Belevenissen van een Tuinkabouter

Click here to edit subtitle

29 september

 

 

De ballerina appelboompjes in de Hof der Zoetheid leveren krattenvol vruchten op.

Ze zijn niet groot, dus niet echt geschikt om "uit het vuistje" te eten. 

Ze leveren echter wel liters appelmoes op. Deze laat zich goed invriezen, dus ik kan er nog de hele winter van genieten......

 photo P1110013_zps12070013.jpg
26 september

 photo P1100346_zps4749a1c1.jpg

 

 

 

Deze springbalsemien weet niet van ophouden en bloeit van juli tot december.

Het is een plant die het met name in de schaduw goed doet en van ietwat vochtige grond houdt. Naast ons vijvertje is hij dan ook heel gelukkig.

Hij doet zijn naam alle eer aan: hij schiet zijn zaden tot zeker een meter ver weg. 

Dat maakt het oogsten er niet gemakkelijker op, maar zorgt er wél voor dat ik nooit zonder deze vrolijke doorzetter zit.

23 september

 

 

Deze dahlia, die ik jaren geleden zelf zaaide,  is oersterk en heeft al menig strenge winter overleefd.

Bovendien lijken zijn (vrij grote) bloemen sprekend op een windmolentje.

Juist in deze tijd van het jaar is dat heel waardevol, omdat al veel planten zich opmaken voor de winter (= er niet meer uitzien!).

 photo P1100358_zps7204584b.jpg
20 september
 photo P1100359_zpsb4f93d5a.jpg

 

 

 

 

In  al mijn tuinen is de klimmende winde een nagel aan mijn doodskist.

Hij is niet uit te roeien. En reken maar dat ik alles al heb geprobeerd!

Echter, als je even de andere kant opkijkt, zie je door de winde je border niet meer......

17 september

 

 

In de Hof der Zoetheid regeert op dit moment de kruisspin.

Er is altijd wel een web dat ik over het hoofd zie, en er zijn weinig dingen waar ik een grotere hekel aan heb dan een gezicht vol met spinrag.

Het op het eerste gezicht zo religieuze wezen blijkt echter een vraatzuchtig roofdier.

Vandaag mag ik toekijken hoe een fraaie waterjuffer ten prooi valt aan de vetste spin van deze eeuw. Geen fraai gezicht, op zijn zachtst gezegd.

Ook de waterjuffer is ook een nietsontziende rover, maar dan één die zijn uiterlijk mee heeft.

Hoet zat dat ook alweer met dat boontje en z'n loontje?

 

 photo Knipsel3_zpse2f61200.jpg
14 september

 photo P1110005_zps99d96f3c.jpg  photo P1110004_zps65f0189f.jpg

11 september

En weer zit ik vanochtend in de tram, net als zo vele ochtenden hiervoor. Alleen is het ditmaal niet Randstadrail lijn 2 richting Centraal Station maar een exemplaar uit 1910. Het verschil merkt je nauwelijks: net zo slaapverwekkend en net zo vertraagd.

Al sinds ik het boek “Kruistocht in Spijkerbroek” las, ben ik gefascineerd door het verschijnsel tijdreizen. Als het niet zo gecompliceerd was (wat gebeurt er als je per ongelijk doodgaat vóór je geboren bent?), zou ik het zó doen.

Gelukkig kunnen we ook terecht in het “werkend openluchtmuseum” te Beamish. Daar waan je je in 1820, of 1910, of 1940. Heel integer gemaakt, zonder effectbejag en zonder op een penny te kijken.

