past alleen aanbidding, dankzegging en lofprijzing.
Een vriend is meer dan een therapeut of een biechtvader, ook al kan een vriend ons soms genezing brengen en Gods vergeving aanbieden.
Een vriend is iemand met wie je alleen kunt zijn, stil kunt zijn, en kunt bidden.
Bij een vriend hoef je niets bijzonders te zeggen of te doen.
Met een vriend kun je de stilte ondergaan en beseffen dat God aanwezig is.
Kunnen ouders vrienden worden van hun kinderen?
Veel kinderen verlaten hun ouders om vrij en onafhankelijk te kunnen zijn, en komen maar af en toe bij hun ouders terug. Als ze terugkomen, voelen ze zich vaak weer kind en daarom willen ze niet al te lang blijven. Veel ouders blijven bezorgd over het welzijn van hun kinderen als ze het huis uit zijn.
Als ze op bezoek komen, willen ze weer zorgzame ouders zijn.
Maar een moeder kan ook de dochter van haar dochter worden, en een vader de zoon van zijn zoon.
Vader en moeder kunnen zus en broer van hun kinderen worden, ze kunnen vrienden  worden.
Dat gebeurt helaas niet dikwijls, wat meer aan de ouders dan aan de kinderen ligt.
Maar als het gebeurt, zie je zoiets als het aanbreken van een mooie nieuwe dag.
Iets ontvangen van de ander is een kunst. Het houdt in dat je de ander deel van je leven laat worden.
Dat je je afhankelijk durft op te stellen. Je moet innerlijk vrij zijn om te kunnen zeggen: 'zonder jou
zou ik niet zijn wie ik ben'. Met je hart ontvangen is daarom een gebaar van vertrouwen en liefde.
Veel mensen zijn diep gekwetst omdat niet echt ontvangen werd wat ze te geven hadden.
Laten we proberen om echt te ontvangen.
Soms zijn we zo verdrietig dat we niet meer kunnen geloven in vreugde.
Het leven lijkt wel tot de rand gevuld met geweld, oorlog, miskenning en eindeloze teleurstellingen.
Op zulke momenten moeten vrienden ons eraan herinneren dat geperste druiven heerlijke wijn voortbrengen. We kunnen misschien nauwelijks geloven dat ons verdriet ooit in vreugde zal veranderen, maar het zou goed zijn als we de richting in durven slaan die onze vrienden aanwijzen.
Ook al kunnen we nog niet ervaren dat het waar is wat ze zeggen, onderweg vinden we toch de vreugde terug die we kwijt leken te zijn. Zo wordt ons verdriet leefbaar en slaat om in levensvreugde.
We hebben het meeste verdriet door mensen van wie we houden en die van ons houden.
Het diepst gekwetst kun je worden in een betekenisvolle relatie.
Vaak zijn wij lang bezig uit te zoeken wat er in die relatie gebeurd is.
De verleiding is groot om de ander in die relatie de schuld te geven voor de toestand waarin jij verkeert.
Het is de kunst om je kwetsuren en je eigen persoonlijkheid te aanvaarden en te weten dat ze meer betekenen dan dat anderen ervan gemaakt hebben. Pas als we kunnen erkennen dat we het werk van Gods handen zijn, zullen we in vrijheid vergeving kunnen schenken aan degene(n) die ons gekwetst hebben.
Dat zal des te meer het geval zijn als we inzien en toegeven dat we zelf ook vaak leed veroorzaken bij degene(n) van wie we houden, ook al is het onbedoeld, dan zullen we eerder vergeving kunnen schenken aan degenen die, vaak ongewild, de oorzaak werden van ons eigen verdriet.

 

 

 

Een groot' almachtige God

We hebben een groot' almachtige God

we hebben een groot' almachtige God

Een God Die veel van ons allen houdt

nooit beschaamd wie op Hem bouwt

Een groot' almachtige God.


Nee nooit zal Hij ons verlaten

Hij is altijd heel dichtbij

In stormen en gevaren

is Hij er toch echt altijd bij.


