Doing the 116

Doing the 116

 

 

Een bedevaart langs 116 grounds in Engeland

Site Navigation    


 Home

 Premier League

 The Championship

 League One

 League Two

 The Conference

 Lower League

 SPL

 Scotland

 Eire & Cymru

 Special Matches

 Other Grounds

 Groundlist

 Links

 
 
 

Olympic Charleroi

Het verslag

Met de bek in de zwavellucht: op bezoek bij gevallen grootmacht Olympic Charleroi

 

Toen ik een uitnodiging kreeg van Erkaa om naar Olympic Charleroi te gaan, greep ik die kans met beide handen aan. Omdat het tripje de vorige keer naar Wallonië erg goed bevallen was keek ik er ook erg naar uit. Olympic Charleroi stond sowieso erg hoog op mijn wish-list; Stade de Neuville zag er op foto’s altijd erg leuk uit en Olympic Charleroi is een club die me wel aanspreekt (in tegenstelling tot de grote buurman Sporting Charleroi, waarvan ik ieder jaar weer hoop dat ze degraderen). Ik vond het vorig jaar ook erg jammer dat Olympic Charleroi er niet in slaagde om te promoveren. Dit jaar werd er echter weer een goede poging gedaan, want de club doet het erg goed en staat mee bovenaan.

 

De lange reis naar Charleroi begon voor mij op het station Tilburg. Met de trojka vertrok ik richting het lelijke Eindhoven. Het mooie Midden-Brabantse landschap veranderde langzaam in fabrieken en Oostblok-flats. Gelukkig hoefde ik er niet te lang te zijn, want de pimpcar stond al klaar met ronkende motor. SJ trapte hem hard op zijn staart en scheurde met gierende banen de stad uit. Binnen no-time waren we in Nederweert bij casa Erkaa. Eindelijk zagen we het huis-wat-nooit-afraakt in het echt. Een van de 10 doelen in mijn leven was verwezenlijkt. Op de oprijlaan stond een auto met een Torquay-sticker. Erkaa wilde deze auto verkopen, maar met deze sticker was dat natuurlijk onmogelijk geworden. Van binnen zag het huis er vrij “af” uit van binnen. Wij hadden dus sterke vermoedens dat Erkaa de zaak wel eens wilde overdrijven. Op de eettafel lagen allemaal vellen van gevilde dieren die Erkaa en zijn vriendin aan het opeten waren in de vorm van frikadellen. Ondertussen was het wachten op de Fries. Maar zoals bekend komen Friezen altijd een kwartiertje te laat, zo ook Chrissie. Toen hij eindelijk was gearriveerd vertrokken we richting Wallonië. Erkaa ging voorin zitten, want die had een heel goede plattegrond meegenomen.

 

Na veel gepraat, vooral over voetbal, kwamen we aan in Charleroi. Zoals verwacht bleek de plattegrond van Erkaa de slechtste ooit en we waren verdwaald. Na uitleg te hebben gevraagd aan een lokale man (die heel erg snel in het Frans uitlegde) waren we nog niet veel wijzer geworden. Gelukkig was er ook een stadsplattegrond die ons wegwijs maakte in het mooie Charleroi. De stad bleek niet echt het verleden te eren, want waar het stadion van Sporting Charleroi regelmatig stond aangegeven was er niets te vinden voor het stadion van Olympic Charleroi. Schande, want Olympic is van oorsprong dé ploeg van ‘t stad. Gelukkig zagen we op een gegeven moment de floodlights schijnen. Het was nog een heel karwei om er daadwerkelijk te komen, maar uiteindelijk lukte het toch. De wagen werd in een zeer dubieus straatje geparkeerd, waar een lokale hoerenmadam ons binnen wilde lokken. Uiteraard trapten wij hier niet in, maar SJ vreesde wel dat zijn auto bij terugkomst op blokjes zou staan.

 

Eenmaal bij het stadion viel ons op dat er ook een ijshockeystadion aan vastzat. Daar werd een wedstrijd gespeeld voor 3 man en een halve paardenkop. Het zag er vrij triestig uit allemaal. Gelukkig zijn we geen ijshockeystadion freaks, want dit was geen pretje geweest. Uiteindelijk kwamen we uit bij de ingang, maar daar stond een lastig Waals mannetje ons tegen te houden. Omdat we alle vier slecht tot geen Frans spraken was het onduidelijk wat de bedoeling was. Het probleem was dat we eigenlijk door die poort moesten om een kaartje te kopen, maar om door deze poort te kunnen moest je een kaartje hebben. Kafkaiaanse toestanden waren het gevolg, maar uiteindelijk mochten we door de poort. We werden wel scherp in de gaten gehouden dat we wel echt een kaartje gingen kopen. Eerlijke mensen als wij zijn kochten we een kaartje (sowieso leuk voor de verzameling) en gingen het stadion in. Dat bleek nog mooier te zijn dan op foto’s te zien was. Een leuke hoofdtribune (helaas wel volgebouwd met skyboxen, maar dit voorkwam een lelijke skyboxen stand) en voor de rest terraces. De terrace aan de overkant van de hoofdtribune was overdekt en het leek ons dat daar de harde kern stond, gezien de muurschilderingen op de wanden. Achter de goals waren ook nog twee fikse staantribunes, aan alles was te merken dat dit ooit een grote club was.