 photo P1100921_zpsd0a2ca41.jpg   photo P1100938_zps48ceb05b.jpg
 photo P1100952_zps4d670e73.jpg  photo P1100926_zpsce5056da.jpg
 photo 4_zps0e135d03.jpg
Hier dompelen we ons onder in de ontberingen van de wereldoorlog (ratsoenen en schuilkelders) en het boerenleven van tweehonderd jaar geleden. Ook zien we hoe het leven was tijdens de Belle Epoque, die bij nader inzien helemaal niet zo Belle blijkt. Als je arm was, werkte je in de kolenmijnen en ging je vroeg dood. Als je rijk was (en vrouw), kreeg je als bruidsschat een kunstgebit mee zodat je toekomstige echtgenoot nooit meer een tandartsrekening voor je hoefde te betalen. Het loonde dan ook zeer de moeite om een gegeven bruid in de bek (sorry, mónd!) te kijken. We blijven ons verbazen en amuseren ons kostelijk.

 photo 3_zpsb72b1ac6.jpg
 photo 2_zps6a3f1709.jpg
 photo Knipsel_zpsac7f341d.jpg
 photo Knipsel1_zps03cafb60.jpg

Vandaag en gisteren slapen we in een herberg waar ook Lewis Carol met enige regelmaat verbleef. Je kent hem vast wel, hij is de schrijver van Allice in Wonderland.

Net als Alice hebben wij af en toe het gevoel dat we in een konijnenhol zijn gevallen en op een plek zijn beland waar alles lijkt op wat we kennen, maar waar alles nét even anders is. Op een goede manier.

Helaas komt aan alle sprookjes een einde, en dus ook aan deze vakantie. Morgen gaan we weer naar huis, maar niet via een konijnenhol. Daar passen we dankzij alle scones en pork pies niet meer doorheen. Gelukkig gaat er ook een boot……

 photo P1100881_zps0681e547.jpg

10 september

Verdomde mist! Al die jaren aan het front en nóg is hij er niet aan gewend. Vindolanda. Edge of Empire. Vlakbij de muur tussen de beschaving en de barbaren aan het eind van de wereld.

Het gebeurt niet vaak meer maar nu, tijdens het wachtlopen in een nacht waaraan maar geen einde lijkt te komen, denkt hij aan zijn vroege kindertijd. De eerste jaren van zijn leven bracht hij door in Pompei, als telg van een rijk, oeroud patriciërsgeslacht. Als langverwachte en enige zoon ontbrak het hem aan niets. De herinnering is inmiddels net zo wazig als het landschap voor hem. Dertig jaar geleden is het dat aan dat luxe leventje een einde kwam omdat de goden hun ongenoegen over de stad uitstortten en zijn familie alles ontnamen dat zij eeuwenlang als volkomen vanzelfsprekend hadden beschouwd. Ja, ze hadden de ramp overleefd maar bezaten niets meer dan hun adelijke naam en de kleren die ze aanhadden. Verder geen nagel om hun kont mee te krabben. Terend op de zakken van verre familieleden. Hun stiekeme leedvermaak negerend. Hoe diep kun je vallen?

 photo P1100895_zps2987c8c5.jpg

Nog dieper dus, althans volgens zijn vader. Die had had voor hem een rijke erfgename op het oog. Aardig om te zien was ze heus wel, maar zó dom! Na een uur naar haar gekwetter geluisterd te hebben, was hij de dichtstbijzijnde kroeg ingevlucht. Om er een paar uur later ladderzat weer uit te rollen. Het duurde nog tot de volgende ochtend voordat hij zich realiseerde dat hij de nieuwste rekruut was in het alsmaar uitdijende Romeinse leger. Niet als officier (wat nog enigszins acceptabel was geweest) maar als voetsoldaat. Zijn vader onterfde hem dezelfde dag nog. Niet dat dat enig verschil maakte…..
 photo P1100914_zpsf825c272.jpg
Een avontuurlijk leven, dat was hem beloofd. Reizen, verre landen zien, een vast salaris en een net pensioen na 25 jaar dienst. Als je dat tenminste haalde. De officier in de kroeg wist het mooi te vertellen en “anywhere but here” leek op dat moment een prima bestemming. Over de zware trainingen, het wekenlang marcheren, het slechte eten en andere ontberingen was (toevallig!) met geen woord gerept. Dat anywhere, dat werd Gallië. Het legioen van de adelaar. En aan het soldatenbestaan en wisselvallige klimaat raakte hij uiteindelijk gewend. Tot hij niet beter meer wist.