We hebben een groot' almachtige God

we hebben een groot' almachtige God

Een God Die veel van ons allen houdt

nooit beschaamd wie op Hem bouwt

Een groot'almachtige God!

 

Vind je dit ook zo'n geweldig lied? Of bevind je je op dit moment in een situatie, waarin je denkt:
als God dan zo almachtig is en zoveel van mij houdt, waarom merk ik er dan helemaal niets van?
Misschien moet je iemand missen in je leven die je heel erg dierbaar was en vraag je je steeds weer af: waarom??? Misschien is er ziekte in je gezin gekomen of financiële problemen. En weer dat "waarom"?

Hoe komt 't toch, dat we niet in de eerste plaats op de Heer zien als we in pijnlijke situaties geraken, maar dat we meteen klaar staan met: Heer, waarom overkomt mij dit?? Heer waarom hebt U 't niet voorkomen??

We sluiten ons hiermee als het ware af van Hem, Die toch tot ons zegt: Komt toch tot Mij met al je verdriet en al je moeiten en strijd, dan zal Ik je rust geven.  Hij heeft niet gezegd, dat ons strijd bespaard zal blijven:
NEE. Maar wel, dat Hij ons in die strijd nabij IS!

Ik heb zelf ervaren hoe diep het dal is, waar je in komt, als je ziet op je omstandigheden i.p.v. op de Heer.
En ik kan je verzekeren, er is niks ergers dan het gevoel te hebben dat Hij je heeft verlaten.
En dat, terwijl dat helemaal niet zo is.
Maar door niet volkomen te vertrouwen op Hem, zie je alleen je omstandigheden en dreig je daarin tenonder te gaan.

Ik ben zo bepaald bij drie dingen, die absoluut nodig zijn om alles aan te kunnen en Zijn troost, bemoediging en nabijheid te ervaren:

1e Hem vertrouwen  in alle dingen.
Hij maakt geen vergissingen, al  denken wij soms van wel. Vertrouwen, dat wat Hij doet goed is.

2e Aanvaarden dat datgene wat ons overkomt in Zijn handen is en dat Hij er zeker een bedoeling mee zal hebben.

3e Loslaten. Al die gedachten die door ons hoofd gaan en ons van Hem dreigen af te trekken.
Laat los, en je zult losgelaten worden(zegt de Bijbel).

Het heeft mij heel veel strijd gekost om zover te komen en nog is 't niet altijd eenvoudig, maar ik heb ook ervaren,
dat als wij deze dingen toepassen in ons leven, dat we daardoor de deur naar God's hart weer opendoen.
Dan zul je weer zien, dat God er al die tijd was. Dat Hij je door je moeite, pijn en verdriet heen heeft gedragen.
Dan zul je weer ervaren, dat Hij van je houdt en dat Hij je grote Helper en Trooster is.
En al is je situatie niet veranderd, met Hem zul je 't aankunnen en zul je weer kunnen zingen:

we (ik) hebben een groot' almachtige God, Die ook mij nooit heeft en zal verlaten!!

Ik wens je God's rijke zegen toe!!

 

 

 

 

Een hart van ware aanbidding

Ik ben me er altijd van bewust geweest dat aanbidding één vande belangrijkste thema's is in de bijbel en
dat aanbidding heel belangrijk is in ons persoonlijke leven, maar ik had nooit het gevoel echt duidelijk te vatten
wat aanbidding werkelijk inhoudt.
Ik geloof dat ware aanbidding heel erg verschilt van hetgeen waar veel kerkgangers tegenwoordig mee vertrouwd
zijn geraakt. In veel kerken gebruikt men de term aanbiddingsdienst.
Ik heb ervaren - zonder kritisch te willen zijn - dat in veel van deze kerken weinig werkelijke aanbidding plaatsvindt.