 

Vooraf had ik me een beetje verdiept in de geschiedenis van de club. Ik wist namelijk wel dat het vroeger een grote club was geweest, maar dat ze een hele tijd de grootste club van de stad zijn geweest was me niet bekend. Van midden jaren-30 tot en met midden jaren-60 was de club continue op het hoogste niveau te vinden (met uitzondering van een seizoen in 1955). De club draaide vaak mee in de subtop en het hoogtepunt vond plaats in 1947 toen de club 2e werd achter Anderlecht. Het jaar erop zou er echter iets gebeuren wat eigenlijk de ondergang van de club zou inleiden. Voor het eerst promoveerde stadsgenoot Sporting Charleroi naar 1e klasse. Indirect zorgde deze promotie ervoor dat Olympic wat wegzakte uit de top en na veel middenmootplaatsen. De balance of powers was veranderd en Sporting Charleroi werd de ploeg van de stad.

Van 1955 tot en met 1981 verbleef de ploeg zowat de hele tijd in 2e klasse (enkele promoties daargelaten), terwijl Sporting Charleroi zo nu en dan meedeed om de hoogste plaatsen (2e in 1969 is het hoogste wat ze ooit bereikt hebben) en behaalde een enkele keer zelfs de bekerfinale. Olympic Charleroi verloor zodoende ook veel fans aan de stadsgenoot, want vooral de jongere aanwas koos voor Sporting. Ook sportief ging het minder wat in 1981 resulteerde in degradatie. Voor het eerst was de club op dit lage niveau beland. De gifbeker was echter nog niet leeg en de club degradeerde nog verder weg in 1984. Het leek het einde in te luiden voor Olympic Charleroi; weinig fans, slechte spelers en geen geld. Het seizoen erop eindigde de ploeg in de middenmoot, 10 jaar eerder had Olympic nog in 1e klasse gespeeld. Dit zou echter het dieptepunt zijn, want sindsdien loopt de weg, zeer gestaag, omhoog. De club werd het seizoen erop kampioen en de 4e klasse hebben ze tot de dag van vandaag niet teruggezien. Tien jaar na de promotie werd de ploeg weer kampioen en in het seizoen 1996/197 was Olympic Charleroi weer terug op het 2e niveau. De promotie kwam echter iets te vroeg, want een jaar later zakten ze weer terug. Afgelopen seizoen was de club weer dichtbij promotie, maar werd de finale tegen Racing Waregem verloren. Dit jaar werd er een nieuwe poging gedaan om de titel te pakken en de club hoopt binnen 5 jaar de stap naar 1e te kunnen maken. Toen ik dit verhaal schreef was het nog niet bekend, maar Olympic is kampioen geworden en we kunnen volgend seizoen weer genieten van de hondjes op het 2e niveau.

Terug naar de wedstrijd, waarin Olympic het mocht opnemen tegen een andere voormalige grootmacht, Seraing. Ik had Seraing al eerder zien spelen en toen maakten ze weinig indruk op mij. Deze keer waren ze beter, vooral verdedigend gezien, en hadden ze zelfs meer recht op de overwinning dan Olympic. De wedstrijd was niet echt van een geweldig niveau en daarom was het meer genieten van het stadion dan daadwerkelijk opletten wat er op het veld gebeurde. In de rust gingen we even de kantine in en naderhand bleek dat zowat heel onze tribune leeg was gelopen. Deze waren naar de andere goal gelopen om daar de bal het doel in te zuigen. Als ware schapen gingen wij er ook heen en daar kregen we geen spijt van. Hier leek het nog meer vervallen dan aan de andere kant. Een oude muur waar de witte verf aan het afbladeren was, wc's die helemaal verstopt waren met 80 jaar oude drollen, een trap waarvan het beton aan het wegrotten was en een penetrante zwavellucht die op je longen sloeg. Dit was precies zoals ik me Charleroi had voorgesteld. Dit was puur genieten, dat de wedstrijd een draak was maakte niet eens zoveel meer uit. Het enige nadeel van de zwavellucht, was dat de foto's niet echt goed gelukt zijn, maar je kunt niet alles hebben. Na de wedstrijd die, hoe kan het ook anders, in 0-0 was geëindigd gingen we tevreden naar huis. Olympic Charleroi is echt een aanrader en opnieuw is een wedstrijd in Wallonië me goed bevallen.

Geschreven door: Sir Stanley Matthews



De foto's

Net zoals in Seraing, hier ook een wagen die niet helemaal intact was

De floodlight brandde al flink toen wij aankwamen

Veel bedrijvigheid achter de tribune en mooie rook in de verte. Let op het hondje op de muur

De tribune waar wij de eerste helft stonden met de opvallende crash barriers

De hoofdtribune van de zijkant gezien. Veel staal en roest

De ranzige stoeltjes hadden ook hun beste tijd gehad, want die waren flink vuil

Op het veld waren de spelers al bezig met hun warming-up

Onze terrace vanaf boven gezien. De crash barriers blijven opvallend

Tegenover de hoofdtribune een overdekte staantribune met mooie grafetti tegen de wand 

Achter onze tribune een dubieus paadje

Waar nog dubieuzer pisbakken te vinden waren

De skyboxen zijn bij deze tribune wel goed weggewerkt. Zo kan het dus ook

De overdekte staantribune van dichterbij gezien. Hier stond de harde kern

Zelfs de bordjes straalden nostalgie uit bij Olympic Charleroi

Nostalgie of ranzig? De wc's aan de andere kant van onze tribune

Deze trap heeft ook zijn beste tijd gehad. Veel mos en afgebrokkelde stukken cement

De terrace aan de overkant leek veel op onze tribune. Hier ook de gekleurde crash barriers

Een actiemoment uit de weinig boeiende wedstrijd. Het stadion was leuker om te bekijken


 

 

© 2005 All Rights Reserved.