En toen werd zijn legioen overgeplaatst. Niet naar Egypte of een ander exotisch oord, maar naar Brittannia. Een oord zó barbaars en koud dat je er (hoe vernederend!) ondergoed en sokken moet dragen. Grinnikend denkt hij terug aan aan het moment dat de eerste soldaten de muur in het zicht krijgen en, zich vergapend aan het drie man hoge gevaarte, vergeten verder te marcheren met volkomen chaos als gevolg. Hoe lang is dat inmiddels geleden? Is het echt al bijna tien jaar?

 photo P1100904_zpsd0e51899.jpg   photo P1100908_zpsbbc8f93f.jpg

Ongemerkt worden die tien jaar er vijftien en uiteindelijk achttien. Tegen de tijd dat het Gallisch legioen wederom wordt overgeplaatst (naar Egypte ditmaal), heeft hij er inmiddels 25 jaar opzitten en mag dus met pensioen. Carrière heeft hij nooit gemaakt, niet door gebrek aan talent maar door gebrek aan ambitie. Dat hij het toch nog tot centurion heeft geschopt heeft hij te danken aan zijn kwaliteiten tijdens de jacht waardoor hij altijd in de gratie bij de hogergeplaatsten is gebleven. Daarom kiest hij ervoor om in Brittannia te blijven, bij het gezin dat hij stichtte met een lokale dame van weinig woorden en genoeg gezond verstand om hem uit de kroeg te slepen vóór er ongelukken gebeuren.

Gaius Flavius Claudius is één van de eersten die dit doet, maar velen zullen zijn voorbeeld volgen. Terwijl in de volgende eeuwen het Romeinse rijk uit elkaar valt, vervagen hier de grenzen tussen beschaafd en barbaars. Maar al die tijd blijft de muur fier overeind staan, zo’n vierhonderd jaar lang. Pas als de Romeinse legioenen voorgoed vertrekken, valt ook de muur. Stukje bij beetje wordt hij verwerkt tot kerken, kloosters, huizen en stapelmuurtjes. Maar nog altijd is hij er, zij het kniehoog.

 photo P1100883_zps3700ffbc.jpg  photo P1100917_zps0af3510a.jpg

Vandaag, precies een jaar na ons bezoek aan Pompei, leren wij over weer een ander hoofdstuk in de complexe geschiedenis van het grootste rijk dat Europa ooit kende. In musea en in het veld. Is het écht al tweeduizend jaar geleden?

Als je een adelaar zou zijn, zou je kunnen zien hoe de muur nog steeds van oost naar west door het ruige landschap snijdt. Over bergen, door dalen en lang kliffen. En, dankzij Unesco en Gamma, zal dat voorlopig ook zo blijven……

 photo P1100887_zps020d5316.jpg 

9 september

 photo Knipsel7_zpsd9535f67.jpg

Beech Mount Country House, we overnachten op enig niveau, niet ver van Beatrix Potter’s Hill Top.
Onze drie ontbijttafelgenoten komen uit Japan. Ze reizen met bus en trein van Oxford naar Edinburgh, in tien dagen. Alleen het meisje durft Engels te praten en vertelt met enige trots dat ze het Vredespaleis in Den Haag onlangs heeft bezocht. Vandaag gaat ze met haar verlegen ouders voor de verandering een tochtje maken, per stoomtrein.