Daarom wil ik de stappen naar werkelijke aanbidding en de aard van aanbidding onderzoeken.
Vervolgens wil ik de vrucht van ware aanbidding laten zien, die volgens mij bestaat uit rust.
Velen zullen het met mij eens zijn als ik zeg dat rust tegenwoordig een zeldzaam goed is in de Westerse samenleving.
Hoeveel mensen weten werkelijk hoe ze tot rust moeten komen?

Laten we eens kijken naar Psalm 95:
Komt, laat ons jubelen voor de Here, juichen ter ere van de rots onzes heils.
Laat ons met lofzang voor zijn aangezicht komen, ter ere van Hem juichen bij snarenspel.
Want de Here is een groot God, een groot Koning, boven alle goden, in wiens hand de diepten der aarde zijn,
en wiens de toppen der bergen zijn; wiens de zee is, daar Hij ze heeft gemaakt, ook het droge, dat zijn handen
hebben geformeerd. Treedt toe, laten wij ons nederwerpen en ons buigen, knielen voor de Here, onze Maker;
want Hij is onze God, en wij zijn het volk dat Hij weidt, de schapen zijner hand.
Och, of gij heden naar zijn stem hoordet!
Verhardt uw hart niet, gelijk bij Meriba, gelijk ten dage van Massa, in de woestijn,  toen uw vaderen Mij verzochten,
Mij op de proef stelden, ofschoon ze mijn werk hadden gezien. Veertig jaren heb ik Mij geërgerd aan dat geslacht.
Ik zeide: Het is een volk, dwalende van hart, en zij kennen mijn wegen niet.
Daarom heb ik gezworen in mijn toorn: Tot mijn rustplaats zullen zij niet komen!
Het eerste gedeelte van deze psalm is erg bekend,  terwijl het tweede waarschijnlijk minder vaak gelezen wordt.
Het is ook ongebruikelijk dat een psalm eindigt met zo'n negatieve uitlating.
Toch geloof ik dat er bijzondere nadruk op ligt.
Drie dingen zijn nauw met elkaar verbonden, hoewel ze onderling wel van elkaar verschillen:
dankzegging, lofprijs en aanbidding.

Deze begrippen zou ik willen vergelijken met de kleuren van een regenboog; ze zijn verschillend van elkaar,
maar vloeien wel in elkaar over. Eenvoudig gezegd, we danken God voor wat Hij doet, en in het bijzonder
zijn goedheid voor ons persoonlijk.
We prijzen Hem om zijn grootheid.
Maar aanbidding brengt ons in contact met Gods heiligheid.
Van alle eigenschappen van God - en dat zijn er veel - is zijn heiligheid het moeilijkst te vatten met ons verstand,
omdat heiligheid niet te vergelijken is met enige eigenschap hier op aarde.
We kunnen spreken over Gods wijsheid, en we kennen wijze mensen.We kunnen spreken over Gods grootheid,
en we kennen grote menselijke namen.
We kunnen spreken over Gods kracht, en we zien voorbeelden van kracht.
Maar behalve God zelf, kennen we geen demonstratie van wat heiligheid is.
Het is iets unieks, wat voorbehouden is aan God zelf en aan hen die het van God ontvangen hebben.
Ik geloof dat aanbidding ons specifiek in contact brengt met Gods heiligheid.
Juist omdat het moeilijk is Gods heiligheid te begrijpen, is het ook moeilijk om werkelijk in aanbidding te komen.
Toch geloof ik dat er bepaalde stappen zijn die we kunnen volgen.

