Ik ben Mariska Roosink, en wij hebben thuis 2 Hollandse Herders Ruwhaar, en een Hollandse Smoushond. Ik ben nu het enigst kind in huis, want broer en zus wonen op zich zelf. Mijn moeder (Rita) is de eigenaar van de honden, zij is ook het meest thuis. Mijn vader (Johan) is vrachtwagen chauffeur.
Ik ga in Enschede naar school, en volg daar de opleiding Dierverzorging. Ik zit in het 3e jaar, van een 4 jarige opleiding. Ik heb gekozen om APK te gaan doen, dit betekent, Asiel, Pension en Kennel, dus alleen met honden en katten. Dit omdat deze dieren mij het meest aanspreken. Daarnaast heb ik als ik straks klaar ben, een diploma op zak, waarmee ik een eigen bedrijf kan beginnen, omdat er oa. manegement bij zit.
Veel plezier met het verkennen van mijn site!
Als u vragen heeft, kunt u altijd een email sturen. Kijk hiervoor onder 'contact'.
Groetjes Mariska Roosink
Hieronder vind u de rasbeschrijving van de Hollandse Herder Ruwhaar. Binnenkort komt hier ook een beschrijving van de Smous te staan!
De Hollander (ruwhaar)
Uiterlijke kenmerken:
Lichaam: de Hollandse herder is een middelgrote hond met een krachtige en evenredige bouw. Het lichaam is wat langer dan hoog. De rug is recht en kort en de lendenen zijn stevig. Het kruis is niet te kort of afvallend. De staart wordt neerwaarts hangend gedragen en kan een lichte buiging vertonen. De staart reikt tot het hielbeen. De ribben zijn stevig en licht gewelfd. De diepe borst is niet te smal. De schouders liggen schuin. De benen zijn krachtig, goed gespierd en geknookt en ze zijn recht. In de achterhand zijn de knie- en spronggewrichten matig gehoekt. De voeten zijn goed gesloten met gebogen tenen. Ze mogen niet lang zijn. De hals is droog en niet te kort.
Hoofd: de grootte van het hoofd staat in verhouding met lichaam. Het hoofd is geheel vrij van plooi- of rimpelvorming en de vorm ervan is eerder gestrek dan zwaar. Van opzij gezien loopt de rechte neusrug parallel aan de bovenschedel. Hollandse herdersshonden hebben weinig stop. De lippen sluiten goed aan. De hoog aangezette oren zij eerder klein dan groot en ze worden staand, naar voren gericht gedragen. De oren mogen niet lepelvormig ijn. De middelgrote ogen zijn amandelvormig en zijn enigszins schuin in het hoofd geplaatst. Hollandse herderhonden hebben een schaargebit.
Schouderhoogte: reuen hebben een schouderhoogte tussen de 57 en 62 centimeter en bij de teven is dit 55 tot 60 centimeter.
Vacht: er zijn drie verschllende soorten vachten. Ik beschrijf alleen die van de ruwhaar. Ruwhaar: de ruwharige hollandse herdershonden horen over het hele lichaam een dichte, harde en warrelige vacht te habben met wollig en dicht onderhaar. De boven- en onderlippen zijn flink behaard (snor en baard) en de wenkbrauwen zijn ruig en staangoed af. Een sterk ontwikkelde broek is gewenst en de staart is rondom sterk behaard.
Kleuren: de ruwhaar komt voor in zilver- en goudgestroomd, maar is daarnaast ook erkent in blauwgrijs en peper-en-zoutkleur.