 photo Knipsel1_zpse1ad5f3b.jpg

Wij verlaten Windermere en doen, op z’n Japans, even de rest van Lake District National Park. Nee, dat is niet te doen natuurlijk. We beperken ons voornamelijk op de oostelijke helft. De weergoden zijn nog steeds met ons, de Cumbrian Mountains steken mooi af tegen het hemelblauw. Vulkanen en gletsjers maken mooie landschappen.
Thirlmere werd in 1890 met een dam afgesloten waardoor het dorp Wythburn ”verdronk”. De stad Keswick laten we voorlopig rechts liggen en volgen de witte weggetjes op de kaart. Ja, de kaart, véél romantischer.

 photo 7_zpsd088fd44.jpg

Derwentwater is een stuk wijdser. Het is zondag en menigeen zoekt een picknickplek aan de oever. Maar deze regio is ook in trek bij wandelaars en in Rosthwaite komen veel paden samen bij The Flock-In. Heerlijk uitzicht op de bergen van Borrowdale, met iets lekkers erbij natuurlijk.

 photo 6_zps5b726d62.jpg

Voor het ”ruigere werk” trekken we over de Honister Pass. Is dit Engeland?
Alle daken in de wijde omgev
ing van Buttermere moeten welhaast bedekt zijn met het leisteen dat op deze bult voor het oprapen ligt. De bomen rond Crummock Water vertonen al wat herfstkleuren, na elke bocht is het weer verleidelijk de camera te pakken.

 photo 9_zps20910387.jpg

Langs Bassenthwaite Lake rijdend komen we weer langs Keswick, dat we niet links laten liggen. Het is er nog gezellig druk als we voor de avond een broodmaaltijd inkopen.

Ik moet toegeven dat het een opsomming is geworden van plaatsen en meren, maar bij het Ullswater eindigt onze geweldige dagtocht. Zijn we echt nog in Engeland ?

 photo 1_zpsb40d92d4.jpg

Elm House, Pooley Bridge, Ullswater. Mark en Anne runnen dit guesthouse dat niet ver van het meer ligt. Nog mooier is het feit dat ze ook pannenkoeken of een heerlijk stukje kaas bij het ontbijt serveren, naast de gebruikelijke zware kost natuurlijk. Zo hebben we weer genoeg brandstof voor een stevige wandeling.

Met de stiptheid van een Japanse trein komt de Raven ons oppikken. Deze oude stomer vaart, sinds 1935 met dieselmotor, het Ullswater op en neer, en ergens halverwege gaan we aan wal in Howtown. Van een town is geen sprake, een handvol huisjes en dan nog op veilige hoogte van de waterlijn.

 photo 3_zpsd724e636.jpg

Maar daar komen we ook niet voor. We wandelen om Hallin Fell heen. We klimmen, heerlijk in het zonnetje, een beetje omhoog langs de flanken van de heuvel en kijken hoe een kanoër krassen maakt in het spiegelende water. Wanneer we even uitrusten trekken ”serieuze” wandelaars aan ons voorbij.

 photo 5_zpsc00b4226.jpg

Soms hebben ze tijd voor een praatje. Dan gaat het verbale logboek van hun tocht open: alle toppen die beklommen zijn, de geïmproviseerde bivak, het reisdoel, en tot slot een advies omtrent wandelstokken.
Die hebben we niet. En ook geen kapmes om ze te maken.

Het voetpad is al gauw niet meer als zodanig te herkennen. Langs de rand van het bos klauteren we over rotsen en dikke boomwortels. Anke zou liever vier benen hebben dan een wandelstok. Om wat meer armslag te hebben stop ik de camera terug in de rugzak. Dit vinden we eventjes niet leuk meer.
Toch weten we heelhuids een grazige weide te bereiken, de flesjes vul ik met Ulfr’s Vatn. (Ullswater). Nu halverwege, draaien we landinwaarts verder om Hallin Fell heen. Het uitzicht op de top is schitterend. Dat hebben we van horen zeggen, persoonlijk uittesten doen we het niet. Panorama’s genoeg om van te genieten.