In Psalm 100 staat wat we zouden moeten doen:
Gaat met een loflied (Engels: danklied) zijn poorten binnen, zijn voorhoven met een lofgezang. (vers 4)
Dit zijn twee stappen om God te naderen.We gaan de poorten van Gods stad binnen door dankbaarheid en komen
dan verder in Gods voorhoven door lofprijs. Maar deze twee zijn allebei nog geen aanbidding.
Elk woord in de bijbel dat 'aanbidding' betekent of dat vertaald is met 'aanbidding' - zowel in het Oude Testament
als het Nieuwe - beschrijft een houding.
Ik denk dat God mij hiermee duidelijk heeft gemaakt dat aanbidding in eerste instantie te maken heeft met een houding,
zowel van het lichaam als van het hart. Door de hele bijbel heen zien we dit principe terugkomen:
er zijn namelijk vele specifieke lichaamshoudingen verbonden met aanbidding:
het hoofd buigen, het bovenste deel van het lichaam buigen,
het uitstrekken van de armen met de handen naar boven gericht.
De bijbel spreekt ook veel over een andere houding: op ons aangezicht vallen voor God.
Hoewel dit in veel hedendaagse kerkelijke culturen niet meer gebruikelijk is, vinden we deze houding toch heel veel
in de bijbel. Daarom vraag ik me persoonlijk af of iemand die nooit voor God op zijn gezicht heeft gelegen,
ooit wel zo dicht bij God is geweest. In de bijbel is het in ieder geval moeilijk om tussen de belangrijkste personen
iemand te vinden die niet voor God op zijn aangezicht heeft gelegen.
Zelf doe ik dit zo nu en dan ook, niet om mezelf te rechtvaardigen of als een wettisch ritueel, maar op momenten
dat ik behoefte heb aan veiligheid. De veiligste plaats die ik ken, is liggend op mijn gezicht voor God. John Bunyan zei:
,,Hij die ligt, hoeft niet bang te zijn om te vallen. Eenmaal op de grond liggend, kun je niet lager zinken.
Jezus zei dat ieder die zichzelf vernedert, verhoogd zal worden; zo zal ook ieder die zichzelf verhoogt, vernederd worden
(zie Matth.23:12).
Jesaja had een visioen waarin hij de hemel zag en de prachtige hemelse wezens rondom Gods troon (Jesaja 6).
Hij kreeg zicht op de aanbidding in de hemel. Hij spreekt vooral over wezens die 'serafs' genoemd worden.
Het Hebreeuwse woord 'seraf' is direct verbonden met het woord 'vuur'.
Serafs zijn vurige wezens heel dicht bij Gods troon.
In Jesaja staat dat elk van hen drie paar vleugels had.
Dag en nacht riepen ze: ,,Heilig, heilig, heilig is de Here.
Altijd raak ik weer onder de indruk van wat ze met hun vleugels deden: met twee ervan bedekten ze hun gezicht,
met twee hun voeten, en met de overige twee vlogen ze.
Het bedekken van het gezicht en de voeten interpreteer ik als aanbidding, het vliegen als dienstbetoon.
Let daarbij vooral op de volgorde en de verhoudingen.
Ten eerste komt aanbidding vòòr dienstbetoon. Ik vraag me vaak af of onze dienstbaarheid (ons werken) wel acceptabel
is als er geen aanbidding aan vooraf is gegaan; als ons werken niet voortkomt uit aanbidding.
En kijkt u eens naar de verhoudingen: van de zes vleugels gebruikten ze er vier voor aanbidding en slechts
twee voor dienstbetoon.
Ik geloof dat dit de juiste verhouding is en dat we hieruit mogen afleiden, dat aanbidding twee keer zo belangrijk is
als dienstbetoon.

