Berlagextra


VAN TOEN... 

Hoe begon het allemaal?


                                                  

              De Jozef Israelskade in 1932 met de 'Berlage'

In 1924 werd op de P.L. Takstraat 33 de 2e Openbare Handelsschool opgericht. Deze school werd in 1937 omgedoopt tot de 2e H.B.S. A. In 1957 verhuisde de 2e H.B.S. B van het Roelof Hartplein naar de P.L.Takstraat en nam de ruimte in die voorheen door het Spinozalyceum werd bezet. De beide H.B.S-sen kregen in 1957 een andere naam: Comeniuslyceum. Tien jaar later, in 1967, werd de naam Berlagelyceum en een jaar later (Mammoetwet) veranderde deze in de Berlage Scholengemeenschap.



 

Viering van de verhuizing van de 2e H.B.S.B van het Roelof Hartplein met een wandeling naar de P.L.Takstraat waar de leerlingen een koffiemaaltijd kregen aangeboden.


 

 

Een Amsterdamse School

Het Berlage Lyceum is in feite dus al heel oud. Ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan gaf het Mr.Dr.M.Spaanderfonds een jubileumboek uit: Een Amsterdamse School. Het boek is een soort architecturele verkenning met een korte geschiedenis van de school. Oud-burgemeester en oud-leerling W.Polak schreef het voorwoord.  

De overige auteurs zijn Ger van Berlo, Herman Engering (de huidige rector van het Berlage Lyceum) en... Gerard Hunderman! 

(Waarschijnlijk heeft onze Hunderman bij het opperen van een titel voor dit boek moeten denken aan het gedicht 'de amsterdamse school' van Lucebert ). Het boekwerk bevat talrijke illustraties, heeft 44 pagina's en kost iets van € 10,-  Volgens niet goed ingelichte kringen is het boek ook op de Berlage verkrijgbaar. De opbrengst komt ten goede aan het Spaanderfonds.     ISBN 90-9013081-0 

Het gedicht van Lucebert is heel lang. Daarom hier alleen maar het eerste en vijfde couplet: 

in amsterdam stichtte ik een school genaamd / de bewaarschool voor schaamte en wanhoop / ik huurde de vliering van een onbew. verkl. woning / van een weduwnaar hoefsmid / voor 1 naakttekening p. w. / /[...] de 2de leerling / de zedekundig ontstoken alvleesklier / eens antiquairs / die voor antikerkse misdienaar studeerde / nog niet geslaagd vertoonde hij / in de zomer vertoonde hij in een besloten misdienarenkring / vertoonde hij zichzelf in een film / een porfilm / in een vuilschrijversfilm / gillend bespringend isabella van castilië / met het net niet natte vel / in een lekkend heelal van slagroom / liefde geeft ergernis en / vroom een kerstster          

Tot zo ver Lucebert. Heel eigentijds, vooral dat ‘lekkend heelal van slagroom’.

Lucebert (1924-1994)

 

 

Bruggetje over de Amstel

Het houten bruggetje over de Amstel was misschien wel pittoresk maar was (is!) in de winter een regelrechte ramp. Vooral wanneer het gevroren had en een ijslaag zich op de treden en de rest van de brug vastzette. Dan moest je heel goed uitkijken hoe je zonder te vallen - en jezelf hopeloos belachelijk bij je medeleerlingen te maken - aan de overkant kwam.

Maar waarom zo'n rare brug en waarom op zo'n onlogische plek?

Boudewijn Ruckert (kenner van de Rivierenbuurt) geeft het antwoord:
'In de jaren '60 bijvoorbeeld was er onenigheid over de bouw van een brug tussen de P.L. Takstraat en de Waalstraat. De mensen uit de Waalstraat wilden niet dat de mensen aan de overkant zich al te gemakkelijk in hun straat konden begeven. Zodoende werd in 1966 het houten bruggetje over het Amstelkanaal een stukje verderop aangelegd, bij de Paletstraat. Daar vormde het geen directe verbinding. Ik vind dit de lelijkste brug van De Pijp. Het is overigens de enige brug die onder beheer van het stadsdeel valt. Alle andere bruggen worden beheerd door de Dienst Openbare Werken. De mooiste brug ligt in de van Hilligaertstraat met beelden van Hildo Krop'.                           