 photo 4_zpse6d09454.jpg

“Gradually ascent across the fell for 250 yards, then pass true a gate at the top of a short flight of stone steps”. En zo gaat het verder, dwars door velden vol schapen. Inmiddels kunnen we de Herdwick van de Swaledale onderscheiden. De kleur van hun vacht, de vorm van de hoorns, enzovoorts. Wat ze vooral gemeen hebben zijn de uitwerpselen waar we doorheen stampen.

 photo 2_zps5a856710.jpg

Het laatste stuk gaat over een smal spoor, tussen hoge varens die zich opmaken voor de winter. En dan is daar het water weer en de aanlegsteiger van de Ullswater Steamers. De Western Belle brengt ons naar huis en in de Pooley Bridge Inn is het de rest van de avond heerlijk nagenieten.
 photo BK-DALEMAIN-025726_zps78d32995.jpg
-----------------

De laatste dag in het Lake District. Laten we nog iets cultureels doen!

Het landgoed van Dalemain is meer dan driehonderd jaar het thuis van de Hasell familie. Daarvóór was het al een bolwerk dat bescherming bood tegen de Schotten. “Let U vooral op de details van het handgeschilderde behang uit China en links ziet u het portret van de Earl of Bedford”.

  photo 2_zpsd59f95a7.jpg
 photo 1_zps748564e8.jpg
De official guide neemt ons mee door de middeleeuwse hal, Tudor slaaaaaapvertrekken en Georgian zitkamers. Maar hij is geestig en maakt, door het vertrouwen dat de huidige bewoners hem schenken, de rondleiding tot iets intiems.

Er stroomt een beekje langs het huis en achter de oude stallen ligt nog een mooie valei waar herten rondneuzen. Jane Hasell-McCosh, de vrouw des huizes, k
omt zelf nog een boeketje bij elkaar plukken in de tuin. Ik kan gerust wat gaan “helpen” met deadheaden.

 photo 1067794_zps4d749536.jpg  photo 2014_04_20_1440_zps41e0e85a.jpg
 photo 3_zpsac2e210d.jpg

We zijn nog een beetje nieuwsgierig naar het zuidelijke deel van het meer, waar Glenridding ligt. Er zijn wat meer hotels en winkels. Iets chiquer dan ons onderkomen aan het andere eind van wat misschien wel het mooiste meer van het Lake District is.

6 september

Het mag dan het jaar van het paard zijn, daar trekken ze zich in Cumbria niets van aan. Hier is het altijd het jaar van HET KONIJN. Inderdaad, met hoofdletters. Hoe anders is dat in Yorkshire, waar de wegen geplaveid lijken met het bont van deze vrolijke springers.
Dit is immers het land van Potter. Nee, niet die met dat brilletje maar die met penseel en waterverf. Beatrix Potter dus, een krappe eeuw geleden de best verkopende kinderboekenschrijfsters ooit. Ook nu nog gaat haar werk als zoete broodjes over de toonbank. Dat zie ik bij die andere Potter nog niet zo gauw gebeuren!

 photo Knipsel2_zps2f9f7534.jpg

Wij hebben ons kamp opgeslagen aan de rustige kant van Lake Windermere. Ook weer zo’n romantisch woord, net als de “evensong”.

 photo Knipsel9_zpsf1362f1e.jpg

 photo Knipsel4_zps82ce9bad.jpgMaar in dit geval dekt de vlag de lading niet. Of in ieder geval niet helemaal, want het plaatsje Windermere en zusterdorpje Bowness blijken een ware toeristenval. We schuifelen wat door de straatjes. Je kunt door de mensenmassa’s de kinderkopjes nauwelijks nog zien.
“Kinderkopjes”, wat een morbide uitdrukking – als je er even bij stilstaat. Net zoiets als de hier in iedere plaats van betekenis aanwezige “family butcher”. Familie-slager, dus, daar wil je ook liever niet over nadenken.