Laten we nogmaals kijken naar psalm 95. Ik geloof dat we daarin een voorbeeld of model vinden om in aanbidding te komen.
De eerste twee verzen spreken van uitbundige lofprijs en dankzegging. Komt, laat ons jubelen voor de Here,
juichen ter ere van de rots onzes heils. Laat ons met lofzang voor zijn aangezicht komen,
ter ere van Hem juichen bij snarenspel.
Ik geloof dat het voor God heel moeilijk is om aanbidding te aan vaarden die lauw is, die voortkomt uit een half hart.
De bijbel zegt: Groot is de Here en hoog te loven (Psalm 48:1).
Als je niet bereid bent om Hem hoog te loven, dan kun je het misschien maar beter laten.
Psalm 95 geeft in ieder geval veel ruimte voor luide, vocale, vrolijke en uitbundige lofprijs:
Komt, laat ons jubelen voor de Here, juichen ter ere van de rots onzes heils.
Laat ons met lofzang voor zijn aangezicht komen, ter ere van Hem juichen bij snarenspel.
Dat is tenminste zijn poorten binnenkomen met dankbaarheid en zijn voorhoven met lofprijs!
Dat is de toegangsweg, en ik geloof ook dat er geen andere toegang bestaat.
In Jesaja 60:18 zegt de profeet: Gij zult uw muren Heil noemen, en uw poorten Lof.
Met andere woorden, als je binnen de muren van heil (Gods genade, vergeving, genezing en redding) wilt komen,
dan moet je door de poort heen, en iedere poort bestaat uit lofprijs.
In de verzen 3-5 (Psalm 95) vinden we redenen om God te prijzen:
Want de Here is een groot God, een groot Koning, boven alle goden, in wiens hand de diepten der aarde zijn,
en wiens de toppen der bergen zijn; wiens de zee is, daar Hij ze heeft gemaakt, ook het droge,
dat zijn handen hebben geformeerd.
Wanneer we het universum bekijken dat God geschapen heeft, dan zijn we getuige van de enorme wijsheid en
grootheid van de Schepper. Daar zouden we al automatisch op moeten reageren met dankzegging en lofprijs.

Nu zijn we God genaderd door middel van deze stappen:
- dankzegging en lofprijs
- maar we zijn nog niet in aanbidding gekomen.
In vers 6 en 7 verandert de toon van Psalm 95 en komen we naar mijn mening tot de kern van de zaak.
Treedt toe, laten wij ons nederwerpen en ons buigen, knielen voor de Here, onze Maker.
Zoals ik het zie, is deze diepe, betekenisvolle vorm van aanbidding van een andere orde dan de luidruchtige,
onrustige aanbiddingsmachine die in sommige moderne gemeenten als norm geldt - deze aanbidding is stilte, rust.
Dan, in vers 7, geeft de psalmist ons twee redenen om de Heer te aanbidden:
Want Hij is onze God, en wij zijn het volk dat Hij weidt, de schapen zijner hand.
De eerste reden om God te aanbidden, is het feit dat Hij God is - en Hij is ook nog ònze God.
Hij is het enige wezen in het heelal die het echt waard is om aanbeden te worden.
Mannen en vrouwen kunnen we prijzen, maar aanbidden mogen we hen nooit.
Aanbidding is de beste en hoogste manier om te laten zien dat we in onze relatie met God ook echt te maken hebben
met God. Ik ben overtuigd geraakt van het feit dat datgene wat we aanbidden, altijd ook controle over ons krijgt.
Hoe meer we het aanbidden, hoe meer we erop gaan lijken en hoe meer macht het over ons krijgt.
Dus als we God niet aanbidden, in hoeverre is Hij dan werkelijk onze God?
De tweede reden om Hem te aanbidden is dat we het volk zijn dat Hij weidt, de schapen van zijn hand.
Aanbidding is ons gepaste antwoord op zijn zorg voor ons.
Het is veelzeggend dat de psalm daarmee niet afgelopen is.
Ze eindigt met een ernstige waarschuwing (vs. 7-11):
Och, of gij heden naar zijn stem hoordet! Verhardt uw hart niet, gelijk bij Meriba, gelijk ten dage van Massa,
in de woestijn (in vers 9 spreekt God over de toenmalige generatie).
Veertig jaren heb ik Mij geërgerd aan dat geslacht, Ik zeide: Het is een volk, dwalende van hart, en zij kennen
mijn wegen niet. Daarom heb ik gezworen in mijn toorn: Tot mijn rustplaats zullen zij niet komen!

