BRAHMA

LAND VAN OORSPRONG
India
ONTSTAAN
In 1852 werd het ras voor het eerst in Europa geimporteerd. Deze import was afkomstig uit Noord-Amerika. Het ras werd in eerste instantie Chittagon of Shanghai gedoopt, maar ed rasnaam werd later Brahma. Het is niet duidelijk of het ras van oorsprong een originele import is, via de haven van Luckipoor, of dat het in Amerika is ontstaan uit een kruising tussen Cochins en Maleiers. Het ras staat bekend als een van de grootste rassen en wordt daarom wel eens de koning onder de kippen rassen genoemd. Het Brahma ras heeft bijgedragen aan het onstaan van talloze nieuwe kleurslagen binnen bestaande rassen.
EIGENSCHAPPEN
Brahma´s zijn zeer rustige, vertrouwelijke dieren die bij een goede verzorging al zeer snel tam worden. De Brahma vraagt echter wel veel ruimte, ze zijn namelijk erg groot en zwaar. De hanen kunnen tot vijf kilo wegen. Mede door hun grootte zijn Brahma´s mider geschikt voor voor kinderen. Omdat de dieren niet vliegen hoeft de renniet afgesloten te worden. Jonge Brahma´s zijn geen snelle groeiers. Ze doen er lang over om volledig uit tegroeien. Een haan is feitelijk pas uitgegroeid als hij zo´n anderhalf jaar is. Ook hennen zijn niet vroeg volwassen. Ze leggen hun eerste eieren pas als ze zes of zeven maanden oud zijn. Zoals we wel vaker zijn bij grootte rassen zijn ed eieren relatief klein. De eieren zijn vaak niet groter dan die van de grotere dwerghoenders. De eieren zijn cremekleurig. De dieren leggen ook in de winter. De hennen worden doorgaans gemakkelijk broeds en zijn daarin ook erg betrouwbaar. Brahma´s zijn erg verdraagzame kippen. Van hen hoeft u geen problemen te verwachten als u ze met andere rassen houdt. Zelfs de hanen zijn onderling verdraagzaam. Ondanks hun volume zijn Brahma´s in hun voorkomen bescheiden kippen. Zelfs met kraaien weten de hanen zich te gedragen, ze maken relatief weinig geluid en felle kraaiers zijn het ook al niet. Dit alles maakt dat deze kippen onder liefhebbers erg populair zijn.
BIJZONDERHEDEN
De Brahma is degene die het best bestand en beschermd is tegen koudere winterse omstandigheden. Dit komt door de rijke donzige bevedering, de been- en voetbevedering welke de tenen aan de buitenkant afdekken en door zijn relatief kleine kopversierselen (kam en kinlellen) die minder vatbaar zijn voor bevriezing. Ook zijn ze in staat om een wintervoorraad vet aan te leggen als ze daartoe de kans krijgen. Een groot misverstand is dat de been- en voetbevedering van de Brahma een belemmering zou zijn voor het welzijn van de dieren. Het tegengestelde is waar. Ze hebben het van nature meegekregen ter bescherming tegen koude, en geeft ze tevens de mogelijkheid om op sneeuw een beter draagvlak te hebben. Het is wel zo dat als deze voetbevedering overdreven wordt, dit een belemmering kan zijn bij het lopen. Het is een taak van de fokkers om dit niet te overdrijven. Bij Brahma's die een vrije uitloop hebben, dat wil zeggen die kunnen scharrelen, is de voetbevedering enigszins afgesleten. Bij de beoordeling op de tentoonstelling wordt hier ook rekening mee gehouden het is tevens ook een constatering van vitaliteit van de dieren.