Maar ik dwaal af. We komen hier niet om te winkelen maar om de “Beatrix Potter Experience” te ondergaan. Een soort indoor themapark waarin allerhande scènes met alle beroemde figuren uit de door haar geschreven verhalen vierdimensionaal tot leven worden gebracht. De vierde dimensie komt in de vorm van geuren.
We vermaken ons kostelijk, ook al zijn we de enige niet-Chinese bezoekers zonder kinderen. Zelfs stoere Harry gaat onherroepelijk onderuit voor Peter Rabbit, Jemima Puddleduck en een hele menagerie aan egeltjes, muisjes, kikkers en wat niet al.
 photo Knipsel5_zpsc7226839.jpg
 photo Knipsel14_zps86ca4515.jpg  photo Knipsel13_zps0bfb04e0.jpg  photo Knipsel12_zps3096a511.jpg
 photo Knipsel6_zpsb0e42b42.jpg
Hiervan willen we natuurlijk bijkomen op een terrasje aan het water. Of waar dan ook, als het maar niet aan de snelweg ligt. We vinden er geen. Zelfs niet in het National Park Visitor’s Centre, waarvan ik de naam steeds al vergeten ben terwijl ik hem nog uitspreek.
We zijn al half gemummificeerd als we eindelijk het perfecte plekje hebben gevonden en we ons op bier, een kaasplateautje en appelsap kunnen storten. In een plaatsje dat Waterhead heet, hoe kan het ook anders…….

 photo Knipsel3_zps460a2c42.jpg

Het pittoreske dorpje Near Sawrey (en ja, er is ook een Far Sawrey!) blijkt ook de plek te zijn waar Beatrix verliefd op werd. Van de opbrengst van haar eerste boeken kocht ze er een cottage, Hill Top genaamd. Heel bijzonder voor een alleenstaande vrouw in die tijd. In de eerste jaren pendelde ze, zo vaak ze kon, met de trein op en neer van Londen naar hier. Na haar huwelijk kocht ze er nog een huis en ging daar wonen. Dorp en cottage zijn sinds haar overlijden nauwelijk veranderd. Trouwe fans kunnen nog veel gebouwen en vergezichten herkennen die in haar verhalen voorkomen. Hier komen we de échte Beatrix tegen.

 photo Knipsel2_zpsb84f1d8d.jpg  photo Knipsel1_zpsba1d9908.jpg
 photo Knipsel3_zpsd8d4770a.jpg  photo Knipsel15_zps34fa14cf.jpg  photo Knipsel17_zps9c394f0a.jpg

Hill Top is precies vier deuren van ons eigen onderkomen verwijderd. De pub is slechts drie huizen verder, maar daar kunnen we vanavond niet terecht voor onze portie pub-grub. Dus proberen we het nog een deur dichterbij, en dat levert een prachtige scène op:

- Kunnen we hier ook dineren, of is dit alleen een tearoom?
- Jazeker, dat kan. Welke avond had u in gedachten?
- Vanavond?
- Er wordt een grote, nogal lege, agenda geraadpleegd. Jazeker, we hebben nog plek. Hoe laat had u in gedachte?
- Eh, nu?
- De ober kijkt nu enigszins paniekerig. Hij moet het even navragen in de keuken. Het duurt even voor hij terugkomt. Maar, jazeker, er blijkt voldoende voedsel in huis te zijn om ons ook deze avond weer op de been te houden. En dat mogen we dan ook nog doen aan hun mooiste tafel bij het raam.

En zo kan het gebeuren dat we genieten van een geconfijte achterpoot van Jemima Puddleduck, een trio van Piglet Bland en een rilette van Peter Rabbit. Beatrix was vast vegetariër……..

 photo Knipsel10_zps550cc2ee.jpg

5 september

 photo Knipsel4_zps52393892.jpgHet is geel en het hangt aan de gevel: een ouwe fiets.