We hebben dus twee mogelijkheden: we kunnen er voor kiezen God werkelijk te aanbidden en we kunnen er voor
kiezen dat niet te doen. In aanbidding horen we Gods stem. Als we Gods stem horen en gehoorzamen,
dan komen we binnen in zijn rust en zullen innerlijk zijn rust ervaren.
De onontbeerlijke voorwaarde is echter het belang van het horen van Gods stem.
In Jeremia 7:23 zegt God tegen Zijn volk:
Maar dit gebod heb Ik hun gegeven: Hoort naar mijn stem, dan zal Ik u tot een God zijn.
Dit is een van de eenvoudigste eisen van God die ik ooit gelezen heb: Hoort naar mijn stem, dan zal Ik u tot een God zijn.
Deuteronomium 28 noemt alle zegeningen die het resultaat zijn van gehoorzaamheid en alle vloeken die voortkomen uit
ongehoorzaamheid.

De zegeningen beginnen met:
Indien gij dan aandachtig luistert (NKJV:'gehoorzaamt') naar de stem van de Here, uw God (...)
De volgende zegeningen zullen alle over u komen...

De opsomming van vloeken begint met:
Maar indien gij niet luistert (NKJV: 'gehoorzaamt') naar de stem van de Here, uw God...dan zullen de volgende
vervloekingen alle over u komen.

Luisteren of niet luisteren naar Gods stem, dat maakt het grote verschil!
En ik geloof dat aanbidding ons brengt op de plaats, de rust, die nodig is om Gods stem te horen. Het is niet mijn
bedoeling iemand te shockeren, maar bijbel lezen is absoluut niet voldoende. Kijk eens naar Johannes 10:27:
Mijn schapen horen naar mijn stem en ... zij volgen Mij.
Merk op dat Jezus niet zei dat zijn schapen de bijbel lezen, naar de kerk gaan of zich op een bepaalde manier kleden.
Hij zei dat zijn schapen naar zijn stem horen.
Je kunt Jezus niet volgen als je zijn stem niet hoort.
Het is goed om de bijbel te lezen, maar het is absoluut onmogelijk de bijbel te lezen zonder Gods stem te horen.
Ik geloof dat aanbidding de juiste manier is om een houding en een relatie met God te ontwikkelen waarin we Gods stem
echt horen. Aanbidding is de manier om tot rust te komen. En als we tot rust komen, dan horen we zijn stem.
Alleen wie weet hoe hij moet aanbidden, kent die rust.
Zoals ik al zei is rust erg zeldzaam in onze huidige Westerse samenleving.

Laten we nu nog eens kijken naar Hebreeën 4: 9-10:
Er blijft dus een sabbatsrust voor het volk van God.Want wie tot zijn rust is ingegaan, is ook zelf tot rust gekomen
van zijn werken, evenals God van de zijne. Laten wij er dus ernst mee maken om tot die rust in te gaan, opdat niemand
ten val kome door dit voorbeeld van ongehoorzaamheid te volgen.
Opnieuw vertelt de bijbel ons hier dat ongehoorzaamheid de reden was dat men niet in Gods rust kon komen.
De bijbel zegt: Er blijft dus een sabbatsrust voor het volk van God.
Ik heb het hier niet over het houden van de sabbat of het feit dat we van de zondag een rustdag maken,
maar er is nog altijd iets wat we kunnen mislopen als we niet voorzichtig zijn.
Ik geloof dat God iets in uw hart kan bewerken, waardoor u als vanzelfsprekend zijn goddelijke, eeuwige, onveranderlijke
wetten houdt. God heeft in mijn eigen hart iets veranderd met betrekking tot de sabbatsrust.
Daardoor geloof ik nu dat ik God niet behaag als ik zeven dagen per week, week in week uit, druk ben.
Bovendien weet ik zeker dat dit ook ten koste gaat van mijn gezondheid!
Denk bij de bestudering van deze onderwijsbrief eens na over de volgende vragen: Haalt u het beste uit uw tijd?
Weet u wat het is om tot rust te komen? Verstaat u de kunst om van tijd tot tijd helemaal niets te doen -
ook niet in gedachten? Kunt u af en toe op de grond gaan liggen, zonder na te denken over wat u eigenlijk zou
moeten doen? Kortom, wanneer komen we tot rust?
Zelf heb ik in ieder geval iets nieuws ervaren ten aanzien van het leren aanbidden en het leren tot rust komen;
ik heb namelijk gezien dat deze twee dingen veel met elkaar te maken hebben.
Ik hou van heerlijke luidruchtige dankbaarheid en uitbundige lofprijs: dansen, klappen en zingen.
Maar er komt een moment dat ik mijn gezicht en voeten met mijn vleugels bedek en luister naar wat God zegt.
Als je Gods stem hoort in deze tijd, verhard je hart niet, loop zijn rust niet mis.