                                     

De staat van het steen


Op verzoek van het gemeentebestuur maakte het Amsterdams Fonds voor de Kunst in 2001 een inventarisatie van bouwbeeldhouwkunst uit de jaren 1900- 1940. Kunstenaars als Hildo Krop - vanaf 1916 vaste medewerker van Publieke Werken -, Johan Polet, Jaap Kaas, John en Toon Rädecker en Hendrik van den Eijnde waren de Amsterdamse ‘stadsbeeldhouwers' in deze periode. Het rapport 'De staat van het Steen' geeft een overzicht van 352 beelden, beeldenreeksen en gebeeldhouwde versieringen aan bruggen, scholen, gebouwen en woningcomplexen.  

Opvallend was het voorstel om replica's te maken van de vier monumentale beeldengroepen van Hildo Krop aan de gevels van de schoolgebouwen van het Berlage Lyceum aan de Pieter Lodewijk Takstraat 33 en 34, omdat het tufstenen beeld was verweerd en tot in de kern was gescheurd. Tufsteen is een zachte steensoort en het werd gebruikt omdat het gemakkelijker te bewerken was. Door de poreusheid van het steen kon er water in de poriën komen dat bij vriezen uitzette en het steen deed verbrokkelen. Dat kunstenaars de zachtere steensoorten toch gebruikten had te maken met het feit dat het makkelijker te bewerken was. Ook was men toen nog niet bekend met de inwerking van het Nederlandse klimaat op de lange termijn. De Vier beeldengroepen van Hildo Krop nemen een belangrijke plaats in aan de gevels van de Berlage. Ze stellen groepen mensen voor, maar daarvan is niets meer van te herkennen.

Het rapport is aan te vragen bij Eva Middelhoff van het Amsterdams Fonds voor de Kunst (020-5200533). De projectleider van BMA is Joris Kwast (020-5524891). 

                          Originele beeldengroep van de Berlage                                               

                           

Monumentenlijst

Behalve de oud-leerlingen komen ook de gevelstenen van het Berlage voor op de monumentenlijst:

Omschrijving: Gevelstenen - Berlage Lyceum, P.L. Takstraat 34, Hildo Krop (1884-1970). Tufsteen, (6x) 70 x 40 x 30 cm. Jaar van plaatsing: 1924, Pieter Lodewijk Takstraat 34, Nieuwe Pijp.

Tussen de ramen van dit gebouw zitten zes gevelstenen. De stenen bevinden zich aan de gevel van het gebouw aan de zijde aan de Jozef Israëlskade. Ze gaven uitdrukking aan de functie van de school, de 1e Hogere Burger School, die hier oorspronkelijk gevestigd was.

Hildo Krop werkte vanaf 1916 voor de Dienst der Publieke Werken. Deze dienst was onder andere verantwoordelijk voor het ontwerp en het bouwen van gemeentelijke openbare gebouwen en bruggen die vaak versierd werden met toegepaste kunst. Hildo Krop heeft hier een groot aandeel in gehad.

 

 

Het houten bruggetje en de replica's van Hildo Krop

 

Hildo Krop

De naam van Hildo Krop zijn we al verscheidene keren tegengekomen. Krop was een zgn. bouwbeeldhouwer die eerst als communistische banketbakker zijn brood verdiende, vervolgens op verschillende plaatsen beeldhouwlessen volgde, waarna hij geruime tijd door Europa zwierf om gelijkgestemde geesten (sociaal-democraten, communisten en kunstenaars) te ontmoeten. In 1916 werd hij officieel als stadsbeeldhouwer aangesteld, een functie die hij de rest van zijn leven zou blijven uitoefenen.

Krop woonde vlakbij Artis en hij specialiseerde zich in sculpturen van dieren, vogels en mensen. Bekend is zijn massale Berlagestandbeeld op het Victorieplein in Amsterdam, dat in de jaren 1956-1966 tot stand kwam. Aan de zijkanten van de sokkel zijn een metselaar, een steigerbouwer, een beeldhouwer, een opperman en een tekenaar uitgebeeld, een eerbetoon aan de anonieme arbeiders, zonder wie het werk van Krop niet tot stand had kunnen komen. Burgemeester G. van Hall, die het beeld in december 1966 onthulde, sprak van een grote geestelijke en fysieke prestatie van de ruim tachtigjarige.



Hildo Krop (1884-1970)

Create a Free Website