Nee, ik kan er ook niet om lachen, zelfs niet als de gevel wit met rode stippen is. Het is nu twee maanden geleden dat ‘s werelds grootste wielerevenement door Yorkshire trok, maar de gekte eromheen lijkt te zijn gebleven. Op de markt in Skipton liggen de kraampjes nog vol Tour de France memorabilia en op iedere kruising van de A65 wijzen de borden richting Paris. Boven Ye Olde Naked Man Cafè in Settle wapperen verschoten vlaggetjes en menig schaap heeft hier een gele trui moeten dragen, vrees ik.

Maar dan is het opeens over. We passeren het viaduct bij Ribblehead Station en rijden definitief het Yorkshire Dales National Park binnen. De lucht is grijs. De heuvels zijn grijs en leeg, de weg is leeg. De Ure stroomt voorbij vervallen boerderijen die, van dichtbij, dan toch bewoond en werkend zijn.

We hebben twee nachten geboekt in The Old Barn, wat staat ons te wachten?

 photo Knipsel8_zps4bf465dd.jpg
De weg wordt alsmaar smaller en slingert langs uit grijze keien opgetrokken gehuchten met namen als Marsett, Askrigg, Aysgarth en uieindelijk is daar Thoralds dorp, Thoralby. De oude schuur hoort bij de oude watermolen en is gelukkig geen bouwval. Om dat zo te laten, dienen alle uitsteeksels van de auto te worden ingeklapt om, onder de poort door, het erf op te draaien. John en Susan verhuren één kamer die heerlijk knus is. Het is net of we bij oom en tante op de Veluwe logeren, erg gezellig. Zwaluwen verzamelen zich voor de grote trek, en op de akkers rond Thoralby is men tot laat in de avond het hooi aan het binnenhalen. We slapen heerlijk door in de zwarte, stille nacht.

 photo Knipsel1_zpsc960371c.jpg
 photo Knipsel7_zps90e53fbc.jpg

De ochtend is fris en nevelig. De Wensley Dale ligt aan onze voeten. Die zijn in wandelschoenen gestoken met de bedoeling om het zoveelste Engelse cooked breakfast te helpen verbranden. De geheel onverzorgde voetreis heeft de watervallen van Aysgarth als middelpunt. Het pad begint bij St. Andrew’s Church, de deur is open en er speelt iemand piano. Dan straalt de zon opeens door de vensters, wat een sfeer! Het water van de Ure stroomt over drie plateau’s verder door de Dale. Pas als we wat verder van de onderste cascade weg zijn horen we de vogels weer, en de schapen. Heel veel schapen.

 photo Knipsel5_zps898aeac9.jpg

Eeuwenlang hebben mensenhanden steen op steen gestapeld om grenzen te vormen, een lijnenspel dat tot aan de heuveltop doorloopt. Met hier en daar een opening, uitstekende leistenen vormen een trap aan weerszijden van een houten hekje dat weer dichtvalt. Soms staat er een wegwijzer die alleen maar verwarring geeft. Zo volgen we het spoor door de velden. De zon ziet geen kans de nevels helemaal op te lossen, maar in de verte is Bolton Castle goed zichtbaar. Het was een heerlijke wandeling.

 photo Knipsel6_zpsdcc809dc.jpg

Om nog wat meer van de andere Dales te zien stappen we weer in de auto en rijden omhoog tussen de toppen van Pen-y-ghent en Buckden Pike. Een gebied dat nog maar net door de Vikingen lijkt te zijn verlaten. In Thoralby gaat de George Inn net open als we ”thuis” komen. Gastheer is de excentrieke Charles en zijn vrouw Becky komt pas uit de keuken tevoorschijn als onze buiken rond zijn gegeten. Vroeger waren er zelfs drie pubs in dit dorp. De George Inn heeft sinds 1733 haar gastvrijheid behouden. Gelukkig hoeven we maar een paar honderd yards naar beneden om in The Old Barn zo ons ledikant in te rollen.