Ik wens u Gods zegen.


Een studie over aanbidding door
D E R E K P R I N C E M I N I S T R I E S N E D E R L A N D

 

 

Sponsors

 

Een kostbaar of goedkoop evangelie?
De keus is aan jou.

Het Evangelie is een kostbaar iets, maar tegenwoordig krijg ik vaak
de indruk dat christenen dat evangelie toch iets té kostbaar vinden.
Tenminste waar het hunzelf betreft.
Het offer van Jezus wordt graag aanvaard, maar de woorden van Jezus:
"Wie Mij wil volgen moet zijn kruis opnemen" komen wel een beetje hard aan.
Ze bidden vol overgave om een leven, dat beschermd en bewaard wordt
voor van alles en nog wat, door Hem, maar gaan daarbij helemaal voorbij
aan het feit dat Jezus heeft gezegd, dat ons helemaal
geen zorgenvrij leven staat te wachten.
"Maar" zeggen ze "God is toch een God van liefde, genade, geduld" enz.enz.
Ja, en dat is ook wel zo, maar God vraagt van ons: vertrouwen, gehoorzaamheid,
dat wij wandelen in Zijn wegen, dat wij Hem "vrezen",
onberispelijk wandelen, dat wij Zijn Woord bewaren en daarnaar leven,
dat wij Hem van ganser harte zoeken, geen onrecht plegen.
Als wij zó leven zegt de Here, dan zal Hij ons een zon en een schild zijn.
Psalm 34:20 zegt: Talrijk zijn de rampen van de rechtvaardige
.. maar .. uit die alle redt hem de Here.
Juist in de moeilijkheden leren we op Hem te zien
en op Hem te vertrouwen en dan zal Hij, die getrouw is, ons er uit redden.
Dán worden we overspoeld door Zijn liefde en genade.
Dán zal Hij onze dalen opvullen en onze bergen vlak maken.
Maar we moeten nooit vergeten dat we met een heilige en almachtige God
te maken hebben, die van ons verwacht dat we volkomen op Hem vertrouwen.
We leven wel ín deze wereld, maar we zijn niet ván deze wereld.
"Gij geheel anders ... gij hebt Christus leren kennen" (Efeze 4:20) en
"Gij zult de meerderheid in het kwade niet volgen"(Exodus 23:2a).
Steeds vaker worden we geconfronteerd met occulte dingen,
onreinheid (tv, film), grof taalgebruik, enz.enz.
Durf jij dan "nee" te zeggen, of doe je maar een beetje mee,
om niet uit de toon te vallen?
Zien de mensen door jou heen een goedkoop evangelie
of laat je zien dat het voor jou een kostbaar evangelie is?
Als we Jezus echt willen volgen zullen we vaak tegenstand ondervinden,
misschien wel worden bedreigd, uitgescholden worden, of erger.
Deze dingen horen er gewoon bij en de Bijbel zegt dat we ons moeten verblijden
in het feit, dat we om Christus onrecht te verdragen hebben. Filippenzen 4 zegt: Verblijdt u in de Here te allen tijde.
Dus ook las het allemaal niet zo gemakkelijk gaat. Juist dan.
Of laten we het dan al gauw afweten en laten we ons afschrikken?
Als we verder lezen staat er:
 
            Wederom zal ik zeggen:
Verblijdt u!
           
Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend.
            De Heer is nabij. Weest in geen ding bezorgd, maar laten
            bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging
            bekend worden bij God.
            En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat,
            zal uw harten en gedachten behoeden in Christus Jezus.

Hij heeft ons geen kalme reis beloofd, maar wel een behouden thuiskomst.
En ook al stormt het nog zo hard, Hij zal altijd om ons heen zijn en ons bewaren.
Hij is onze schuilplaats en ons schild, als we helemaal op Hem vertrouwen,
onder alle omstandigheden.

 

 

 

Een nieuwe schepping

2 Korinthiërs 5: 16 ¿ 17 ( verkort)
¿Daarom beoordelen wij voortaan niemand meer naar menselijke maatstaven.
Iemand in Christus is een NIEUWE schepping:
Het oude is voorbij, zie het nieuwe is er al!"

Wat een belofte, wij als gelovigen worden niet langer beoordeelt op onze vleselijke staat,
Maar we zien elkaar aan in Christus, en dat is:
Wij zijn nieuwe scheppingen!

Maar¿¿¿¿¿
Wàt zijn er toch nog veel mensen die menen dat je moet blijven stilstaan bij iemands verleden¿
Haarfijn en scherp word je in de gaten gehouden,én  bij nieuwe ontmoetingen nieuwe kansen,
wordt je verleden haarfijn en messcherp uit de doeken gedaan¿.
En achter jouw rug om¿¿nee, men waarschuwt de ander vanuit een ¿liefdevol¿ hart¿..

Soms gaat het over verleden
wat zich letterlijk vóór je bekering afspeelt,
Dus dat is al helemaal vreemd, want zeker als je gedoopt bent, dan ben je met Christus begraven
( Zijn dood mee ingegaan) én met Hem als een vernieuwde schepping opgestaan!

Maar ook als het gaat om verleden binnen je wandel met de Hemelse Vader,
als daar met de vinger naar wordt gewezen, en achter je rug om, over wordt geroddeld,
dan kan het zijn, dat over de ( vermeende) begane zonden al weer vergeving is uitgesproken,
én Vader de persoon in kwestie al lang veranderd  heeft¿..

Maar in ieder geval
óf er nu zonden zijn gepleegd, óf het verleden niet al te zuiver was,
het is niet de bedoeling dat we:
a)veroordelen ¿ Jezus zei: ¿Wie zonder zonde is werpe de eerste steen¿
b)achter de rug om van een persoon anderen waarschuwen. 
In de bijbel staat dat je de persoon in kwestie moet aanzeggen wat er eventueel aan de hand is ( verkeerd is)
c)Blijven terug kijken op oude zonden, helemaal als deze door de persoon in kwestie al beleden zijn.
Corrie Ten Boom zei: In de vijver van het ( beleden) verleden mag niet meer gevist worden.

De persoon in kwestie die mensen ¿achter zich aan heeft wandelen¿
die zo nodig iedereen moeten waarschuwen, kàn hier positief mee omgaan, want je leert
( via een niet makkelijke weg)
a)Op God te vertrouwen en niet op mensen
b)Wat het inhoudt om steeds weer te moeten vergeven, en daardoor erg afhankelijk te worden van de Vader
c)Te doen wat Hij van je vraagt, en dat te gaan doen, zonder je nog langer af te vragen,
wat een ander daar nou wel niet van denkt¿..

Je kunt maar beter op God vertrouwen, en er volledig voor gaan, om met Hem aan Zijn hand te gaan wandelen.
Want je doet het toch nooit goed bij de mensen.
De één vindt dit en de ander vindt dat¿.
Er is een groep die tomeloze kritiek heeft op mensen die -al dan niet door God gegeven- een titel gebruiken:
- Pastor
- Evangelist
- Reverent
¿Men vindt¿ deze mensen hoogmoedig en bespot hen achter