 photo Knipsel2_zpsb4119ef8.jpg

Oom John en Tante Susan zwaaien ons uit. Na twee fijne dagen trekken we maar eens verder, van Bishop Dale naar Swale Dale, met opnieuw prachtig weer en dito landschap. Op het asfalt staan aanmoedigingen gekalkt als het weer eens stijl omhoog gaat. Zitten we weer op het parcours? In het plaatsje Muker nemen we op een terrasje met moeite afscheid van Yorkshire. We sparen onze krachten voor de Cumbrian Mountains, waar we immers óók willen pieken.
De finishlijn van deze heerlijke etappe ligt in een heel ander landschap. Straks maken we geen schijn van kans in de massasprint. Maar toch waren we even het peloton ontvlucht.

2 september

 photo sep02-6_zps1c673c02.jpg

De beroemde schulder Turner hield veel van Yorkshire. Hij maakte er in zijn leven twee grote reizen die maanden duurden. enners van zijn vroege werk hebben de plaatsen teruggevonden waar hij zijn schetsen en aquarellen maakte. Zijn onderwerpen staan veelal nog herkenbaar in het landschap. De ruïne van de St. Mary’s in York bijvoorbeeld. Op de plek waar Turner een schets maakte is nu een kopie van zijn werk te zien. Het zal rond 1830 zijn geweest. Bestond de Royal Horticultural Society toen al? We bezoeken de RHS tuin van Harlow Carr. Dit betekend dat ik mijn liefste me direct kwijt is, met een beetje pech tot kort voor sluitingstijd. Hij kraakt daarom een bankje in de zon en komt er niet meer vanaf.

 photo sep02-14_zpsec1ac453.jpg
 photo sep02-8_zps85b7977e.jpg
 photo sep02-9_zpsb053c6ab.jpg
 photo sep02-11_zps0d660943.jpg
 photo sep02-13_zps1e3d31e4.jpg
 photo sep02-5_zpsc8c8fa30.jpg
 photo sep02-12_zpsf735825e.jpg

Als we 's avonds door de keurige straten van Harrogate wandelen, menen we Turner de (in zijn tijd) pas geopende Royal Baths Assembly Rooms te zien binnengaan. Victoriaans kuren met een glaasje bronwater uit de Royal Pump Room. Een wijntje teveel, misschien?

 photo sep02-1_zps4ba2a3bd.jpg
 photo sep02-15_zps4f3cdef4.jpg
 photo sep02-16_zpscd5dfdc2.jpg photo sep02-10_zps58b01b57.jpg


De volgende dag herhaal ik mijn verdwijntruc, maar dan in een andere tuin. Namelijk die van Newby Hall. Vakkundig neem ik de herbaceous borders onderhanden.

Daarna dwalen we rond in het grote huis van de familie Compton. Ogen van voorouders volgen ons door de met gobelins behangen vertrekken. De beste Chippendale meubels nodigen uit om in de bibliotheek wat te lezen, maar daarachter ontwaren we een rare verzameling oud-romeinse ”souvenirs”. Iedere deur in dit huis heeft een andere deurklopper. Daarnaast verzamelde men ook nog glazen wandelstokken, eindexamenproducten van leerling-glasblazers uit de regio.
 photo sep02-7_zpsa99beefd.jpg photo sep02-3_zps16a04273.jpg

 photo sep02-4_zpsae27a13b.jpg
 photo sep02-2_zps46dbdde6.jpg

In de grote hal ligt het gastenboek, met de complimenten van Charles&Camilla. De Queen Mum logeerde soms maanden in haar favoriete kamer, met uitzicht op de tuin. Boven, in een geweldige biljartkamer, staat iemand voor het raam. Het is Turner. Hij staart in de verte, zoekende. "Zullen we een potje snookeren?” ”Turner?”

Welcome

Newest Members